Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Kan en moet de deurwaarder een exploot uitbrengen aan een in de basisregistratie personen (BRP) opgenomen briefadres in plaats van openbaar te betekenen op de voet van art. 54 Rv? Art. 45-47 Rv; art. 54 lid 1 Rv; art. 1:15 BW.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 45 Rv
Genoemd in 165 uitspraken · Officiële wettekst
165 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Procesrecht. Verstekverlening. Art. 45 en 121 Rv. Betekening exploot door deurwaarder, zonder vermelding in het exploot van de woonplaats van verweerster omdat zij 'geheim adres' heeft (art. 2.59 Wet basisregistratie personen).
Procesrecht, verzetprocedure in hoger beroep; exploot van appeldagvaarding met formeel gebrek, relatieve nietigheid, toepasselijkheid van art. 121 lid 3 en 122 lid 1 Rv.
Procesrecht. Octrooirecht. Modellenrecht. Slaafse nabootsing. Voortzetting procedure in appel door oorspronkelijke partijen. Na rechtenoverdracht procederen onder lastgeving op naam. Stelplicht en bewijslast. Beschermingsomvang. Plausibiliteit. Problem-solution approach. Procesko
Art. 81 lid 1 RO. Personenrecht. Curatele. Door curator aan curandus opgelegd contactverbod met advocaat. Maatstaf HR 28 januari 1994, ECLI:NL:HR:1994:ZC1246. Art. 6 en 8 EVRM. Motivering oordeel dat contact met de advocaat uit medisch oogpunt onverantwoord is.
Procesrecht. Art. 270 lid 5 Rv Aruba. Hoger beroep vervallen omdat griffierecht niet tijdig is betaald. Klacht over toepassing van deze regel in het eindstadium van het geding. Eisen van een goede procesorde.
Verbintenissenrecht. Betalingsafspraak. Aanbod en aanvaarding (art. 6:217 lid 1 BW). Haviltex-maatstaf. Grenzen rechtsstrijd. Bewijswaardering. Bestuurdersaansprakelijkheid (art. 2:9 BW). Mondelinge behandeling (art. 6 EVRM).
Procesrecht. Procesbevoegdheid in burgerlijk geding. Door Productschap Zuivel opgelegde superheffing; inning daarvan nadat productschap is opgeheven. Komt procesbevoegdheid toe aan de Staat of aan de minister? Op de regel dat procesbevoegdheid alleen toekomt aan natuurlijke perso
Arbeidsrecht. CAO. De desbetreffende bepalingen van de betrokken CAO’s moeten in onderling verband op dezelfde wijze worden uitgelegd. Bij de uitleg komt het aan op de tekst, gelezen in het licht van de gehele tekst van de overeenkomst, de aannemelijkheid van de rechtsgevolgen en
Procesrecht. Pandrecht. Kan pandhouder van vordering op naam na mededeling pandrecht aan de schuldenaar een lopende procedure over vordering overnemen van pandgever middels schorsing en hervatting (art. 225 e.v. Rv)? Rechtsopvolging en -verkrijging tijdens geding. Subjectieve omv
Caribische zaak; nationale bevoegdheidsverdeling/rechtsmachtsverdeling tussen burgerlijke rechter en belastingrechter; geldt deze verdeling ook in interregionaal verband?; strekking art. 40 Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden
Procesrecht. Verstekverlening. "Corona-betekening" aan natuurlijke persoon, waarbij niet wordt aangebeld, maar direct afschrift van het exploot in de brievenbus van het woonadres wordt gedaan. Feitelijke onmogelijkheid als bedoeld in art. 47 lid 1 Rv? RIVM-richtlijnen; wetsvoorst
Televisie-uitzending, belangenafweging, recht op vrijheid van meningsuiting weegt in dit geval zwaarder dan het belang van een onherroepelijk strafrechtelijk veroordeelde om “alleen gelaten te worden".
Caribische zaak. Invordering aanslag winstbelasting. Vordering tot verklaring voor recht dat het invorderingsrecht is verjaard. Heeft verlening van uitstel van betaling naar het tot juni 2014 geldende recht stuitende werking? (Art. 13 (oud) Landsverordening invordering directe be
Klacht tegen een toegevoegd gerechtsdeurwaarder. Klager verwijt de gerechtsdeurwaarder dat hij zijn privéadres heeft vermeld in het exploot. Dit adres is blijkens de BRP en het Handelsregister afgeschermd (op grond van artikel 51 van het Handelsregisterbesluit 2008). De kamer hee
Niet-ontvankelijkheid. Cassatieverzoekschrift niet ondertekend door advocaat bij de Hoge Raad, art. 426a lid 1 Rv. Beroep op art. 6 EVRM.
Nietigheid dagvaarding ingevolge artikel 45 Rv juncto 120 Rv. Niet vermelden van de woonplaats van eisers in de inleidende dagvaarding. Deze nietigheid kan niet voor gedekt worden verklaard omdat gedaagde onredelijk in haar belangen is geschaad.
Geval waarin geen plaats is voor wijziging van rechtswege (van bij rechterlijke uitspraak of overeenkomst vastgesteld bedrag voor levensonderhoud) per 1 januari van het jaar waarin de uitkering is vastgesteld.
Procesrecht. Incident tot niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep. Partijwisseling tijdens geding. Tussen- of einduitspraak? Arrest n.a.v. schorsing en hervatting, waarbij wordt geconstateerd dat zaak is overgenomen door cessionaris. Positie wederpartij. Schorsing en hervattin
Verbintenissenrecht. Procesrecht. Toepassing imputatieregel art. 6:43 BW. Gerechtelijke erkentenis door een dwaling afgelegd (art. 154 lid 2 Rv)? Essentiële stellingen gepasseerd?
Caribische zaak; nationale bevoegdheidsverdeling/rechtsmachtsverdeling tussen burgerlijke rechter en belastingrechter; geldt deze verdeling ook in interregionaal verband?; strekking art. 40 Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden
nietige dagvaarding? art. 45 lid 3 Rv, art. 66 lid 1 Rv art 120 Rv Persoonlijke aansprakelijkheid curator? onmiskenbare vergissing bij betaling aan de boedel? eigen schuld?
10 oktober 2003 Eerste Kamer Rek.nr. R02/095HR JMH/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De man], wonende te [woonplaats], VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. J. van Duijvendijk-Brand, t e g e n [De vrouw], wonende te [woonplaats], VERWEERSTER in cassatie, n
Besslag ex art. 435 ldi 3 Rv, vordering tot opheffing. Immuniteit van executie.
Tussenarrest. Is sprake van een overeenkomst van geldlening? Het hof acht voorshands bewezen dat appellant misbruik heeft gemaakt van de afhankelijkheidsrelatie met en de lichtzinnigheid van geïntimeerde, zodat geïntimeerde de (veronderstellenderwijs aangenomen) overeenkomst van