Geschil tussen een verhuurder van een woning en de huurster met haar kleinzoon over medehuur, een ‘duurzame gemeenschappelijke huishouding’ in de zin van art. 7:267 (7A:1623h oud) BW?, factoren die de duurzaamheid bepalen, invloed van leeftijd en gezondheidstoestand van huurster,
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 411 Rv
Genoemd in 33 uitspraken · Officiële wettekst
33 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Geschil over vergoeding/afrekening van schade op grond van herverzekeringsovereenkomsten; dwangsom, verzoek bij pleidooi in hoger beroep tot matiging en limitering, een nieuwe grief?, uitzondering op “in beginsel strakke regel”; cassatie, verweer tot niet-ontvankelijkheid bij geb
Collectieve actie; ontvankelijkheid producenten van beeld- en geluidsdragers (NVPI) in actie wegens ‘piraterij’ en ‘bootlegging’; 1401 (oud)/6:162 BW-belang. Wijziging (verandering) van eis; hoedanigheid eiser.
19 december 2003 Eerste Kamer Nr. C02/228HR en C02/280HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in beide zaken van: 1. ROCHE NEDERLAND B.V. gevestigd te Mijdrecht, 2. de vennootschap naar Amerikaans recht ROCHE DIAGNOSTIC SYSTEMS INC., gevestigd te Somerville, New Jersey, Verenigde
Art. 81 lid 1 RO. Beslagrecht. Executoriaal beslag door Ontvanger. Beroep op gezag van gewijsde voor het eerst in cassatie.
-
24 juni 2005 Eerste Kamer Nr. C01/189HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, incidenteel verweerder, advocaat: mr. R.Th.R.F. Carli, t e g e n de erfgenamen van wijlen [betrokkene 1], in leven wonende te [woonpl
Overgangsrecht WRO (oud) en Wro (nieuw). Exploitatieovereenkomst (art. 42 WRO (oud)). Toepasselijkheid art. 9.1.5 of art. 9.1.17 Invoeringswet Wro?
Vervroegde onteigening. Cassatie. Niet-ontvankelijkheid. Cassatieverklaring en dagvaarding niet betekend aan wederpartij binnen in art. 54l lid 1 Ow. bepaalde termijn van twee weken. Griffier behoort in art. 25 lid 1, aanhef en onder a, Kadasterwet bedoelde verklaring desgevraagd
Enquêterecht. Aandelenkapitaal van verzoeksters tezamen voldoet aan kapitaalseis van art. 2:346, aanhef en onder b, BW. Intrekking verzoek van één der beide verzoeksters maakt geen einde aan de aanhangigheid van het geding, maar leidt tot niet-ontvankelijkheid van de desbetreffen
Kort geding. Verstek. Ontruiming perceel met opstallen. Toewijzing.
Vordering tot voeging in cassatie (art. 217 Rv). Vordering tijdig ingesteld nadat tegen verweerder in cassatie verstek is verleend? Toepassing art. 218 Rv in cassatie.
Vordering gemeente ontruiming gronden afgewezen in kort geding omdat de gemeente geen spoedeisend belang heeft. Uit brieven van de gemeente blijkt dat de Gemeente Gedaagde wel langer de tijd wil geven om de gronden terug te geven. Dat is on strijd met het spoedeisend belang dat
Internationaal privaatrecht, personenrecht, procesrecht. Ontvankelijkheid cassatieberoep van in Spanje onder curatele (‘tutela’) gestelde persoon. Erkenning Spaans vonnis; anticiperende toepassing van Haags Volwassenenbeschermingsverdrag? Rechtsgevolgen van tutela; handelingsonbe
Onteigeningsrecht. Schadeloosstelling na onteigening ten behoeve van omlegging Rijksweg A9 en reconstructie knooppunt Badhoevedorp. Is plaats voor vergoeding van bijkomende schade aan de juridisch eigenaar die zijn agrarische grond in economische eigendom heeft overgedragen onder
Art. 81 lid 1 RO. Contractenrecht. Koopovereenkomst woning. Procesrecht. Berusting ingevolge vaststellingsovereenkomst? Belang bij cassatieberoep? Inschrijven dagvaarding vereist (art. 3:301 lid 2 BW)? Ambtshalve toetsing aan art. 7:2 BW?
Bevoegdheid burgerlijke rechter ter zake van invordering bestuursrechtelijke geldschulden, art. 4:124 Awb (HR 21 februari 2014, ECLI:NL:HR:2014:397, NJ 2014/202). Formele rechtskracht toegezonden facturen eigen bijdragen AWBZ en Wmo? Art. 1:3 Awb.
Cassatie. Beoordeling verstek. Vermelding in cassatiedagvaarding van niet toepasselijke sanctie in geval van niet tijdige betaling griffierecht. Gebrek dat nietigheid oplevert? Art. 407, 411 Rv.
Cassatie. Beoordeling verstek. Vermelding in cassatiedagvaarding van niet toepasselijke sanctie in geval van niet tijdige betaling griffierecht. Gebrek dat nietigheid oplevert? Art. 407, 411 Rv.
Vervroegde onteigening. Cassatie. Niet-ontvankelijkheid. Cassatieverklaring en dagvaarding niet betekend aan wederpartij binnen in art. 54l lid 1 Ow. bepaalde termijn van twee weken. Griffier behoort in art. 25 lid 1, aanhef en onder a, Kadasterwet bedoelde verklaring desgevraagd
Cassatieprocesrecht; art. 407 lid 2. Aangenomen moet worden dat ook niet-inachtneming van het voorschrift dat een cassatiedagvaarding de gevolgen dient te vermelden die de wet verbindt aan niet tijdige betaling van het verschuldigde griffierecht, met nietigheid is bedreigd.
Cassatieprocesrecht; art. 407 lid 2. Aangenomen moet worden dat ook niet-inachtneming van het voorschrift dat een cassatiedagvaarding de gevolgen dient te vermelden die de wet verbindt aan niet tijdige betaling van het verschuldigde griffierecht, met nietigheid is bedreigd.
Verzekeringsrecht. Causaal verband tussen auto-ongeval en tot arbeidsongeschiktheid leidende gezondheidsklachten; eigen schuld. (81 RO)
Geschil over vergoeding/afrekening van schade op grond van herverzekeringsovereenkomsten; dwangsom, verzoek bij pleidooi in hoger beroep tot matiging en limitering, een nieuwe grief?, uitzondering op “in beginsel strakke regel”; cassatie, verweer tot niet-ontvankelijkheid bij geb
29 april 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R04/046HR (OK 112) JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: 1. Mr. Cornelis Germaine Alexis MATTHEUSSENS, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van D FREIGHT GROUP N.V., kantoorhoudende te Roosendaal, 2. POLISOL