Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Arbeidsrecht. Is onder de Wet werk en zekerheid nog een voorwaardelijk ontbindingsverzoek van de werkgever mogelijk nadat de werknemer op staande voet is ontslagen? Samenloop met verzoek werknemer tot vernietiging van ontslag op staande voet; wi
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 284 Rv
Genoemd in 268 uitspraken · Officiële wettekst
268 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Rechtspersonenrecht. Geschil tussen drie bestuurders van een stichting over het door één van hen op grond van art. 2:298 lid 1, aanhef en onder a, BW verzochte ontslag van de andere bestuurders die hij diezelfde dag als bestuurder hebben ontslagen; ontvankelijkheid verzoek, belan
8 april 2005 Eerste Kamer Nr. R04/005HR (OK 109) JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: 1. LAURUS N.V., gevestigd te 's-Hertogenbosch, 2. [Verzoeker 2], wonende te [woonplaats], 3. [Verzoeker 3], wonende te [woonplaats], 4. [Verzoeker 4], wonende te [woonplaats
Arbeidsrecht. Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens ongeschiktheid werknemer tot het verrichten van de bedongen arbeid (art. 7:669 lid 3, onder d, BW). Toepasselijkheid van wettelijke bewijsregels; vaststaan dan wel voldoende aannemelijk zijn van feiten en omstandigheden. Beteken
Arbeidsrecht. Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens verstoorde arbeidsverhouding (art. 7:669 lid 3, onder g, BW). Belang van (ontbreken) verwijtbaarheid aan zijde werknemer en werkgever. Toepasselijkheid van wettelijke bewijsregels; vaststaan dan wel voldoende aannemelijk zijn v
Art. 81 lid 1 RO. Rechtspersonenrecht. Verbodenverklaring en ontbinding van informele vereniging (motorclub) en van twee onzelfstandige support clubs. Miskenning van toepasselijkheid van strafrechtelijk bewijsrecht en onjuiste toepassing van art. 149 Rv? Support clubs ten onrecht
Rechtspersonenrecht. Geschil tussen drie bestuurders van een stichting over het door één van hen op grond van art. 2:298 lid 1, aanhef en onder a, BW verzochte ontslag van de andere bestuurders die hij diezelfde dag als bestuurder hebben ontslagen; ontvankelijkheid verzoek, belan
Onteigening vermogensbestanddelen en effecten SNS Reaal en SNS Bank. Verzoek tot vaststelling schadeloosstelling, art. 6:8-10 Wft. Recht op volledige vergoeding van de schade, werkelijke waarde onteigende vermogensbestanddeel of effect. Formele rechtskracht onteigeningsbesluit. B
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Arbeidsrecht. Is onder de Wet werk en zekerheid nog een voorwaardelijk ontbindingsverzoek van de werkgever mogelijk nadat de werknemer op staande voet is ontslagen? Samenloop met verzoek werknemer tot vernietiging van ontslag op staande voet; wi
Wvggz. Zorgmachtiging. Procesrecht. Art. 5:17 lid 2 en 3 Wvggz en art. 6:1 lid 5-8 Wvggz. Art. 6:1 lid 10 Wvggz jo. art. 284 lid 1 Rv. Art. 19 Rv. Nieuwe informatie ter zitting. Gemotiveerde betwisting door betrokkene. Nadere bewijslevering?
Familierecht. Huwelijk in Iran. Vrouw verzoekt echtscheiding en betaling van de naar Iraans recht overeengekomen bruidsgave. Verweer dat partijen al gescheiden zijn en dat de bruidsgave reeds is betaald. Passeren bewijsaanbod. Prognose. Motiveringsklachten.
Procesrecht. Onteigening SNS-aandeelhouders. Verzoek van Stichting Beheer SNS Reaal tot voorlopig getuigenverhoor met het oog op mogelijke schadevordering tegen SNS Reaal. Onaanvaardbare doorkruising van voor Ondernemingskamer aanhangige procedure tot waardevaststelling onteigend
Personen- en familierecht. Vervangende toestemming verhuizing; afwikkeling huwelijkse voorwaarden; Haviltex; bewijsaanbod.
Procesrecht. Gezag van gewijsde. Beperkende werking redelijkheid en billijkheid. Ontslag(besluit) inzake stichtingbestuurder.
Verzoek voorwaardelijke ontbinding arbeidsovereenkomst. De kantonrechter heeft het voornemen om prejudiciële vragen voor te leggen aan de Hoge Raad en houdt elke verdere beslissing aan.
Beslag- en executierecht. Levert een schikking ex art. 89 lid 1 Rv die een boetebeding bevat, een executoriale titel op voor de beweerdelijk ingevolge dat beding verbeurde boetes? Eisen te stellen aan executoriale titel. Vergelijking met regeling dwangsom (art. 611c tweede zin Rv
Inbewaringstelling gefailleerde, zonder contactbeperking. Gefailleerde komt verplichtingen uit artikel 91 Fw en artikel 105 Fw niet na. Artikel 149 Rv is niet van toepassing. Geen gezag van gewijsde van een door de rechtbank in het kader van een toegewezen schorsingsverzoek gegev
Enquêterecht. Is door ondernemingskamer gehoorde onderzoeker partij of belanghebbende in de zin van art. 426 Rv? Taak onderzoeker; art. 2:345, 351, 352 en 352a BW. Dient onderzoeker (i) een kopie van gespreksopnames ter beschikking van geïnterviewde personen te stellen, en (ii) h
Internationaal Privaatrecht. Procesrecht. Litispendentie (art. 12 Rv). Kinderalimentatieprocedures aanhangig in Marokko en in Nederland; uitleg art. 12 Rv; Nederlandse rechter onbevoegd o.g.v. erkenning Marokkaanse alimentatiebeslissing op voet art. 431 lid 2 Rv op basis Gazprom
Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Partneralimentatie. Geldigheid huwelijkse voorwaarden.
Procesrecht. Verzoek voorlopige getuigenverhoor. Samenloop met strafrechtelijk onderzoek? Eisen te stellen aan verzoek; weigeringsgronden; HR 22 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3250, NJ 2018/45. Alleen getuigenverhoor met het oog op geding voor de burgerlijke rechter; HR 15 juli 1
BOPZ. Machtiging voortgezet verblijf. Weigering van een verzoek om contra-expertise (art. 8 lid 6 Wet Bopz). Mocht deze weigering worden gebaseerd op medische rapporten die de advocaat van betrokkene niet kende?
GEZAG (F200.145.5416_01) ZORGREGELING (F200.145.416_01) DESKUNDIGENONDERZOEK (F200.145.416_01) Schorsing uitvoerbaarheid bij voorraad (F200.145.416_02)
Familierecht. Ondertoezichtstelling minderjarigen. Verzoek moeder om benoeming deskundige. Maatstaf voor weigering, art. 810a lid 2 Rv.
Art. 81 lid 1 RO. Familierecht. Verzoek op de voet van art. 1:253a lid 1 BW tot vervangende toestemming voor verhuizing met kinderen naar buitenland. Regeling inzake verdeling zorg- en opvoedingstaken.