Personen- en familierecht, appelprocesrecht. Geldt het rechtsmiddelenverbod van art. 807 Rv ook voor een beschikking ex art. 1:265i BW (wijziging verblijfplaats van een onder toezicht gestelde minderjarige)?
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 360 Rv
Genoemd in 195 uitspraken · Officiële wettekst
195 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 6 · live
Procesrecht. Voorlopig getuigenverhoor (art. 186 Rv) waarin reeds een rogatoire commissie was gelast, wordt na de sluiting heropend (vgl. HR 13 september 1996, ECLI:NL:HR:1996:ZC2134, NJ 1996/731). Rechtsmiddelenverbod (art. 188 lid 2 Rv). Doorbrekingsgronden. Eisen van een goede
Art. 81 lid 1 RO. Huwelijksvermogensrecht. Vóór peildatum van gezamenlijke rekening opgenomen bedrag. Bewijslast. Devolutieve werking.
Provisionele vordering, 223 Rv, weigeren voorziening, alimentatieplichtige heeft onvoldoende gesteld dat hij in een financiele noodsituatie terecht zal komen, daarom geen belangenafweging
Ontvankelijkheid hoger beroep van getuigen tegen een beslissing van de rechtbank op een op het Haags bewijsverdrag gegrond verzoek van een rechterlijke autoriteit van een andere verdragsluitende staat tot het verkrijgen van bewijs of het toepassen van speciale vormen daarbij
Voorlopige getuigenverhoor. Appellant was in eerste aanleg alleen opgeroepen als getuige in het voorlopige getuigenverhoor. In hoger beroep oordeelt het hof dat appellant in eerste aanleg ten onrechte niet is aangemerkt als belanghebbende.
Procesrecht, personen- en familierecht. Incident tot uitvoerbaarverklaring bij voorraad van veroordeling tot betalen gebruiksvergoeding voormalige echtelijke woning. Bij beoordeling in aanmerking te nemen regels.
Huur bedrijfsruimte. Nadere vaststelling huurprijs. Vernietigbaarheid beding dat afwijkt van art. 7:303 BW. Kan rechterlijke goedkeuring van afwijkend beding worden verkregen nadat het is vernietigd (art. 7:291 lid 1 en 3 BW)? Mogelijkheden om verschillende soorten uitspraak uitv
hoofdverblijf zorgregeling partneralimentatie kinderalimentatie
Verzoek tot schorsing van de uitvoerbaarheid bij voorraad van een opgelegde omgangsregeling.
Erfrecht. Executeursbenoeming. Testamentair bewind. Taken en bevoegdheden executeur; beheer goederen nalatenschap, art. 4:144 lid 1 BW. Beëindigen beheer na eindigen taak als executeur; art. 4:150 lid 1 BW. Procesrecht. Herstel door Hoge Raad van kennelijke vergissing in uitspraa
Fax zonder bijlagen op tijd binnengekomen bij de griffie van het hof. De bijlagen, de eigenlijke nagekomen stukken, zijn buiten de termijn van artikel 1.4.3 van het procesreglement verzoekschriftprocedures familiezaken gerechtshoven ingediend. Hof slaat geen acht op de nagekomen
kinderontvoering
Uitvoerbaarheid bij voorraad. Kinderalimentatie, partneralimentatie. Noodtoestand: niet aanwezig voor zover het de kinderalimentatie betreft, wél ten aanzien van de partneralimentatie.
Hoger beroep tussenbeschikking niet-ontvankelijk. Doorbrekingsjurisprudentie geldt voor een tussenbeschikking niet
* Geen schending van beginsel van hoor/wederhoor; * treffen van voorlopige voorziening op basis van art. 223 Rv in verzoekschriftprocedure als de onderhavig niet mogelijk; * niet voldaan aan voorwaarde de uitvoerbaarheid bij voorraad te schorsen.
Voor zover een feit onjuist zou zijn is dat niet van zodanig zwaar gewicht voor de beslissing dat dit tot schorsing van de uitvoerbaarheid bij voorraad zou moeten leiden.
Doorbreking appelverbod artikel 188 lid 2 Rv (verzoek voorlopig getuigenverhoor); ten onrechte toepassen o.g.v. bepalingen EEX-vordering. Toepasselijkheid forumkeuzebediening
Beslag op ambtswoning ambassadeur Colombia is in strijd met (het doel van) het Verdrag van Wenen inzake diplomatiek verkeer.
- afwijzing van een verzochte wijziging van een beschikking op grond van artikel 1:401 lid 4 en 5 BW; - niet-ontvankelijk verklaring van een verzochte wijziging van een beschikking waartegen inmiddels hoger beroep is ingesteld; - aanhouding van een verzochte wijziging van de hoof
(Geen) partneralimentatie. In casu geen goede gronden aanwezig om uit te gaan van een fictief inkomen van de man.
Familierecht. Geschil tussen voormalig samenwonende partners over de vaststelling van een omgangsregeling tussen de vader en zijn minderjarig kind (81 RO).
Het hof wijst het verzoek van de moeder alsmede van het LJ&R, tot schorsing van de uitvoerbaarheid van de beschikking van de rechtbank, toe. Het hof acht het niet in het belang van de minderjarige sub 2 om, zolang niet definitief over diens verblijfplaats is beslist, op dit momen
Familierecht. Geschil tussen voormalige echtelieden over wijziging van een bij kinderconvenant naast co-ouderschap (nader) bepaalde omgangsregeling tussen de vader en zijn kinderen (81 RO).
Geschil tussen biologische (draag)ouders en wensouders. Schorsing van de uitvoerbaarverklaring bij voorraad van de beslissing van de rechtbank dat de wensouders het kind aan de biologische ouders dienen af te geven. Zie voor de beslissing in de hoofdzaak Hof Leeuwarden 6 oktober