bestaan overeenkomst niet voldoende onderbouwd.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 353 Rv
Genoemd in 1.848 uitspraken · Officiële wettekst
1.848 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 26 · live
huur bedrijfsruimte; vordering tot beëindiging huurovereenkomst en veroordeling ontruiming toegewezen op grond van belangenafweging; tegemoetkoming in verhuis- en inrichtingskosten; geen termijn ex art 7:297 lid 2 BW. Zie ECLI:NL:GHAMS:2019:1336.
Verstek. Vermeerdering van eis in hoger beroep niet betekend? Tussenarrest Zie ECLI:NL:GHAMS:2020:2741.
Personen- en familierecht. Procesrecht. Afwikkeling huwelijkse voorwaarden na echtscheiding. Vergoedingsrecht. Passeren bewijsaanbod. Nevenvoorziening; art. 827 lid 1, onder f, Rv.
Huwelijksvermogensrecht. Procesrecht. Art. 1:141 BW. Verrekenbeding in huwelijkse voorwaarden; bewijslastverdeling (art. 1:141 lid 3 BW). Pensioenverevening; af te storten pensioenbijdrage.
huur woning, ontbinding en onruiming wegens ernstige overlast en bedreigingen door huurster en (met name) haar partner.
huur woonruimte, bedreiging medewerkers door huurder met beperkingen. In beginsel grond voor ontbinding huurovereenkomst. In dit geval geen ontbinding omdat huurder inmiddels (in appelfase) is verhussd. Huurder wel veroordeeld in proceskosten
Huurzaak. Vordering van verhuurder tot betaling van energiekosten afgewezen omdat onvoldoende is onderbouwd welke kosten daadwerkelijk zijn gemaakt (art. 7:259 BW). Vordering van huurder tot inzage in daadwerkelijk door verhuurder betaalde energiekosten (art. 7:259 lid 4 BW) is t
Kort geding tot ontruiming van een woning. Anders dan de kantonrechter meent het hof dat uitsluitend de huurachterstand onvoldoende reden is geweest voor de ontruiming, maar dat bij die huurachterstand komt dat appellant aan zijn medebewoners ernstige overlast heeft aangedaan. De
Tien huurders vorderen bij één dagvaarding elk afzonderlijk terugbetaling door verhuurder van een bedrag van € 302,50, welk bedrag zij uit hoofde van twee bedingen in de huurovereenkomst die zij ieder met verhuurder sloten, bij het aangaan van de overeenkomst hebben betaald. In d
Huur van bedrijfspand. Cessie van onderhuurpenningen aan verhuurder.
Hoger beroep. Incident tot voeging ex artikel 222 Rv van het appel de hoofdzaak met het appel in de vrijwaringszaak. Indien de vordering in de hoofdzaak wordt toegewezen, staat de in eerste aanleg gegeven beslissing in de vrijwaringszaak op losse schroeven. Daarom wordt verzet te
vordering betaling debet saldo rekening-courant.
Kort geding. Man op grond van eerdere beschikking gehouden schuld aan de bank voor zijn rekening te nemen, maar lost niets af. Bank vordert aflossing van de schuld van de vrouw. Man wordt veroordeeld schuld, vermeerderd met rente en kosten, aan vrouw te betalen.
burenrecht/ eisvermeerdering in strijd met tweeconclusieregeling/ onrechtmatige hinder door parkeren voor inrit dan wel parkeerplaatsen?/schending privacy door maken van camerabeelden?
personen- en familierecht, huwelijksvermogensrecht; wettelijke (algehele) gemeenschap van goederen; woning prive-eigendom man; vergoedingsrecht gemeenschap op man?
Kort geding: wie is contractspartij, ontbinding koopovereenkomst, verrekening, bestuurdersaansprakelijkheid, spoedeisendheid, restitutierisico. In vervolg op ECLI:NL:RBOVE:2019:691
Verbintenissenrecht; koopovereenkomst woning; is tussen partijen een koopovereenkomst tot stand gekomen? Vereiste van schriftelijkheid bedongen?
Concurrentie tijdens dienstverband; schadevergoeding
Tekortschieten in de nakoming van een beding in een huurovereenkomst betreffende het draaiend houden van een monumentale watermolen. Uitleg van het begrip ‘malen’. Aard van het belang van de verhuurder bij het beding.
Partij bij huurovereenkomst bestelbusje. Aansprakelijkheid voor schade aan bestelbusje. Beroep op artikel 6:100 BW
aanneming van werk; verzuim; toerekenbare tekortkoming?
Procesrecht. Art. 419 lid 2 Rv. Afstemming kortgedinguitspraak op uitspraak bodemprocedure; HR 24 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:1128. Executiekortgeding, art. 438 lid 2 Rv. Juridische misslag. Misbruik van (executie)bevoegheid. HR 22 april 1983, ECLI:NL:HR:1983:AG4575 (Ritzen/Hoeks
Erfrecht. Uitleg testament. Dient het testament van erflater zo uitgelegd te worden dat bedoeld is (ook) de wilsrechten van artikel 4:21 BW uit te sluiten, ook al zijn die wilsrechten in het testament niet uitgesloten. Zin van het testament zonder die uitsluiting. Verklaringen va
Hoger beroep niet-ontvankelijk voor zover gericht tegen een rechtspersoon die in eerste aanleg geen procespartij was. Eis in reconventie in hoger beroep niet-ontvankelijk. Zakelijke afnemer van energie gebonden aan contracten die door gevolmachtigde zijn aangegaan, waarbij overig