Vraag of retentierecht rechtsgeldig is ingeroepen. Artikel 3:291 lid 2 BW en artikel 3:392 BW
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 392 Rv
Genoemd in 495 uitspraken · Officiële wettekst
495 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 5 · live
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Beslag- en executierecht. Overgang door fusie (art. 2:309 BW) van bevoegdheid tot tenuitvoerlegging executoriale titel. Betekening van die overgang aan de geëxecuteerde bij deurwaardersexploot (art. 431a Rv). Mogelijkheid voor verkrijgende rechts
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Collectieve actie effectenlease-overeenkomst, art. 3:305a BW. Geldt stuitende werking ook voor bevoegdheid tot buitengerechtelijke vernietiging ex art. 1:89 BW? Zesmaandentermijn van art. 3:316 lid 2 BW.
Vervolg op Rb. Amsterdam 26 juni 2013 (ECLI:NL:RBAMS:2013:4617), Rb. Amsterdam 18 september 2013 (ECLI:NL:RBAMS:2013:5910) en HR 28 maart 2014 (ECLI:NL:HR:2014:766). De rechtbank beantwoordt de resterende ‘voorvragen’.
Beroepsfouten arbiters, advocaten. Herstel handtekeningengebrek arbitraal vonnis.
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Procesrecht. Art. 384 lid 1 Rv. Ondanks appelverbod wordt hoger beroep ingesteld met een beroep op een doorbrekingsgrond. Het hof wijst dit beroep af, waarna de eiser herroeping vordert wegens bedrog (art. 382 Rv). Wie is de in art. 384 lid 1 Rv
.
Overwaardearrangement, tussenvonnis, voornemen prejudiciële vragen aan de Hoge Raad.
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Rechtsbijstandverzekering. Vrije advocaatkeuze bij ontslagprocedure bij UWV (art. 6 BBA)? Art. 4:67 Wft. Richtlijn 87/344/EEG en HvJEU 7 november 2013, zaak C-442/12, ECLI:EU:C:2013:717. Moet ontslagprocedure worden aangemerkt als ‘administratiev
Prejudiciële vraag; art. 392 Rv. Loonaanspraak bij ziekte. Verval loonaanspraak bij weigering passende arbeid; art. 7:629 lid 3, aanhef en onder c, BW. Komt loonaanspraak ook te vervallen over het deel van de werktijd waarvoor de werknemer arbeidsongeschikt is? Betekenis “voor de
Korte samenvatting: Prejudiciële vraag aan de Hoge Raad. Een stil pandhouder vraagt om afgifte van verpande zaken nadat surséance van betaling is verleend aan de pandgever, maar afgifte wordt geweigerd i.v.m. een afkoelingsperiode. Binnen die periode wordt de pandgever failliet v
Prejudiciële beslissing, art. 392 Rv. Beoordelingsvrijheid Hoge Raad, gebondenheid aan feitelijke beslissingen. Kan hypotheekakte na uitwinning dienen als executoriale titel in de zin van art. 430 Rv voor restantvorderingen? Uitleg HR 26 juni 1992, LJN ZC0646, NJ 1993/449 (Raboba