Geschil over de vergoeding van schade door bodemverontreiniging; ontvankelijkheid van beroep in cassatie, wederpartij in de vorige instantie die door juridische fusie is opgehouden te bestaan, dagvaarding van een niet-bestaande procespartij?, onjuiste partijaanduiding?, geen bela
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 282 Rv
Genoemd in 329 uitspraken · Officiële wettekst
329 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Partijen verschillen van mening over de vraag welk regime van toepassing is op het gehuurde. Art 7:230A BW of 7:290 BW? Verlenging ontruimingstermijn.
Verlenging ontruimingstermijn ex artik 7:230a BW. De door huurder aangevoerde belangen bestaan ook nog bij een uitgestelde ontruiming en kunnen niet tot toewijzing van het verzoek leiden.
Verzoek van vader (zonder gezag) omgang met minderjarige kinderen. Procedure aangevangen in Portugal en daarna op verzoek van de moeder door rechtbank in Portugal overgedragen naar rechtbank Gelderland. In Nederland heeft moeder een zelfstandig verzoek ingediend strekkende tot on
Eisers vordert in 1988 betaling van achterstallige gage. Rechtbank verklaart zich in 1998 deels bevoegd hiervan kennis te nemen. Daarna ambtshalve royement. In 2011 verzoekt gedaagde verval van instantie. Op grond van overgangsrechtelijke bepalingen bij invoering NBW en wijziging
Arrest na verwijzing. Verval van instantie.
1. Verval van instantie krachtens Rv (oud) 2. Geen grond voor het oordeel dat een aan een kantoorgenoot gerichte akte van proocureur tot procureur het beoogde rechtsgevolg mist, omdat er geen twijfel over kan bestaan dat de akte mr. Smit heeft bereikt, aangezien hij een antwoorda
11 maart 2005 Eerste Kamer Nr. C04/048HR JMH/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiseres 1], gevestigd te [vestigingsplaats], 2. [Eiser 2], wonende te [woonplaats], 3. [Eiser 3], wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, advocaten: mrs. J.A.M.A. Sluysmans
De eis van de curator tot vervallenverklaring van de appèlinstantie moet derhalve worden toegewezen. Het door de rechtbank te Maastricht gewezen tussenvonnis van 20 februari 1997, waartegen [appellant] hoger beroep heeft ingesteld, verkrijgt hierdoor kracht van gewijsde (artikel
27 juni 2003 Eerste Kamer Nr. C01/320HR MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: BOUW- EN EXPLOITATIEMAATSCHAPPIJ ROHAM B.V., gevestigd te Bussum, EISERES tot cassatie, advocaat: mr. R.S. Meijer, t e g e n Mr. Nils Sebastiaan REERINK, in zijn hoedanigheid van curator i
Procesrecht. Verzet. Doet een in een verzetprocedure uitgesproken verval van instantie slechts de verzetinstantie vervallen, of tast dit ook de rechtskracht van het tussen partijen gewezen verstekvonnis aan?