Enquêterecht. Ontvankelijkheid. Belang. Doeleinden enquête. Vaststelling wanbeleid zonder definitieve voorzieningen te treffen. Vaststelling wanbeleid voor partijen bindend behoudens cassatie. Begrip wanbeleid. Werkwijze onderzoeker. Art. 6 EVRM.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 426 Rv
Genoemd in 458 uitspraken · Officiële wettekst
458 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Ondernemingsrecht. Enquêterecht. Procesrecht. Ondernemingskamer stelt wanbeleid vast van naamloze vennootschap en stelt vast wie daarvoor verantwoordelijk zijn. Klachten dat een niet-verschenen belanghebbende niet deugdelijk is opgeroepen en dat de ondernemingskamer bij verbeteri
Curacaose zaak. Toekenning van eigendom van kavels in een langdurig onverdeeld gebleven gemeenschap. Toekenning aan het Land onder de verplichting om tot ontwikkeling over te gaan en de kavels aan de gebruikers uit te geven. Aanwijzing van personen als gebruiker. Zelfbewoningspli
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht; procesrecht. Begrip belanghebbende in art. 798 lid 1, eerste volzin, Rv en art. 806 lid 1 Rv bij beëindiging van door ouders gezamenlijk uitgeoefend ouderlijk gezag (art. 1:266 BW). Mogelijkheid van principaal en incid
Insolventierecht. Verzoek schuldeiser tot verlenging door curatoren gestelde termijn uitoefening zekerheidsrechten; art. 58 Fw. Telefonische informatie aan rechter-commissaris ,schending hoor en wederhoor? Strekking bevoegdheid curator art. 58 Fw. Afweging belangen pand- of hypot
Faillissementsrecht. Verzoek curator tot aangaan vaststellingsovereenkomst met wederpartij (art. 104 Fw). Ontvankelijkheid hoger beroep van wederpartij tegen afwijzende beschikking rechter-commissaris, art. 67 Fw. Ontvankelijkheid cassatieberoep, art. 426 lid 1 Rv.
-
Wvggz. Zorgmachtiging verleend terwijl betrokkene niet ter zitting is verschenen, maar wel per aangetekende en voor ontvangst getekende brief is opgeroepen. Kon rechtbank uit gedragingen betrokkene vaststellen dat hij niet bereid was gehoord te worden?
Procesrecht. Vervoerrecht. Incidenteel verzoek tot tussenkomst of voeging (art. 217 Rv) of om als belanghebbende te worden toegelaten in cassatiegeding over beperking aansprakelijkheid en vormen van fonds. Toepasselijkheid art. 7 lid 4 Fondsverdrag 1992 of commuun burgerlijk proc
Rechtspersonenrecht. Procesrecht. Belanghebbende. Verzoek tot ontslag bestuur van stichting (2:298 lid 1 BW) en benoeming nieuw bestuur (2:299 BW), subsidiair tot ontbinding van de stichting (art. 2:21 BW). Verzoeker is lid en voormalig bestuurslid van de vereniging die de sticht
Procesrecht. Insolventierecht. Surseance van betaling. Akkoord aan schuldeisers aangeboden. Beslissingen rechter-commissaris als bedoeld in art. 267 Fw en art. 268a Fw. Staat gewoon rechtsmiddel open? Art. 282 Fw. Doorbrekingsgronden toepasselijk? Termijn voor instellen rechtsmid
Geding na cassatie (HR 9 juli 2010, LJN BM0976). Enquêteverzoek. Beoordeling ontvankelijkheid op grond van kapitaalseis (art. 2:346 BW) alleen in eerste aanleg; ontvankelijkheid in cassatie bepaald door verschijning verzoekers in vorige instantie (art. 426 lid 1 Rv). Grenzen rech
Insolventierecht. Schuldsanering. Beschikking rechtbank op grond van art. 315 Fw. Doorbreking rechtsmiddelenverbod art. 360 Fw. Termijn cassatieberoep.
Procesrecht. Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht; overgangsrecht. Art. 200 Rv van toepassing op het instellen van een rechtsmiddel tegen de uitspraak op een inzageverzoek (of verzoek om andere voorlopige bewijsverrichtingen) indien het verzoek is gedaan vóór 1 januar
Ontvankelijkheidsincident. Overgangsrecht Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht. Geldt voor een na 1 januari 2025 genomen rechterlijke beslissing op een inzageverzoek ex art. 843a Rv-oud de korte cassatietermijn van acht weken (art. 200 lid 2 Rv) die de nieuwe wet voor
Ondernemingsrecht. Enquêterecht. Ondernemingskamer heeft concernenquête gelast naar beleid en gang van zaken van zowel SNS Reaal als haar dochtervennootschap SNS Bank. Maatstaf voor concernenquête. Verwijzing naar oordeel in zaak 18/04509 (ECLI:NL:HR:2020:478).
11 juni 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R04/034HR JMH/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: De stichting MENTRUM, instelling voor geestelijke gezondheidszorg te Amsterdam, gevestigd te Amsterdam, VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n [Verwee
Faillissementsrecht. Machtiging ex art. 68 lid 3 Fw om te procederen. Mee te wegen belangen. Beoordelingsvrijheid r-c. Is wederpartij voorgenomen procedure partij bij verlening van de machtiging? Verrekening ex art. 53 lid 1 Fw en art. 24 Iw 1990 van teruggave tijdens faillisseme
Ondernemingsrecht. Enquêterecht. Procesrecht. Ondernemingskamer stelt wanbeleid vast van naamloze vennootschap en stelt vast wie daarvoor verantwoordelijk zijn. Klachten dat een niet-verschenen belanghebbende niet deugdelijk is opgeroepen en dat de ondernemingskamer bij verbeteri
Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). Machtiging tot voortzetting crisismaatregel (art. 7:8 Wvggz). Ontvankelijkheid cassatieberoep; verhouding tussen Wvggz en Rv. Voorwaarde van art. 5:7, onder d, Wvggz dat psychiater die medische verklaring afgeeft, minimaal één j
Naamrecht. Geschil tussen vader en moeder van een minderjarig kind over de wijziging van de bij geboorte verkregen geslachtsnaam van de moeder; toepassing van art. 1:5 lid 2 BW, strijd met art. 7 lid 1 IVRK en art. 8 en 14 EVRM?; mogelijkheid wijziging geslachtsnaam bij meerderja
Wvggz. Actualiteit Medische Verklaring.
Procesrecht. Gezag van gewijsde. Beperkende werking redelijkheid en billijkheid. Ontslag(besluit) inzake stichtingbestuurder.
Ondernemingsrecht. Enquêterecht. Ondernemingskamer heeft concernenquête gelast naar beleid en gang van zaken van zowel SNS Reaal als haar dochtervennootschap SNS Bank. Maatstaf voor concernenquête. Samenhang met zaak 18/04511 (ECLI:NL:HR:2020:479).
Ondernemingsrecht. Enquêterecht. Procesrecht. Ondernemingskamer stelt wanbeleid vast van naamloze vennootschap en stelt vast wie daarvoor verantwoordelijk zijn. Klachten dat een niet-verschenen belanghebbende niet deugdelijk is opgeroepen en dat de ondernemingskamer bij verbeteri