Appellante niet ontvankelijk in hoger beroep tegen een van de geintimeerden, omdat het appelexploot na het verstrijken van de appeltermijn van artikel 339 Rv (die is gaan lopen na het tussenvonnis waarbij de rechtbank zich in het dictum niet bevoegd heeft verklaard) is uitgebrach
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 339 Rv
Genoemd in 336 uitspraken · Officiële wettekst
336 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Appelprocesrecht, aanvang beroepstermijn (art. 339 Rv), verschoonbare termijnoverschrijding na beweerdelijke apparaatsfout, invloed onttrekking advocaat op aanvang beroepstermijn?
Overheidsaansprakelijkheid. Overschrijding van de redelijke termijn door de burgerlijke rechter.
Art. 81 lid 1 RO. Onteigeningsrecht. Incident tot tussenkomst in onteigeningszaak. Art. 3 lid 2 en 3 Ow.
termijn hoger beroep na verbetering vonnis ex art. 31 Rv
Conclusie AG. Intrekking hoger beroep. Raadsman machtigt dag voor ttz per fax griffiemedewerker hoger beroep in te trekken. Tijdens behandeling ttz ontbreekt akte van intrekking. Middel klaagt over voortzetting inhoudelijke behandeling terwijl zaak was ingetrokken. Betekenis van
De tweede appeldagvaarding, uitgebracht binnen 14 dagen na de bij de eerste appeldagvaarding aangezegde rechtsdag, kan niet worden aangemerkt als een geldig inschrijvingsherstelexploot. Appellante niet-ontvankelijk in hoger beroep.
Overeenkomst tijdig geannuleerd, want bepaling "vanaf de dag van de aanvang van de overeenkomst" betekent dat de termijn is aangevangen de dag ná het sluiten van de overeenkomst
Hoger beroep tegen vonnis en aanvullend vonnis ex artikel 32 Rv. De aanvulling van het eerste vonnis brengt niet mee dat dat vonnis zijn rechtskracht heeft verloren. Voor de vaststelling van de termijn waarbinnen tegen het eerste vonnis hoger beroep moet worden ingesteld, is bepa
Tussenarrest. Zie ECLI:NL:GHAMS:2019:1904.
Niet voldoen aan verplichting tot wonen/hoofdverblijf van huurwoning. Omvangrijke mutatieschade deels toegewezen.
geldig herstelexploot? Vraag of gemeente onrechtmatig jegens appellant heeft gehandeld in verband met de wijziging van de infrastructuur bij de herinrichting van een kruispunt onmiddellijk bij de woning van appellant. Causaliteit tussen deze wijziging en de (gestelde) schade aan
Apparaatsfout. Onjuiste rechtsmiddel ingesteld op advies medewerker rechtbank. Alsnog in de gelegenheid gesteld juiste rechtsmiddel in te stellen met verwijzing naar artikel 6 EVRM.
procesrecht; verschillende uitspraakdata in vonnis; herstelvonnis; strikte handhaving rechtsmiddelentermijnen; apparaatsfout; uitzondering niet gerechtvaardigd.
Procesrecht. Veroordeling bij verstek bij vonnis op tegenspraak, art. 140 lid 3 Rv. Termijn waarbinnen de veroordeelde met het vonnis bekend is geraakt (HR 3 oktober 2014, ECLI:NL:HR:2014:2894). Verschoonbare termijnoverschrijding hoger beroep.
Groepsaansprakelijkheid ex artikel 6:166 BW in geval van diefstal van elektriciteit ten bate van hennepteelt.
Vordering tot herroeping verstekvonnis waartegen niet tijdig verzet is ingesteld. Herroepingstermijn is van openbare orde. Kennis van de herroeping vorderende partij over het bestaan van een herroepingsgrond is bepalend voor de aanvang van deze termijn (art. 383 Rv).
Veroordeelde partij is onwetend van het vonnis en krijgt dit eerst ver na het verstrijken van de appeltermijn toegezonden. Het appelexploot wordt echter niet binnen 14 dagen na verzending van het vonnis betekend. Het hoger beroep wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard.
Gedaagde heeft in eerste aanleg een exceptie van onbevoegdheid opgeworpen. Na verwijzing van de zaak naar een andere rechtbank, heeft gedaagde bij die andere rechtbank niet opnieuw een advocaat voor haar doen stellen. Het na die verwijzing gewezen vonnis is een vonnis op tegenspr
Ten onrechte gelegd conservatoir beslag en sequestratie; vordering in hoofdzaak afgewezen; kostenveroordeling, art. 706 Rv. Overschrijding appeltermijn deelvonnis; niet-ontvankelijkheid in hoger beroep.
Hoger beroep tegen tussenvonnis; niet -ontvankelijk vanwege overschrijding termijn.
Borgstelling. Borgstelling voldoet in dit geval aan het vereiste van artikel 7:858 lid 1 BW, hoewel daarin geen in geld uitgedrukt maximumbedrag is opgenomen.
Betekening appeldagvaarding, art. 14 nieuwe betekeningsverordening (1393/2007), art. 56 lid 3 Rv, postdiensten, koerier, aangetekend schrijven met ontvangstbevestiging of gelijkwaardige wijze, vrachtbrief, bedrijfsstempel.
1. Omvang hoger beroep. 2. Beroep op noodweer. Ad 1. Nu uit de inhoud van de appelakte bezwaarlijk anders kan volgen dan dat het beroep onbeperkt is ingesteld, heeft het Hof terecht geoordeeld dat de omvang van het hoger beroep niet was beperkt, wat er zij van hetgeen het Hof ter
Niet inschrijving van inschrijvingsherstelexploot. Ten onrechte verstekverlening. Verval van aanhangigheid.