Verzoek ex art. 3:268 lid 2 BW jo. art. 548 Rv.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 547 Rv
Genoemd in 14 uitspraken · Officiële wettekst
14 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Overeenkomstenrecht. Geschil over totstandkoming van een overeenkomst met tussenkomst van een notariskantoor (81 RO).
Executieverkoop. Bank niet aansprakelijk voor de minderopbrengst veiling ten opzichte van het hoogste onderhandse bod. Notaris moet binnengekomen biedingen aan de hypotheekgever doorgeven. Bank hoeft de notaris daarop niet te controleren.
Verzoekschrift als bedoeld in artikel 3:268 lid 2 BW. Inhoudsindicatie: Geen gunstiger bod tijdig voorgelegd.
ontruiming van een executoriaal verkocht pand na goedkeuring voorzieningenrechter van onderhandse verkoopovereenkomst
Klacht tegen een notaris. Klaagster verwijt de notaris dat hij zijn geheimhoudingsplicht heeft geschonden door de prijs die klaagster bereid was voor het onroerend goed te betalen, aan derden kenbaar te maken. Tevens heeft de notaris gehandeld in strijd met de zorgvuldigheid die
Executierecht. Verzoek om goedkeuring van de onderhandse executieverkoop van een onroerende zaak. Tweede verzoek, door de hypotheekgever, na intrekking van het eerste verzoek ter zitting, Bezwaar van de hypotheekhouder. Verzoeker is niet-ontvankelijk.
Onderhandse verkoop. Afgewezen. Bieding is niet bij de met de veiling belaste notaris ingekomen, maar is door de makelaar van de eigenaar rechtstreeks aan verzoekster voorgelegd.
Onderhandse verkoop. Afgewezen. De ter goedkeuring voorliggende bieding is niet tijdig bij de met de veiling belaste notaris ingekomen.
Niet kan worden aangenomen dat gedaaden in conventie/eisers in reconventie schade hebben geleden ten gevolge van het onzorgvuldig handelen van SNS nu niet is komen vast te staan dat er een reële kans was dat de woningn in twee maanden extra tijd onderhands verkocht had kunnen wor
Tijdens de mondelinge behandeling ter terechtzitting in hoger beroep heeft de notaris gesteld dat zij weliswaar in gebreke is gebleven met het doorsturen van een afschrift van de biedingen maar dat in vervolg op het feit dat klager het aan hem gerichte onderhandse bod had geaccep
Verzoekers stellen dat de bank bedrog heeft gepleegd in een verzoekschriftprocedure ex artikel 3:268 lid 2 BW juncto 548 Rv. Op de voet van artikel 390 Rv verzoeken zij thans de beschikking in die procedure te herroepen. De voorzieningenrechter heeft het verzoek geweigerd omdat e
Gang van zaken rondom openbare verkoop.
De rechtbank heeft de stellingen van Centavos c.s. aldus begrepen en samengevat dat De Rijnlandse een bod van Centavos op de betrokken onroerende zaken ter hoogte van euro 780.000,- heeft aanvaard maar heeft geweigerd die acceptatie gestand te doen. De Rijnlandse heeft betwist da