Artikel 477a Rv. Verklaringsprocedure bij executoriaal beslag. Derde-beslagenen hebben niet voldaan aan hun (verzwaarde) stelplicht.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 477 Rv
Genoemd in 150 uitspraken · Officiële wettekst
150 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Invorderingszaak. Procesrecht; aan aanbod tot het leveren van tegenbewijs door getuigen mag niet de eis gesteld worden dat het gespecificeerd is; verklaringsprocedure als bedoeld in art. 477a lid 2 Rv.
Curaçao. Conservatoir derdenbeslag. Betaling in weerwil van beslag. Betaling aan deurwaarder. Afdracht niet aan de beslaglegger, maar aan de bewindvoerder van de debiteur.
Beslagrecht. Caribische zaak. Derdenbeslag op roerende zaken die eigendom zijn van de beslagdebiteur. Inzet van betwistingsprocedure. Onderzoek mogelijk naar wie eigenaar is? Aansprakelijkheid derde-beslagene voor onjuiste verklaring. Positie derde-beslagene ten opzichte van besl
Ontbinding huurovereenkomst bedrijfsruimte vanwege huurachterstand. Gevolgen coronapandemie. Geen huurkorting, omdat de huurder onvoldoende gegevens heeft verstrekt om de hoogte te kunnen berekenen. Ook geen wijziging boetebeding. Geen wettelijke rente over de huurachterstand, om
Gerechtelijke verklaringsprocedure. Stelplicht en bewijslast. Aangeschafte woningen. Vergoedingsplicht. Huwelijkse voorwaarden.
Betwistingsprocedure als bedoeld in artikel 477a lid 2 Rv.
door derde-beslagene afgelegde verklaring, betwistingsprocedure in de zin van artikel 477a lid 2 Rv
Executierecht. Executoriaal beslag onder bank ten laste van een van de erfgenamen. Bank is niet gehouden om uit te keren omdat verdeling niet is voltooid.
(1) Rechtbank ziet geen grond - feitelijk noch juridisch - voor toewijzing van de vordering, inhoudende het treffen van een voorziening ter waarborging van de tijdige betaling van de kinderalimentatie door de man, deze voorziening bestaande uit handhaving van een depot onder de (
Rabobank vordert dat Pallimax een juiste gerechtelijke derden verklaring aflegt, waaruit blijkt welke vergoeding Pallimax ten tijde van en na de beslaglegging aan bestuurder verschuldigd was. De conclusie is dat Pallimax onvoldoende en bovendien kennelijk onjuiste informatie heef
Art. 81 lid 1 RO. Beslagrecht. Verklaringsprocedure op de voet van art. 477a Rv. Devolutieve werking hoger beroep.
Beslag. Executant betwist de juistheid van de verklaring van derde-beslagene. Wat mag van de derde-beslagene onder de gegeven omstandigheden worden verwacht?
Deurwaarders renvooiprocedure art. 438 lid 4 Rv. Vraag hoe een in beslag genomen vordering tot levering van een onroerende zaak (art. 475a lid 3 Rv.)moet worden uitgewonnen. Voorzieningenrechter oordeelt dat dat moet geschieden volgens de regels van uitwinning van een onroerende
Eiseres heeft een vordering op X. Eiseres heeft derdenbeslag laten leggen betreffende de periodieke betaling van het loon van X, de geëxecuteerde, bij gedaagde, de werkgever van de X. Het proces-verbaal van executoriaal derdenbeslag is op 25 augustus 2009 aan gedaagde betekend. G
Verklarings - betwistingsprocedure ex art. 476a / 477 Rv.
Verklaringsprocedure ex 477a Rv met toepassing van artikel 479a Rv. In casu komt niet vast te staan dat de derde-beslagene werkelijk iets is verschuldigd aan de geëxecuteerde (zodat het beslag in beginsel geen doel treft). Op grond van artikel 479a Rv wordt echter aangenomen dat
16 januari 2004 Eerste Kamer Nr. C02/208HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. M. Ynzonides, t e g e n [verweerster], wonende te [woonplaats], VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. D. Rijpma.
-