Art. 81 lid 1 RO. Kort geding. Gebod tot verschaffen van toegang aan de eigenaar van een perceel (ADM-terrein) door de gebruikers daarvan. Grenzen van de rechtsstrijd. Is het gebod voldoende bepaald? (Samenhang met 16/01172)
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 339 Rv
Genoemd in 336 uitspraken · Officiële wettekst
336 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Belastingrecht. Dwangsommen. Staat vordert o.g.v. art. 47 AWR bevel in kort geding tot geven van inlichtingen. Niet gemaximeerde dwangsommen; art. 611b Rv. Art. 6 EVRM, punitieve sanctie? Discretionaire bevoegdheid rechter. Art. 5:32b lid 2 Awb en art. 52a lid 4 AWR. Verwijzingen
Art. 81 lid 1 RO. Advocatentuchtrecht. Bevoegdheid Deken disciplinair onderzoek in te stellen naar onbehoorlijke uitlatingen van advocaat. Voldoet art. 46 Advocatenwet als wettelijke grondslag voor inbreuk op vrijheid van meningsuiting? Art. 7 Gw; art. 10 EVRM. Toetsingsverbod, a
Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige daad. Kort geding. Publicatie in Telegraaf onrechtmatig? Vordering tot rectificatie en voorschot op schadevergoeding.
Kort geding. Schietincident Alphen aan den Rijn. Hebben slachtoffers en nabestaanden recht op afgifte van psychiatrisch rapport over overleden schutter, opgemaakt in opdracht van openbaar ministerie? Art. 39f lid 1 Wjsg. Is het rapport verkregen in het kader van ‘strafvorderlijk
Strafrecht. Vordering in kort geding tot staking (verdere) tenuitvoerlegging gevangenisstraf. (On)bevoegdheid Openbaar Ministerie om af te zien van tenuitvoerlegging opgelegde straffen, art. 553 Sv (HR 3 maart 2009, ECLI:NL:HR:2009:BG5977, NJ 2009/139). Geen wettelijke voorzienin
Uitleveringsrecht. Taakverdeling uitleveringsrechter, minister en burgerlijke rechter. Beoordelingsruimte burgerlijke rechter. Mogelijkheid dat in civiele procedure op grond van nieuwe omstandigheden anders moet worden geoordeeld dan in uitleveringsprocedure. Foltering van opgeëi
Art. 81 RO. Procesrecht. Voldaan aan voorwaarden voor toewijzing van vordering in kort geding?
Rechtspersonenrecht. Bevoegdheden van tijdelijk, door de rechter benoemde bestuurder stichting; geen nietigheid op grond van art. 2:14 BW van besluiten tijdelijk bestuurder stichting die verder gaan dan past bij de rol van tijdelijk bestuurder.
Art. 1019h Rv. ook van toepassing op geschil over de vraag of het gebod tot staking van de inbreuk op het auteursrecht is nageleefd. Goede trouw bij inbreuk leidt niet tot buiten toepassing laten 1019h Rv.
28 mei 2004 Eerste Kamer Nr. C03/154HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], gevestigd te [vestigingsplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. R.A.A. Duk, t e g e n [Verweerder], wonende te [woonplaats], VERWEERDER in cassatie, niet verschenen. 1. Het
-
Kort geding. Kwalificatie beslissing: declaratoir? Absolute competentie voorzieningenrechter; ambtshalve beoordeling.
Beslagrecht, procesrecht. Beslagvrije voet bij derdenbeslag op AOW-uitkering. Is de schuldenaar gehouden opgave te doen van zijn buitenlandse inkomen en vermogen? Art. 475g lid 1 (oud) Rv.
Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht; executiegeschil over dwangsom. Man dient op straffe van dwangsom achterstallige rente en premie voor hypotheek te betalen. Vraag of dwangsom verschuldigd is over periode nadat vrouw zelf de achterstallige bedragen heeft betaald.
Bevoegdheidsverdeling burgerlijke rechter en strafrechter. Strafrechtelijke vervolging tegen agenten wegens doodslag; strafrechter oordeelt het noodzakelijk dat de agenten om veiligheidsredenen anoniem in strafzaak optreden. Vordering van nabestaanden in kort geding dat aan hen d
Aanbestedingsrecht. Vraag of aanbestedingsrechtelijke beginselen zijn geschonden bij onderhands gesloten concessieovereenkomsten voor grondgebied Eindhoven. ‘Duidelijk grensoverschrijdend belang’ (art. 1.7, onder c, Aanbestedingswet 2012); daaraan te stellen eisen; aansluiting bi
Niet-ontvankelijkheid vanwege overschrijding appeltermijn
Art. 81 lid 1 RO. Strafrecht. Kort geding tot staking tenuitvoerlegging gedeelte van vrijheidsstraf. Misslag in strafvonnis door overschrijding wettelijk strafmaximum bij cumulatie (art. 63 Sr)? Gesloten stelsel van rechtsmiddelen in strafzaken. Art. 5 EVRM.
Internationaal publiekrecht. Conservatoir beslag ten laste van vreemde staat. Omvang immuniteit van executie. Stelplicht en bewijslast m.b.t. bestemming van goederen die beslag en executie toestaat. Verwijzing naar HR 30 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2236. Uit Energiehandvest v
Ontruiming krakers. In kort geding gevraagd verbod. Betekenis van de woorden “bij een ander in gebruik” in art. 138 Sr ten aanzien van een besloten erf.
Art. 81 lid 1 RO. Kort geding. Executiegeschil. Uitleg hypotheekakte en toepasselijke algemene bepalingen. Misbruik van bevoegdheid tot parate executie? Art. 3:13 en 3:268 lid 1 BW.
Medewerking administratiekantoor aan onderzoek door belastingdienst naar cliënten; omvang (afgeleid) verschoningsrecht. Administratiekantoor geen geheimhouder als bedoeld in art. 53a Algemene Wet inzake Rijksbelastingen. Kan zich beroepen op afgeleid verschoningsrecht geheimhoude
Verbintenissenrecht. Collectieve actie; rechtsvordering die strekt tot bescherming van gelijksoortige belangen van andere personen als bedoeld in art. 3:305a BW; belangen die zich lenen voor bundeling; omstandigheid dat aanmerkelijk deel van de personen ter bescherming van wier b
Merkenrecht. Vraag of het met frisdrank afvullen van verpakkingen (blikjes) die zijn voorzien van een teken, moet worden aangemerkt als gebruik van dat teken in de zin van art. 5 lid 1(a) en/of (b) Merkenrichtlijn, ook indien dit afvullen geschiedt als dienstverlening in opdracht