Kort geding, opheffen conservatoir beslag, overbetekening nietig want in strijd met art. 63 Rv jo art. 727 Rv jo. art. 505 lid 1 Rv jo. art. 705 lid 2 Rv aan kantoor advocaat gedaan, daarnaast conservatoir beslag op gehele woning in plaats van op aandeel van eiser in de woning, d
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 505 Rv
Genoemd in 63 uitspraken · Officiële wettekst
63 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
In principaal hoger beroep wordt slechts een van de twee pijlers voor de aangevochten beslissing bestreden. De ander (niet bestreden) pijler kan die beslissing zelfstandig dragen. Reeds om die reden kan het principaal hoger beroep geen doel treffen. De aan het incidenteel hoger b
levering blijft uit na beslag, geen overmacht voor verkoper, boete 1% per dag, matiging
Artikel 3:175 lid 1 en lid 3 BW, artikel 3:178 lid 1 BW, artikel 437 Rv, artikel 505 lid 2 Rv, artikel 700 lid 3 Rv. Verhaalsmogelijkheden eiseres u.h.v. beslag op onverdeelde helft van een registergoed niet gefrustreerd door latere verdeling van dat registergoed. Gedaagde was be
Bodemprocedure. Executoriaal derdenbeslag op schip (in aanbouw) vanwege vordering op Roemeense overheid. Beslaglegger vordert in bodemprocedure afgifte schip door derde. Intussen heft de voorzieningenrechter het beslag op en levert de derde het schip aan de Roemeense overheid. Af
Kort geding. Conservatoir beslag op onroerende zaak opgeheven, vernietiging van opheffingsvonnis in hoger beroep. Overdracht van de onroerende zaak na opheffing conservatoir beslag maar voor vernietiging van het vonnis: eerbiediging van gewijzigde rechtstoestand met betrekking to
Kort geding. Vordering van faillissementscurator tegen echtgenote van de gefailleerde tot ontruiming van in het faillissement vallende verhypothekeerde recreatiewoning waarop vóór het faillissement door schuldeiser beslag is gelegd. Echtgenote stelt dat zij ter zake een huurovere
Opheffing nietig beslag wegens niet in achtnemen van vormen (termijnen).
Erfrecht. Afwikkeling nalatenschap. Medewerking afronden boedelbeschrijving. Dwangsommen verbeurd? Gebreken aan een betalingsbevel. De omvang van een gelegd executoriaal beslag. Toelating tot de rangregeling.
Rangregeling. Voorstel staat van verdeling. Verdeling opbrengst executoriale verkoop onroerende zaak. Conflicterende voorrangsregels die aan het bepalen van een rangorde volgens de gebruikelijke wettelijke regels in de weg staan. Op de onroe die rende zaak was aantal beslagen gel
Openbare betekening van beslagexploot (artikel 56 Rv). Werking “Vormerkung” (artikel 7:3 BW). Beslaglegger heeft ten onrechte gekozen voor een openbare betekening van een afschrift van een proces-verbaal van inbeslagneming (artikel 505 Rv), nu het woonadres van beslagene in Duits
Verrekening op de voet van art 6:43 BW.
Kort geding. Executiegeschil. Uitleg van gebod 'om executie te staken en gestaakt te houden'. Beslag. Wettelijke regeling van artikelen 505 e.v. Rv. Instructie aan de deurwaarder.
Renvooiprocedure. Art. 505 lid 1 Rv (inschrijving en betekening proces-verbaal van inbeslagneming). Beslag nietig. Dwangsommen verbeurd.
Verzoek opheffing inmiddels executoriaal geworden beslag. De vrouw verzoekt opheffing van het op 7/8/’14 ter verzekering van verhaal van vorderingen op de man gelegde beslag op de echtelijke woning. Bij huwelijkse voorwaarden van 30/12/’10 is de woning aan haar toegedeeld. Anders
Actio Pauliana. Bemoeilijking van verhaalsmogelijkheden, ook al is de omvang van het vermogen van de debiteur nominaal niet verminderd (vgl. HR 3 oktober 1980, NJ 1980, 643 m.nt. GJS (Imperial/Waanders)). Toewijzing onder voorwaarde dat de vordering ten behoeve waarvan de actio P
Opheffing executoriaal beslag op een woning na verkoop en levering van die woning zonder doorhaling van beslag als gevolg van fouten van deurwaarder en notaris.
Bestuurdersaansprakelijkheid in faillissement. In eerder tussenvonnis is al geoordeeld dat bestuurder aansprakelijk is voor het faillissementstekort. Rechtbank heeft de zaak naar de rol verwezen voor toelichting curator omtrent actuele stand vna het boedeltekort. De curator heeft
art. 3:40 BW en 3:45 BW
Inzet geding is verdeling van bij notaris gedeponeerde opbrengst van verkochte woning over de schuldeisers van de verkopers met inachtneming van hun onderlinge rangorde. Werking van artikel 505 lid 2 Rv en tussen een aantal schuldeisers overeengekomen rangwisseling tussen hun hyp
Beslag-verpanding-faillissement. Pandhouder int beslagen/verpande vordering, curator vordert afdracht van pandhouder. Toepassing HR 13 mei 1988, NJ 1988, 748. Voor zover uit die uitspraak van de Hoge Raad zou voortvloeien dat voor de belokkerende werking van het anterieure beslag
Opheffing beslag op onroerende zaak. Vordering afgewezen.
Vordering tot voortijdige beëindiging van erfpacht afgewezen. Beperkt recht in de zin van artikel 3:81 lid 1 BW kan slechts teniet gaan in bepaalde gevallen. Die doen zich hier niet voor. Geen ontbinding van de titel die ten grondslag ligt aan de erfpacht omdat niet duidelijk is
Verbintenissenrecht, beslag. Lossingsrecht ex art. 3:269 BW is niet van overeenkomstige toepassing in geval van executoriale verkoop van onroerende zaken als geregeld in art. 514-529 Rv.
Geldlening