Gevoegde zaken. Deelnameovereenkomsten tussen individuele investeerders en twee vennootschappen. Tekortkomingen vennootschappen. Terugbetaling inleg. Geen aansprakelijkheid bestuurder. In vervolg op: ECLI:NL:RBGEL:2024:9745 Zie ook: ECLI:GHARL:2025:4584
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 353 Rv
Genoemd in 1.848 uitspraken · Officiële wettekst
1.848 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 13 · live
Is er een koopovereenkomst tot stand gekomen. Waardering getuigenbewijs.
Beroepsaansprakelijkheid advocaat; tussenarrest waarin aansprakelijkheid wordt aangenomen; over schade mogen partijen zich nog uitlaten
Vorderingen ter zake van (on)rechtmatigheid en (on)verbindendheid totstandkoming wijziging artikel 7.23d Arbobesluit, houdende uitzondering op verbod met een hijs- of hefwerktuig voor goederenvervoer personen te vervoeren; weigering tijdig voor mondelinge behandeling overgelegde
Wraking. Misbruik van procesrecht. Een volgend verzoek tot wraking zal niet in behandeling worden genomen (art. 39 lid 4 Rv).
Overeenkomstenrecht. Procesrecht. Bouwgeschil tussen gemeente en aannemer over uitvoering opgedragen werkzaamheden. Omzetting verbintenis in zin van art. 6:87 BW.
Hoger beroep, Verstekzaak. Opschorting VvE-bijdragen. Vordering tot verhelpen lekkages afgewezen omdat daarvoor besluitvorming binnen VvE nodig is.
Incidentele vordering tot voeging in cassatie (art. 415 lid 1 Rv). Uiterste tijdstip waarop vordering tot voeging in cassatie kan worden ingesteld. Belang bij voeging in cassatie?
Contractenrecht. Dwingende bewijskracht akte (art. 157 lid 2 Rv.). Partijen bij de overeenkomst en passeren bewijsaanbod in dat verband. Beoordeling gebreken.
Niet gebleken dat partijen een afspraak hebben gemaakt over het prijsgeven van de overwaarde door de vrouw. Uit feitelijk handelen van partijen blijkt dat man na uiteengaan alle lasten verbonden aan de gezamenlijke woning voor zijn rekening zou nemen en dat vermogensaanwas spaarv
Relatievermogensrecht. Revindicatie. Geschil tussen ex partners over afgifte van spullen die zich bevinden in Marbella (Spanje).
Koper heeft blauwstalen taatsdeuren besteld bij verkoper. Volgens koper zijn de geleverde deuren non-conform., dus hij vordert schadevergoeding. Volgt afwijzing.
Vordering tot voeging in cassatie (art. 217 Rv). Vordering tijdig ingesteld nadat tegen verweerder in cassatie verstek is verleend? Toepassing art. 218 Rv in cassatie.
Intentie-overeenkomst. Geldleningsovereenkomsten. Uitgebleven bekrachtiging. Geen bekrachtigingsaansprakelijkheid op grond van artikel 2:203 lid 2 BW; geen bestuurdersaansprakelijkheid of onrechtmatige daad.
Verbintenissenrecht. Rechthebbende op bedrag aan geïncasseerde vorderingen van het CJIB op kwaliteitsrekening van failliet verklaard deurwaarderskantoor; maatstaf rechthebbende in zin van art. 19 Gdw.
Internationale (groot)handel in tortillachips. Weens Koopverdrag van toepassing. Terechte gedeeltelijke ontbinding van de koopovereenkomst wegens gedeeltelijke niet-levering conform bestelling. Bewijslastverdeling op grond van art. 29 Weens Koopverdrag. Onvoldoende concreet en sp
Internationaal privaatrecht; bevoegdheid; Verdrag conservatoir beslag op zeeschepen (Trb. 1981, 165); exclusieve bevoegdheid beslagrechter voor geschillen over onrechtmatigheid scheepsbeslag (art. 5 Beslagverdrag)? Vervolg op HR 17 juli 2020, ECLI:NL:HR:2020:1280.
Erfrecht. Tweetrapsmaking (fideï-commis de residuo). Nagelaten landgoed is ingebracht in een B.V. Zijn de (certificaten van aandelen) in de B.V. krachtens zaaksvervanging tot het tweetrapsvermogen gaan behoren? Stelplicht en bewijslast en gevolgen van processueel ondeelbare recht
Ambtshalve toetsing. L&S stelt vorderingen in op grond van een consumentenkredietovereenkomst, die de kantonrechter heeft vernietigd wegens een oneerlijke handelspraktijk omdat voorgeschreven precontractuele informatie niet, althans niet tijdig is verstrekt (artikel 7:60 BW). De
Procesrecht. Art. 87 Rv. Ten onrechte eindarrest gewezen zonder te beslissen op verzoek om mondelinge behandeling?
Kort geding. Unierecht. Ondernemingsrecht. Herstructurering concern met in kapitaalstructuur gesanctioneerde partijen; reële alternatieven voorhanden?; zorgvuldigheid besluitvorming?; proceskostenveroordeling. Samenhang met HR 21 juni 2024, ECLI:NL:HR:2024:922.
Ondernemingsrecht. Algemeen vermogensrecht. Joint venture-geschil. O.a. klachten over toepassing van art. 3:44 lid 4 BW, toetsing van schorsing uitvoerend bestuurder aan redelijkheid en billijkheid (art. 2:8 BW) en beoordeling van uittreedvordering (art. 2:343 BW).
Intrekking hoger beroep. Appellant niet ontvankelijk. Geen eis in reconventie ingesteld
Verbintenissenrecht. Onrechtmatige daad (art. 6:162 BW). Is sprake van 'bestuurders'aansprakelijkheid? Samenhang met 24/03074.
Kort geding opheffing beslag.