OM-cassatie. Art 184.1 Sr eist een “krachtens wettelijk voorschrift” gedane vordering. Een dergelijk voorschrift moet uitdrukkelijk inhouden dat de betrokken ambtenaar gerechtigd is tot het doen van een vordering (vgl. HR LJN BB4108). De tenlastelegging houdt in dat de vordering
Wetboek van Strafrecht
Art. 184 Sr
Genoemd in 332 uitspraken · Officiële wettekst
332 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Grondslagverlating. Art. 184 Sr. Bij de strafbaarstelling van art. 184.1 Sr, voor zover dat het beletten, belemmeren of verijdelen van door aldaar bedoelde ambtenaren ondernomen handelingen betreft, is als vereiste opgenomen dat die handelingen “ter uitvoering van enig wettelijk
Artikel 2.1.1.2 jo artikel 6.2 APV Uden niet te beschouwen als 'wettelijk voorschrift' i.d.z.v. artikel 184 lid 1 Sr omdat het weliswaar een bevelsbevoegdheid in het leven roept maar niet tevens inhoudt dat de tot het geven van een bevel bevoegde functionaris tevens belast is met
Artikel 2.1.1.2 jo artikel 6.2 APV Uden niet te beschouwen als 'wettelijk voorschrift' i.d.z.v. artikel 184 lid 1 Sr omdat het weliswaar een bevelsbevoegdheid in het leven roept maar niet tevens inhoudt dat de tot het geven van een bevel bevoegde functionaris tevens belast is met
Artikel 2.1.1.1 van de APV van Ridderkerk en artikel 6.2. van die APV Aan de verdachte is op grond van artikel 184 Sr -kort gezegd- ten laste gelegd dat hij niet heeft voldaan aan een door een politieambtenaar gegeven bevel om zich te verwijderen. Eén van de in artikel 184 Sr opg
Verdachte is ter zake van overtreding van artikel 184 Sr vrijgesproken. Voorts is verdachte ter zake van lokaalvredebreuk, eenvoudige belediging van politieagenten en wederspannigheid veroordeeld tot een werkstraf van 45 uren.
openbare orde, Sri Lanka, gezinshereniging De rechtbank overweegt dat verweerder zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat de enkele omstandigheid dat eiser een jonge Tamil is en dat hij langdurig in het buitenland heeft verbleven onvoldoende is voor de conclusie dat eiser
Promis. Bevelsbevoegdheid van politie op grond van de APV in geval van verstoring openbare orde verbindend geacht. Voldoende uitdrukkelijke bevoegdheidsbepaling. Geoorloofde attributie door gemeenteraad aan politieambtenaren. Niet opvolgen bevel levert misdrijf van artikel 184, e
Promis. Bevelsbevoegdheid van politie op grond van de APV in geval van verstoring openbare orde verbindend geacht. Voldoende uitdrukkelijke bevoegdheidsbepaling. Geoorloofde attributie door gemeenteraad aan politieambtenaren. Niet opvolgen bevel levert misdrijf van artikel 184, e
Promis. Bevelsbevoegdheid van politie op grond van de APV in geval van verstoring openbare orde verbindend geacht. Voldoende uitdrukkelijke bevoegdheidsbepaling. Geoorloofde attributie door gemeenteraad aan politieambtenaren. Niet opvolgen bevel levert misdrijf van artikel 184, e
Bevoegdheid tot strafrechtelijke ontruiming van gekraakt bedrijfspand door kraker ten aanzien van wie een redelijk vermoeden van overtreding van art. 429sexies Sr. bestaat? Kraker beschikt met betrekking tot het pand over een huisrecht. De ontruiming, die een inbreuk oplevert op
Verdachte was op 9 september 2006 - tijdens het festival 'Dag van 1000 culturen' - met een aantal andere mensen een betoging aan het voeren tegen het standbeeld van Anton de Kom, dat zich op voornoemd plein bevindt. Verdachte en zijn medebetogers deelden flyers en pamfletten uit.
Bevel krachtens enig wettelijk voorschrift en ambtelijk bevel. Spoorwegwet 1875, ARV, WPV, BPV en art. 184 Sr. Verdachte heeft niet voldaan aan 2 aanwijzingen en een vordering van de Spoorwegpolitie om zich te verwijderen van het treinstation alwaar hij op een trein stond te wach
Bevel krachtens enig wettelijk voorschrift en ambtelijk bevel. Spoorwegwet 1875, ARV, WPV, BPV en art. 184 Sr. Verdachte heeft niet voldaan aan 2 aanwijzingen en een vordering van de Spoorwegpolitie om zich te verwijderen van het treinstation alwaar hij op een trein stond te wach
Art. 172.3 Gemw. Het Hof heeft geoordeeld dat, gelet op de door verdachte veroorzaakte overlast, de burgemeester o.g.v. art. 172.3 Gemw een gebiedsontzegging aan verdachte heeft kunnen opleggen en dat dit bevel voldoet aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit. De HR s
OM-cassatie. Art. 26 WED. Uit de tekst van art. 26 WED, waarin het begrip “opzettelijk” ziet op alle bestanddelen van het in die bepaling omschreven strafbare feit, volgt, i.o.m. de bedoeling van de wetgever dat voor de strafbaarheid van het in deze bepaling bedoelde misdrijf is
Niet voldoen aan een ambtelijk bevel door te weigeren een oorbel uit te doen? Een politieambtenaar is o.g.v. art. 28 van de Ambtsinstructie bevoegd een ingeslotene door het aftasten en doorzoeken van diens kleding te onderzoeken op de aanwezigheid van voorwerpen die tijdens de in
Bezwaarschriftprocedure ex art. 262 Sv. Taak wetgever. 1. Geen bevelbevoegdheid obv art. 2 Politiewet 1993? 2. Krachtens wettelijk voorschrift gegeven bevel ex art. 184.1 Sr. Door een hoofdagent van de Spoorwegpolitie is aan verdachte het bevel gegeven zich te verwijderen uit Ams
Art. 184 Sr en verdachte die niet voldoet aan vordering politie tot openen deur bedrijfspand, waar faillissmentscurator in wil. Bewezenverklaard is dat verdachte opzettelijk niet heeft voldaan aan deze vordering, welke vordering “krachtens art. 2 Politiewet 1993 en/of krachtens d
1. Vordering ex art. 5:17 Awb door ambtenaar Keuringsdienst van Waren. 2. Opsporingsbevoegdheid buitengewoon opsporingsambtenaar ex Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Voedsel en Warenautoriteit 2002. Ad 1. HR verwijst naar conclusie van de AG inhoudend dat niet slechts de R
OM-cassatie tegen vrijspraak X van verijdelen wegvoeren van Y die was aangehouden als verdachte van één of meer op heterdaad ontdekte strafbare feiten. Het hof heeft vastgesteld dat Y aan een politieambtenaar een harde duw heeft gegeven. Uit het politie-pv waarnaar het hof in zij