Cassatie in het belang der wet. Art. 1.2 Sr. EHRM Scoppola. De HR vat rechtspraak samen over art. 1.2 Sr. De HR ziet aanleiding zijn rechtspraak aan te scherpen wat betreft veranderingen in regels van sanctierecht. Voor die regels, die zowel het specifieke strafmaximum als meer a
Wetboek van Strafrecht
Art. 1 Sr
Genoemd in 718 uitspraken · Officiële wettekst
718 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Recht tot tenuitvoerlegging van veroordeling tot vervangende hechtenis vervallen (art. 70 eerste lid, 76 en 326 Sr)? Verandering van wettelijke regeling van verjaring direct van toepassing, met dien verstande dat een reeds voltooide verjaring wordt geëerbiedigd. Of het recht tot
-
Profijtontneming. 1. Art. 511g.2 en art. 359.3 Sv. 2. Art. 36e.7 Sr hoofdelijke aansprakelijkheid. Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2013:BT6251 en ECLI:NL:HR:2007:BA0424. De door het Hof gevolgde werkwijze voldoet aan de eisen die door de HR zijn gesteld. V
Profijtontneming, w.v.v. uit marktplaatsoplichting. Art. 1.2, 36e.8 (oud) en 36e.9 Sr. In strafzaak onherroepelijk toegewezen vorderingen b.p. niet in mindering gebracht op schatting w.v.v. en opgelegde betalingsverplichting. Terecht toepassing gegeven aan nieuwe regeling van art
OM-cassatie.1. Verjaring. 2. Motivering vrijspraak. Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2010:BK1998. In geval van verandering van wetgeving m.b.t. de verjaring geldt naar hedendaagse rechtsopvatting in strafzaken als uitgangspunt dat deze verandering direct va
Dadelijk uitvoerbaar, art. 14e.1 Sr. Gevaar vereiste. De invoering van deze regeling kan niet worden aangemerkt als een wijziging van wetgeving t.a.v. de strafbaarstelling of strafbedreiging, vgl. HR 27 augustus 2013, ECLI:NL:HR:2013:493. De motivering van het Hof is niet toerei
Profijtontneming. 1. Afwijzing getuigenverzoeken. 2. Art. 36e.7 Sr hoofdelijke aansprakelijkheid. Ad 1. Art. 418.1 Sv. Onjuiste maatstaf. HR wijst voorts op de herstelmogelijkheid a.b.i. ECLI:NL:HR:2013:2056. Ad. 2. Art. 36e.7 Sr houdt een wijziging van wetgeving in t.a.v. de toe
1. Smaadschrift. Tll. van “bepaalde feiten” a.b.i. art. 261 Sr. 2. Voorwaardelijke veroordeling met algemene voorwaarde, wijziging van art. 14c Sr. Ad 1. De HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit ECLI:NL:HR:2009:BI1171. Het oordeel van het Hof dat verdachte de eer en de goede
Feitelijke leiding geven aan bedrieglijke bankbreuk begaan door rechtspersoon, meermalen gepleegd (art. 341 (oud) jo. art. 51 Sr) en als bestuurder van rechtspersoon, welke in staat van faillissement is verklaard, wettelijk opgeroepen tot geven van inlichtingen, zonder geldige re
Profijtontneming. Vermogensvergelijking. 1. Verzoek tot horen van getuigen ivm schatting wederrechtelijk verkregen voordeel dmv vermogensvergelijking. 2. Geen toepassing vervangende hechtenis voor feiten gepleegd voor 1-3-1993 ivm invoering lijfsdwang per 1-9-2003. ook niet ogv a
-
Vordering tot het verlenen van verlof tot tenuitvoerlegging van lijfsdwang als bedoeld in art. 577c Sv in verband met het uitblijven van betaling aan de Staat van een bedrag ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. De HR zet het wettelijk en verdragsrechtelijk kader
Conclusie AG. Middelen over (i) het bewijs van verduistering in dienstbetrekking, art. 322 Sr en (ii) omzetting van de aan schadevergoedingsmaatregel verbonden vervangende hechtenis in gijzeling. De AG bespreekt de opeenvolgende wetswijzigingen van art. 88 Sr en de gevolgen daarv
Economische zaak. Rookverbod. Tabakswet. Vervolg op HR LJN BK8211. Ambtshalve beoordeling HR: Het Besluit van 14 juni 2011, Stb. 337 is op 6 juli 2011 in werking getreden. HR herhaalt HR LJN BP6878 m.b.t. de betekenis van art. 1.2 Sr. Indien het vloeroppervlak minder is dan 70m2
Oplegging schadevergoedingsmaatregel mogelijk bij schuldigverklaring zonder oplegging van straf. Art. 36f Sr en art. 9a Sr. Gelet op de wetsgeschiedenis moet art. 36f.1 Sr worden gelezen alsof de woorden “tot een straf” daarin niet voorkomen.
