niet-ontvankelijk in hoger beroep (1 dag te laat). Ook niet-ontvankelijk in incidenteel appel. Ambtshalve toepassing.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 339 Rv
Genoemd in 336 uitspraken · Officiële wettekst
336 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 8 · live
Aannemingsovereenkomst. Geen vaste prijs overeengekomen. In het midden kan blijven of richtprijs is overeengekomen. Redelijk prijs ex 7:752 BW is verschuldigd. Extra werk en opdracht daarvoor. Hof gelast verhoor van de bij beschikking van 11 februari 2014 benoemde deskundige met
Aanbestedingsrecht. Vraag of concessieovereenkomsten in regio Rotterdam openbaar moeten worden aanbesteed. ‘Duidelijk grensoverschrijdend belang’ (art. 1.7, onder c, Aanbestedingswet 2012); daaraan te stellen eisen; aansluiting bij rechtspraak HvJEU. Mee te wegen omstandigheden;
Aanbestedingsrecht. Vraag of concessieovereenkomsten in regio Rotterdam openbaar moeten worden aanbesteed. ‘Duidelijk grensoverschrijdend belang’ (art. 1.7, onder c, Aanbestedingswet 2012); daaraan te stellen eisen; aansluiting bij rechtspraak HvJEU. Mee te wegen omstandigheden;
- betaling op rekening van gefailleerde vennootschap onmiskenbare vergissing {HR 5 september 1997, NJ 1998/437 (Ontvanger/Mr. Hamm q.q.) en HR 7 juni 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE3796 (Mr. Komdeur q.q./ Nationale Nederlanden) - persoonlijke aansprakelijkheid curator (Maclou-norm)
Niet-ontvankelijkheid wegens te laat indienen appeldagvaarding. Mondelinge uitspraak, motivering vonnis volgt later.
In eerste aanleg heeft de rechtbank beslist dat de vrouw de man dertig dagen in gijzeling mag laten nemen teneinde hem ertoe te bewegen kinderalimentatie te betalen. Het vonnis is inmiddels ten uitvoer gelegd. Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank. De vrouw heeft het ho
Tussenarrest. Zie ECLI:NL:GHAMS:2019:1904.
Art. 81 lid 1 RO. Advocatentuchtrecht. Bevoegdheid Deken disciplinair onderzoek in te stellen naar onbehoorlijke uitlatingen van advocaat. Kantoorbezoek, kantoor aan huis. Voldoet art. 46 Advocatenwet als wettelijke grondslag voor inbreuk op vrijheid van meningsuiting? Art. 7 Gw;
Beroep op niet-ontvankelijkheid wegens overschrijding van de appeltermijn. De op het deurwaardersexploot vermelde datum ligt een dag na het verstrijken van de appeltermijn. Het deurwaardersexploot levert dwingend bewijs op, waartegen tegenbewijs open staat. Appellante slaagt in h
Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Overschrijding appeltermijn (art. 339 Rv) door onjuist in vonnis vermelde uitspraakdatum?
Niet voldoen aan verplichting tot wonen/hoofdverblijf van huurwoning. Omvangrijke mutatieschade deels toegewezen.
Onrechtmatige overheidsdaad; strafrecht. Tenuitvoerlegging voorwaardelijk gedeelte gevangenisstraf onrechtmatig? Veroordeling tot deels voorwaardelijke gevangenisstraf (art. 14a Sr), waarbij voorarrest langer heeft geduurd dan onvoorwaardelijk gedeelte van de gevangenisstraf. Zie
Arbeidsrecht. Loonvordering in kort geding na ontslag op staande voet. Kosten buitengerechtelijke rechtsbijstand.
Hoger beroep in vrijwaringsprocedure. Zelfde bewijsopdracht als in de hoofdzaak. Datum getuigenverhoren op reeds in de hoofdzaak geplande datum gesteld. Rolvoeging.
Bewijswaardering
Art. 81 lid 1 RO. (Vervolg op tussenarrest over griffierecht: HR 8 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:607.) Kort geding in verband met voorgenomen strafrechtelijke ontruiming van kraakpand (art. 551 Sv) waarin uitgeprocedeerde asielzoekers verblijven. Is bed-bad-broodregeling voldoende
Internationaal publiekrecht. Executoriaal beslag ten laste van vreemde staat. Omvang immuniteit van executie. Stelplicht en bewijslast m.b.t. bestemming van goederen die beslag en executie toestaat. Verwijzing naar HR 30 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2236 en HR 11 juli 2008, EC
geldig herstelexploot? Vraag of gemeente onrechtmatig jegens appellant heeft gehandeld in verband met de wijziging van de infrastructuur bij de herinrichting van een kruispunt onmiddellijk bij de woning van appellant. Causaliteit tussen deze wijziging en de (gestelde) schade aan
Apparaatsfout. Onjuiste rechtsmiddel ingesteld op advies medewerker rechtbank. Alsnog in de gelegenheid gesteld juiste rechtsmiddel in te stellen met verwijzing naar artikel 6 EVRM.
IPR. Toepasselijk recht op (on)rechtmatigheid van internetpublicaties. Kan als ‘land waar de schade zich voordoet’ (art. 4 lid 1 Verordening Rome II) worden aangemerkt het ‘centrum van de belangen’ van de gelaedeerde (conform art. 5, onder 3, EEX-Vo, zoals uitgelegd in HvJEU 25 o
procesrecht; verschillende uitspraakdata in vonnis; herstelvonnis; strikte handhaving rechtsmiddelentermijnen; apparaatsfout; uitzondering niet gerechtvaardigd.
na intrekking principale appel door de moeder gaat het hof in op bij aanvullend verweerschrift aangevoerde incidentele grief; hoofdverblijfplaats minderjarige bij de vader bepaald
Appelprocesrecht. Tweede hoger beroep ontvankelijk? HR 9 juli 1999, ECLI:NL:HR:1999:ZC2953, NJ 1999/699 en HR 4 april 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF3061, NJ 2003/418. Inmiddels uitspraak in eerste hoger beroep. Goede procesorde. Verenigbaar met uitspraak eerste hoger beroep en gesloten
Procesrecht. Appeltermijn van 8 dagen bij reële executie ex art. 3:300 lid 2 BW en art. 433 Rv Indien in het dictum van het vonnis toepassing is gegeven aan de regel van art. 3:300 lid 2 BW (vonnis vervangt akte van levering woning), dan dient op straffe van niet ontvankelijkheid