Conclusie AG. Opzettelijke belediging van de echtgenote van de koning (art. 112 Sr (oud)/art. 266 jo 267 Sr). Legaliteitsbeginsel, verbod terugwerkende kracht. Is de bewezenverklaring gebaseerd op een strafbepaling die ten tijde van de strafoplegging reeds was komen te vervallen?
Wetboek van Strafrecht
Art. 1 Sr
Genoemd in 718 uitspraken · Officiële wettekst
718 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 12 · live
Veroordeling tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 jaar voor medeplegen van de wederrechtelijke vrijheidsberoving als misdrijf tegen de menselijkheid van slachtoffer 1; voor medeplichtigheid aan de daaropvolgende foltering en de marteling (als misdrijf tegen de menselijkhe
Veroordeling voor gewoontewitwassen (feiten 1, 2 en 3) en valsheden in geschrift (feiten 4 en 5). Het witwassen bestond uit contante geldstromen (kasopstelling), overboekingen uit Turkije en uit de aankoop van een groot aantal onroerende goederen. De witgewassen gelden en goedere
Conclusie AG. Medeplegen schending geheimhoudingsplicht (art. 272 Sr). Verdachte en medeverdachte hebben Bibob-advies over verdachte verstrekt aan journalist. Klachten tegen verwerping beroep op n-o OM (wegens ontbreken klacht), de bewezenverklaring, de bewijsvoering en de kwalif
Conclusie AG. Medeplegen van gewoontewitwassen (art. 420ter Sr), medeplegen van opzettelijke overtreding van art. 2:3a Wft, meermalen gepleegd en medeplegen van opzettelijke overtreding van art. 3 Wet inzake geldtransactiekantoren, meermalen gepleegd. 1 t/m 5. Afwijzing getuigenv
Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het plegen van ontuchtige handelingen en het seksueel binnendringen van iemand beneden de zestien jaar.
De rechtbank Den Haag heeft zeven verdachten veroordeeld voor hun aandeel in het plaatsen en beheren van illegale gokzuilen in horecagelegenheden en winkels. Door deze gokzuilen behaalden ze substantiële winsten. Dat gebeurde in een periode van april 2017 tot april 2018 in onder
Incident tussen verdachte en journalist. Sprake van ‘dwang’ in de zin van artikel 284 van het Wetboek van Strafrecht? De politierechter heeft verdachte veroordeeld. Het hof spreekt verdachte vrij. Geen sprake van een ernstige aantasting van de persoonlijke vrijheid.
Conclusie AG. Art. 6 WVW 1994. Dodelijke aanrijding met fietsster. Falende middelen over bewezenverklaring, toepassing strafverzwarende bepaling en constatering overschrijding redelijke termijn in eerste aanleg. Conclusie strekt tot verwerping van het cassatieberoep (art. 81.1 RO
Conclusie AG. Rechtsgeding tot herkenning van veroordeelden of van andere gevonniste personen, art. 579 e.v. (oud) Sv, vervallen per 1-1-2020. Verandering van procesrecht, geen overgangsbepaling. Hoger beroep is ingesteld vóór 1-1-2020. Hof verklaart de aangehoudene n-o in het h
Profijtontneming, w.v.v. uit medeplegen invoer van cocaïne en uit soortgelijke feiten. Methode van eenvoudige kasopstelling, art. 36e.2 Sr. Gepubliceerd naar aanleiding van arrest Hoge Raad.
Profijtontneming, w.v.v. uit medeplegen invoer van cocaïne en uit soortgelijke feiten. Ontnemingszaak, kasopstelling. Gepubliceerd naar aanleiding van arrest Hoge Raad.
Conclusie AG. Huurmoord in Almere in 2015. Medeplegen van moord (art. 289 Sr), eendaadse samenloop van brandstichting (art. 157 Sr) en beschadiging (art. 350 Sr), medeplegen van opzetheling (art. 416 Sr). M1a: Bewijsklachten medeplegen brandstichting en beschadiging. M1b: Bewijsk
Conclusie AG. Verdachte (een politieman) veroordeeld wegens poging tot doodslag. Middelen over (1) voorwaardelijk opzet en (2) niet toepassen art. 372 Sr met een beroep op art. 1.2 Sr (lex mitior). Volgens AG falen beide middelen. Wat het tweede middel betreft is de AG van oordee
Conclusie AG. Smaadschrift en belediging. Uitingen in YouTube filmpje en e-mails waarin de politie en politieambtenaren o.m. corrupt worden genoemd. Falend middel gericht tegen verwerping verweer gegrond op art. 10 EVRM, art. 261 lid 3 Sr en 266 lid 2 Sr (publieke debat). Ambtsha
Conclusie AG. Diamantroof op Schiphol in 2005. Falende klachten over gebruik uitlatingen in WOD-traject en OVC-gesprekken voor bewijs, over strafmotivering en over bewezenverklaring voorhanden hebben van vuurwapen, munitie en explosieven. Slagende klacht over redelijke termijn va
Conclusie AG. Profijtontneming.
Conclusie AG. Profijtontneming.
Conclusie AG. Liquidatiezaak. Veroordeling tot 10 jaar gevangenisstraf wegens medeplegen van voorbereiding van medeplegen van moord, meermalen gepleegd. zes middelen, over (M1) afwijzing getuigenverzoek, (M2, M3 en M4) gebruik Ennetcom-data, (M5) redelijke termijn en (M6) de stra
Conclusie AG. Profijtontneming (n.a.v. art. 10a Ow en 140 Sr). Voor zover hof bij vaststelling wederrechtelijk verkregen voordeel toepassing heeft willen geven aan art. 36.2 (oud) Sr is oordeel hof “dat de betrokkene zich in de periode voorafgaand aan de bewezen verklaarde period
Conclusie AG. Profijtontneming (n.a.v. Opiumwetdelicten). Oordeel hof dat voldoende aanwijzingen dat soortgelijke feiten door de betrokkene zijn begaan in de zin van artikel 36e lid 2 (oud) Sr kunnen worden ontleend aan het uittreksel uit de justitiële documentatie d.d. 15 septem
Conclusie AG. 11 Samenhangende zaken. Middelen in de diverse zaken bevatten klachten over o.a. verwerping 359a Sv-verweer, bewijsklachten (gewoonte)witwassen, valsheid in geschrift, diefstal en sociale zekerheidsfraude, alsmede over de verbeurdverklaring van enkele voorwerpen. Aa
Conclusie AG. 11 Samenhangende zaken. Middelen in de diverse zaken bevatten klachten over o.a. verwerping 359a Sv-verweer, bewijsklachten (gewoonte)witwassen, valsheid in geschrift, diefstal en sociale zekerheidsfraude, alsmede over de verbeurdverklaring van enkele voorwerpen. Aa
Conclusie AG. Ontuchtzaak rondom zorginstellingen De Neshoeve en Hoeve Jedidja. De verschillende in cassatie opgevoerde klachten leiden naar het oordeel van de AG niet tot cassatie, m.u.v. het aantal toe te passen dagen gijzeling m.b.t. de opgelegde schadevergoedingsmaatregelen.
Conclusie AG. Profijtontneming na o.a. illegale vuurwerkhandel. Hof heeft ten onrechte niet art. 36e (oud) Sr toegepast zoals dit gold ten tijde van de strafbare feiten waarvoor betrokkene is veroordeeld terwijl ook niet uit de overwegingen van het hof blijkt dat (alsnog) aan de