Opzegging erfpacht wegens canonachterstand van twee jaar. Misbruik van recht? Verzoek tot vervangende toestemming voor overdracht van erfpacht: verwijzing naar kanton en verzoekschriftprocedure. Geen anticipatie op nieuwe artikelen 30b en 94 lid 2 Rv.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 72 Rv
Genoemd in 48 uitspraken · Officiële wettekst
48 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Verzet, IPR, forumkeuze
geschil tussen consument en incassobedrijf over uitvoering opdracht; voldoende deugdelijke waarschuwing aan een consument m.b.t. de gevolgen van niet-betaling?; nodeloos gemaakte proceskosten?
Vordering tot opheffing beslag- afgewezen.
Vordering tot vernietiging arbitraal vonnis. Rechtbank verwees naar hof op grond van artikel 1064a Rv. Hof verwijst terug naar rechtbank omdat ingevolge het overgangsrecht het oude recht van toepassing is (arbitrage van voor 1 januari 2015) en ingevolge dat oude recht de rechtban
Het beginsel van artikel 236 Rv staat er naar het oordeel van de kantonrechter aan in de weg dat een partij die heeft verzuimt de wederpartij in gebreke te stellen deze omissie kan herstellen door na een gewezen vonnis, waarin de vordering tot schadevergoeding is afgewezen, deze
Verzet tegen een (bij verstek gewezen) kortgedingvonnis is aanhangig gemaakt als bodemprocedure. De kantonrechter is niet bevoegd. Ingevolge artikel 259 Rv moet dit verzet worden gedaan bij de voorzieningenrechter. De kantonrechter verwijst de zaak met analogische toepassing van
Onbevoegdheid kantonrechter/ bestuurdersaansprakelijkheid /gevoegde verzoekschriften/7:686a lid 3 BW
-
Kort geding. Kantonrechter absoluut onbevoegd om van de vorderingen kennis te nemen omdat die gebaseerd zijn op overeenkomsten van borgtocht en het bedrag van € 25.000,- overstijgen. In dit geval geen verwijzing naar de wel bevoegde rechter als bedoeld in artikel 73 Rv omdat het
Bevoegdheidsincident. Wck artt 1, 3 en 33. Ambtshalve toetsing of de Wet op het Consumentenkrediet (Wck) van toepassing is. Het beroep van gedaagde op 7:57 lid 1 sub c BW treft geen doel aangezien de kredietovereenkomst is gesloten voor 25 mei 2011. Nu niet is gesteld noch is geb
Directeur van afnemer bedingt eerst voor zichzelf in privé en later voor een hem toebehorende BV commissiebetalingen door leverancier. Directeur stelt zich op het standpunt dat er sprake is van een agentuurovereenkomst. Het hof oordeelt dat deze rechtsverhouding niet is aan te m
Procesrecht. Bevoegdheid uit hoofde van onderwerp van geschil; als tardief verworpen exceptie van onbevoegd als bedoeld in art. 157 (oud) Rv., tussentijds cassatieberoep niet-ontvankelijk nu tegen tussenvonnis rechtbank hoger beroep openstaat; toepassing van art. 340 Rv., nieuw v
Absolute bevoegdheid kantonrechter. Exploitatie-overeenkomst of huurovereenkomst bedrijfsruimte. Art. 6:215 BW. Handhaving absorptieregel met het oog op de praktijk.
Arbitragerecht. Vernietiging van een arbitraal kortgedingvonnis op de voet van art. 1065 lid 1, onder a, Rv. wegens het ontbreken van een geldige overeenkomst tot arbitrage (81 RO).
Procesrecht. Cassatie, ontvankelijkheid van beroep tegen een uitspraak van het hof Leeuwarden in een pachtzaak tot ambtshalve onbevoegdverklaring tot kennisneming van het hoger beroep met verwijzing naar de pachtkamer van het hof Arnhem; verwijzingen tussen de gewone rechter en d
In art. 259 Rv. is bepaald dat het verzet van een vonnis in kort geding moet worden gedaan bij de voorzieningenrechter. De verzetprocedure blijft dus (anders dan artikel 294 Rv. oud bepaalde) een kortgedingenprocedure en moet worden behandeld door de voorzieningenrechter. Dat bet
Enquêterecht; gefailleerde rechtspersoon; zijn de kosten van onderzoek boedelschuld?, verzoek tot zekerheidstelling door de curator, bevoegdheid van de ondernemingskamer, ontvankelijkheid.
Rechtbank Alkmaar onbevoegd in verzoek tot het houden van voorlopig getuigenverhoor met betrekking tot octrooi-inbreuk. Exclusieve bevoegdheid van rechtbank te Den Haag op basis van de Rijksoctrooiwet 1995 strekt zich ook uit over onderhavig verzoekschrift.
4 februari 2005 Eerste Kamer Nr. C03/321HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], gevestigd te [vestigingsplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. E. van Staden ten Brink, t e g e n [Verweerster], gevestigd te [vestigingsplaats], VERWEERSTER in cassat
-
-
-