wijziging pensioneringsleeftijd artikel 1 Protocol 1 EVRM
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 264 Rv
Genoemd in 40 uitspraken · Officiële wettekst
40 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Bonaire. Niet verschenen buitenlandse geïntimeerde. Niet gepleit in de vrijwaringszaak.
Beroepsaansprakelijkheid advocaat. Schadestaat procedure. Causaal verband. Toerekening. Eigen schuld. Omvang van de schade. Matiging.
Aanvang appeltermijn.
Het tussen partijen gewezen eindvonnis is van 4 januari 2010. Het Hof kan niet opmaken of appellante op die dag in kennis is gesteld van het vonnis. Hof kan derhalve niet oordelen of het hoger beroep tijdig is ingesteld. Appellante dient nadere informatie te verstrekken over de d
Vervolg op <i>LJN</i> BN7649. Appellant heeft hoger beroep te laat ingesteld en wordt niet-ontvankelijk verklaard.
Afwijkend huurbeding. Artikel 7:291 BW. Bedingen opgenomen in de franchiseovereenkomt. Geen vermelding in huurovereenkomst. Kantonrechter wijst verzoek af.
Hof oordeelt dat het afgeven van een kopie van vonnis door de dochter van partijen niet kan worden gekwalificeerd als 'aanzegging' in de zin van art. 264 lid 3 Rv. Appellant is ontvankelijk. Hof houdt iedere beslissing aan en geeft partijen in staat zich bij akte uit te laten ove
Arubaanse zaak. Appellant is in beroep gegaan tegen vonnis van 4 mei 2005, en stelt pas kennis te hebben genomen van het vonnis op 12 februari 2009. Nergens blijkt dat hij eerder kennis had van het vonnis en Hof houdt het er dan ook voor dat het hoger beroep tijdig is ingesteld.
In vonnis van 16 februari is in de aanhef slechts een gedaagde partij opgenomen. De naam van de andere gedaagde partij is niet vermeld. Hof oordeelt dat het een kennelijke fout betreft en dat dit niet afdoet aan inhoud en strekking. Voor aanvang van de appeltermijn is niet de dat
Appellant is niet bij de uitspraak aanwezig geweest, evenmin blijkt uit stukken in het dossier wanneer hij ex art. 264 Rv kennis van het vonnis gekregen heeft. Hof kan niet tot het oordeel komen of het op 6 februari 2009 door Martina ingestelde beroep tijd is, zodat hij daarover
Na overlijden wordt recht van erfpacht aan [geïntimeerde sub 4] toebedeeld. Appellanten vordert dat hiervoor een vergoeding wegens overbedeling wordt gesteld. Hof oordeelt dat er geen recht op vergoeding bestaat. Moeder heeft met de transactie voldaan aan een natuurlijke verbinte
Beschikking ex artikel 7:291, lid 3, BW. Goedkeuring afwijkend beding.
Antilliaanse zaak. Procesrecht; hoger beroep, ontvankelijkheid, beroepstermijn, toepasselijkheid van sinds 1 augustus 2005 geldend art. 264 RvNA; overgangsrecht, onmiddellijke werking.
Arubaanse zaak; arbeidsrecht. Ontslag op staande voet in verband met weigering deelname aan rehabilitatieprogramma na positief uitgevallen drugstest, gerechtvaardigde inbreuk persoonlijke levenssfeer van werknemer in geval van gebruik van cocaïne in privé-tijd.