Palm Invest. Strafbaarheid bewezenverklaarde. Art. 5:2 Wet op het financieel toezicht (Wft) en art. 1 sub 2 WED. In de periode van 1 aug tot 1 juli 2011 ontbrak in art. 1 sub 2 WED een verwijzing naar art. 5:2 Wft. De klacht stuit af op art. XII van de Wet wijziging boetestelsel
Wetboek van Strafrecht
Art. 1 Sr
Genoemd in 718 uitspraken · Officiële wettekst
718 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 5 · live
Cassatie vd: 81.1 RO. Cassatie OM. Art. 1.2 Sr en 36f.1 Sr. Ovar en tbs met verpleging van overheidswege. Geen schadevergoedingsmaatregel. Verandering in de regels van sanctierecht. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2004: AO3233. HR: art. 36f.1 Sr houdt m.i.v. 1 januari 2014 in dat de in di
Op de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
Klimop. Veroordeling tot een gevangenisstraf voor de duur van twee jaar. Verwerping verweer nietige dagvaarding inzake art. 140 Sr (criminele organisatie). Verwerping verweren niet-ontvankelijkheid openbaar ministerie en bewijsuitsluiting die zien op de onmogelijkheid om nog enig
Dadelijk uitvoerbaar, art. 14e.1 Sr. Gevaar vereiste. De invoering van deze regeling kan niet worden aangemerkt als een wijziging van wetgeving t.a.v. de strafbaarstelling of strafbedreiging, vgl. HR 27 augustus 2013, ECLI:NL:HR:2013:493. De motivering van het Hof is niet toerei
Vordering tul. Omzetting eerder voorwaardelijk opgelegde vrijheidsstraf ex art. 14g.2 Sr in een taakstraf? Art. 22b Sr. Bij wet van 17 november 2011 tot wijziging van het WSr i.v.m. het beperken van de mogelijkheden om een taakstraf op te leggen voor ernstige zeden- en geweldsmis
1. Smaadschrift. Tll. van “bepaalde feiten” a.b.i. art. 261 Sr. 2. Voorwaardelijke veroordeling met algemene voorwaarde, wijziging van art. 14c Sr. Ad 1. De HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit ECLI:NL:HR:2009:BI1171. Het oordeel van het Hof dat verdachte de eer en de goede
Krakers-zaak. 1. Huisrecht. 2. Art. 429sexies Sr (vervallen), “gebruik door de rechthebbende”. Ad 1. De omstandigheid dat een beroep op het huisrecht niet behoeft af te stuiten op de enkele omstandigheid dat degene die zich daarop beroept nog slechts (zeer) kort tevoren zijn intr
Stuiting van de verjaring van het recht tot strafvordering. In geval van verandering van wetgeving m.b.t. de verjaring geldt naar hedendaagse rechtsopvatting in strafzaken als uitgangspunt dat deze verandering direct van toepassing is, met dien verstande dat een reeds voltooide v
Straftoemeting. LOVS-oriëntatiepunten, richtsnoeren Haarlemse rechtbank. Art. 7 EVRM en art. 15 IVBPR. Niet gezegd kan worden dat het Hof een zwaardere straf heeft opgelegd dan ten tijde van het begaan van het feit “van toepassing” was.
1. Verjaring. Art. 244 (oud) Sr. 2. Oplegging schadevergoedingsmaatregelen. Ad 1. Nu het onderhavige misdrijf volgens de tenlastelegging is begaan vóór de inwerkingtreding van de Wet verjarings- en klachttermijnen zedendelicten (Stb. 1994, 529) is de verjaringstermijn aangevangen
Bekentenis a.b.i. art. 359.3 Sv. HR herhaalt relevante overwegingen t.a.v. een bekentenis a.b.i. art. 359.3 uit HR LJN AX5776. Nu de verklaring van verdachte niet alle onderdelen van het bewezenverklaarde betreft - zij houdt niet in dat verdachte erkent dat zijn opzet t.t.v. het
-
-
-
Vordering tot cassatie in het belang der wet m.b.t. de vraag of het voorschrift van art. 38.3 Sr, inhoudend dat naast TBS met voorwaarden maximaal vijf jaar gevangenisstraf mag worden opgelegd, ook gevolgen heeft voor de mogelijkheid om bij een volgende berechting een gevangeniss
Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het bezit van kinderporno. Jeugdstrafrecht. Aan hem wordt opgelegd een voorwaardelijke werkstraf van 60 uur met een proeftijd van 2 jaar. Aan de proeftijd zijn bijzondere voorwaarden gekoppeld.
Onderzoek 26DeSoto. Rechtbank legt levenslange gevangenisstraf op voor het medeplegen van twee oorlogsmisdrijven, plundering en vernietiging, en voor het medeplegen van genocide jegens de Tutsi-bevolking in Mbazi, Rwanda in april 1994. Vrijspraak voor opruiing tot genocide wegens
Conclusie AG. Schending ambtsgeheim, poging verleiding minderjarige tot ontucht en aanbieden pornografie aan zestienminner. M1 klaagt over motivering schending ambtsgeheim. M2 en M3 klagen over anonimisering slachtoffer zedenfeiten in bewezenverklaring en verwerping ingenomen UOS
Conclusie AG. OM-cassatie. Verandering van wetgeving ten gunste van de verdachte als gevolg van inwerkingtreding van de Wet seksuele misdrijven? Middel komt op tegen beslissing tot n-o verklaring van de officier van justitie in de strafvervolging wegens verjaring, op de grond dat
De rechtbank veroordeelt verdachte tot een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 4 weken en een taakstraf voor de duur van 80 uren voor het plegen van ontuchtige handeling met iemand beneden de zestien jaren door het slachtoffer onverhoeds bij haar borst te grij
De rechtbank veroordeelt verdachte voor twee zaken van feitelijke aanranding van de eerbaarheid, terwijl de schuldige het feit begaat tegen zijn minderjarige ondergeschikte, meermalen gepleegd. Van de derde zaak wordt verdachte vrijgesproken. Opgelegd wordt: een gevangenisstraf v
Overheidsprivaatrecht. Strafrecht. Procesrecht. Verhaal ontnemingsmaatregel op derde ex art. 94a en art. 6:4:4 Sv. Overgangsrecht bij art. 94a leden 4 en 5 Sv. Toepassing op feiten uit verleden i.s.m. art. 1 EP EVRM? Art. 87 lid 3 Rv. Passeren bewijsaanbod wegens onvoldoende gemo
Veroordeling voor overtredingen van de EVOA, ter zake van de overbrenging van een tweetal schepen naar een sloopwerf in Turkije. Bevat overwegingen over het toepasselijke juridisch kader, het begrip ‘afvalstof’ en het moment waarop sprake is van een voornemen tot overbrenging. Da
Veroordeling voor overtredingen van de EVOA, ter zake van de overbrenging van een tweetal schepen naar een sloopwerf in Turkije. Bevat overwegingen over het toepasselijke juridisch kader, het begrip ‘afvalstof’ en het moment waarop sprake is van een voornemen tot overbrenging. Da