Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het meermalen overtreden van het verbod dat hem is opgelegd krachtens artikel 2:1g APV Leeuwarden. De rechtbank ziet zich gesteld voor de vraag op welk voorschrift de gebiedsverboden die aan verdachte zijn opgelegd, zijn gebaseerd. De rec
Wetboek van Strafrecht
Art. 184 Sr
Genoemd in 332 uitspraken · Officiële wettekst
332 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 9 · live
artikel 124 Wetboek van Strafvordering
Diefstal en ongewenst vreemdeling
Deelneming aan samenscholing, art. 2.2 APV Amsterdam 2008. 1. Deelneming. 2. Kwalificatie van het bewezenverklaarde als “overtreding van art. 2.2 lid 3 van de APV Amsterdam 2008 en overtreding van art. 2.2 lid 1 van de APV Amsterdam 2008”. Ad 1. De term “deelnemen” komt binnen de
Deelneming aan samenscholing, art. 2.2 APV Amsterdam 2008. 1. Deelneming. 2. Kwalificatie van het bewezenverklaarde als “overtreding van art. 2.2 lid 3 van de APV Amsterdam 2008 en overtreding van art. 2.2 lid 1 van de APV Amsterdam 2008”. Ad 1. De term “deelnemen” komt binnen de
Deelneming aan samenscholing, art. 2.2 APV Amsterdam 2008. 1. Deelneming. 2. Kwalificatie van het bewezenverklaarde als “overtreding van art. 2.2 lid 3 van de APV Amsterdam 2008 en overtreding van art. 2.2 lid 1 van de PV Amsterdam 2008”. Ad 1. De term “deelnemen” komt binnen de
Deelneming aan samenscholing, art. 2.2 APV Amsterdam 2008. 1. Deelneming. 2. Kwalificatie van het bewezenverklaarde als “overtreding van art. 2.2 lid 3 van de APV Amsterdam 2008 en overtreding van art. 2.2 lid 1 van de APV Amsterdam 2008”. Ad 1. De term “deelnemen” komt binnen de
Een verdachte is niet zonder meer verplicht mee te werken aan identiteitsvaststelling met behulp van een BV-I.D.-zuil. Aan verdachte is, naast het weigeren van medewerking aan een ademanalyse, het verlaten van de plaats van het ongeval en verboden wapenbezit, ten laste gelegd dat
Beklag artikel 12 Sv. Bevel tot vervolgen tzv belediging van klager, een douanier. Afwijzing van de klacht tzv belemmering van ambtenaar in functie (art 184 Sr), gelet op de beoordelingsmarge van het OM tav bescherming openbaar gezag.
Verblijfsverbod dealers, art. 2.9A, eerste lid, APV Amsterdam 2008. Reikwijdte van de voor een “verblijfsverbod dealers” vereiste “antecedenten” op het gebied van handel in drugs of daarop gelijkende waar. De opvatting dat een bevel a.b.i. art. 2.9A, eerste lid, APV Amsterdam 200
Ontruiming Passeerdersgracht. Verweren: innerlijke tegenstrijdigheid tll, ontvankelijkheid OM (détournement de pouvoir, gelijkheidsbeginsel, verbod van willekeur), inhoudelijke verweren. Bewezenverklaring niet opvolgen bevel en verstoring openbare orde.
artikel 124 Wetboek van Strafvordering
Ontruiming Passeerdersgracht. Verweren: innerlijke tegenstrijdigheid tll, ontvankelijkheid OM (détournement de pouvoir, gelijkheidsbeginsel, verbod van willekeur), inhoudelijke verweren. Bewezenverklaring niet opvolgen bevel en verstoring openbare orde.
Ontruiming Passeerdersgracht. Verweren: innerlijke tegenstrijdigheid tll, ontvankelijkheid OM (détournement de pouvoir, gelijkheidsbeginsel, verbod van willekeur), inhoudelijke verweren. Bewezenverklaring niet opvolgen bevel en verstoring openbare orde.
Ontruiming Passeerdersgracht. Verweren: innerlijke tegenstrijdigheid tll, ontvankelijkheid OM (détournement de pouvoir, gelijkheidsbeginsel, verbod van willekeur), inhoudelijke verweren. Bewezenverklaring niet opvolgen bevel en verstoring openbare orde.
Ontruiming Passeerdersgracht. Verweren: innerlijke tegenstrijdigheid tll, ontvankelijkheid OM (détournement de pouvoir, gelijkheidsbeginsel, verbod van willekeur), inhoudelijke verweren. Bewezenverklaring niet opvolgen bevel en verstoring openbare orde.
Het Hof heeft beslist dat de toegewezen vordering b.p. vermeerderd dient te worden met de wettelijke rente vanaf de in het arrest genoemde datum tot aan de dag der algehele voldoening. Nu het vonnis van de Rb niet een toewijzing inhoudt van de door de b.p. in e.a. gevorderde verg
Vervolg op ECLI:NL:HR:2012:BX4998. Art. 184 Sr en art. 447e Sr. V.zv. het middel betoogt dat het Hof zijn oordeel dat art. 447e Sr niet heeft te gelden als specialis van art. 184 Sr niet heeft gemotiveerd, faalt het bij gebrek aan feitelijke grondslag. Het middel dat steunt op de
Art. 184.1 Sr. Blijkens de bewezenverklaring is een “onbekend gebleven persoon als verdacht van overtreding van art.184 Sr” op heterdaad aangehouden. De in het kader van deze aanhouding verrichte handelingen zijn ondernomen ter uitvoering van het in art. 53 Sv bepaalde. De tll.
HR: art. 81.1 RO.
Negeren ambtelijk bevel en poging zware mishandeling door als bestuurder van een bromfiets tegen een motorfiets, bestuurd door een motoragent, aan te rijden, te snijden en trachten de berm in te drukken. Geldigheid van de dagvaarding indien in de tenlastelegging niet is benoemd o
Vervolg op ECLI:NL:HR:2012:BX4998. Art. 184 Sr en art. 447e Sr. V.zv. het middel betoogt dat het Hof zijn oordeel dat art. 447e Sr niet heeft te gelden als specialis van art. 184 Sr niet heeft gemotiveerd, faalt het bij gebrek aan feitelijke grondslag. Het middel dat steunt op de
1. Verblijfsontzetting, verwijderingsbevel, art. 172.3 Gemeentewet, art. 2:3 APV Utrecht 2010. Een krachtens wettelijk voorschrift gegeven bevel a.b.i. art. 184 Sr? 2. Rechtmatig gegeven bevel? Ad 1. De HR herhaalt ECLI:NL:HR:2013:1742. De burgemeester heeft door het uitvaardigen
vrijspraak na wijziging tenlastelegging
Wettelijk voorschrift a.b.i. art. 184.1 Sr. Artt. 159, 160.1, 177 en 178.2 WVW 1994. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2008:BB4108 en ECLI:NL:HR:2014:3639 m.b.t. het feit dat het in art. 184.1 Sr bedoelde wettelijk voorschrift uitdrukkelijk moet inhouden dat de be