Conclusie AG. Politiemol Mark M. Schending van het ambtsgeheim en computervredebreuk door als politieambtenaar gegevens op te zoeken in computersystemen van de politie en te verstrekken aan onbevoegde derden, art. 272 en 138ab Sr. Kan het geautoriseerd inloggen door de verdachte
Conclusie AG. Veroordeling voor moord op zakenman. Cassatiemiddelen verdachte over o.m. de afwijzing van verzoeken tot het verrichten van nader (DNA-)onderzoek, de bewezen verklaarde feiten en de voorbedachte raad slagen volgens de AG niet. De AG gaat ambtshalve in op de vraag of
OM-cassatie. Artt. 1.2, 38d en 38e Sr. ’s Hofs oordeel dat art. 38e (nieuw) Sr van toepassing is op de aan verdachte op te leggen TBS is juist. O.g.v. art. 38d.1 Sr geldt de - door de opleggingsrechter op te leggen - TBS voor de tijd van 2 jr, te rekenen van de dag waarop de rech
Art. 1.2 Sr. De HR herhaalt de relevante overwegingen over art. 1.2 Sr van HR LJN BP6878. Uit de wetsgeschiedenis volgt dat aan de wijziging van de algemene verplichting tot het doen van een eerstedagsmelding als bedoeld in art. 58.2 (oud), Wet structuur uitvoeringsorganisatie we
OM-cassatie. Verjaring. Art. 70 Sr. Verlening verjaringstermijn bij overtredingen van 2 naar 3 jaar. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2010:BK1998. Het uitgangspunt dat ingeval van verandering van wetgeving m.b.t. de verjaringstermijn deze verandering direct van toepassing is, met dien vers
Conclusie AG. Middel over toepassing kwalificatie-uitsluitingsgrond bij witwassen. In vaststellingen van het hof ligt besloten dat de gedragingen van de verdachte gericht zijn geweest op het daadwerkelijk verbergen of verhullen van de criminele herkomst van de geldbedragen die hi
OM-cassatie. Duur proeftijd. Art. 14b.2 Sr. HR: ‘s Hofs oordeel dat i.c. niet is voldaan aan de in art. 14b.2 Sr genoemde voorwaarde dat ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de veroordeelde wederom een misdrijf zal begaan dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor d
Conclusie AG. Profijtontneming. Klachten (en beschouwingen) over het ontnemen van voordeel dat (ogenschijnlijk) onder een rechtspersoon is gevallen aan een natuurlijke persoon. Heeft hof toereikend geoordeeld dat het voordeel van een rechtspersoon bij de economisch eigenaar kan w
Opzettelijke belediging van echtgenoot van Koning, art. 112 (oud) Sr. 1. Verandering van wetgeving, art. 1.2 Sr. Gewijzigd inzicht a.b.i. art. 1.2 Sr door vervallen van art. 112 (oud) Sr? 2. Strafmotivering (gevangenisstraf van 1 dag en taakstraf van 40 uren). Heeft hof bij straf