Procesrecht. Vordering tot verval van instantie in het geding na cassatie en verwijzing; overgangsrecht, verwijzingsgeding als onvoltooide appèlinstantie valt onder het begrip “verdere behandeling” in art. VII lid 1 NRv.; toepassing van art. 279 (oud) Rv. ongeacht aanhangigheid;
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 251 Rv
Genoemd in 54 uitspraken · Officiële wettekst
54 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Aanzegging hervatting na royement/verval van instantie aan de wederpartij moet gericht zijn aan diens procesadvocaat.
Verval recht om memorie van grieven te nemen op grond van artikel 2.21 LPR (na 53 weken rol).
Art. 81 lid 1 RO. (Appel)procesrecht. Art. 226 Rv, schorsing procedure wegens verlies hoedanigheid advocaat; behandelend of procesadvocaat? Verval van instantie, art. 251 Rv, art. 2.21 Landelijk procesreglement gerechtshoven. Recht op pleidooi? Art. 134, 353 lid 1 Rv.
Verwerping van het hoger beroep nu in de appeldagvaarding geen gronden voor het hoger beroep zijn aangevoerd en evenmin tijdig een memorie van grieven is genomen.
Procesrecht. Vordering tot verval van instantie in het geding na cassatie en verwijzing; overgangsrecht, verwijzingsgeding als onvoltooide appèlinstantie valt onder het begrip “verdere behandeling” in art. VII lid 1 NRv.; toepassing van art. 279 (oud) Rv. ongeacht aanhangigheid;
11 maart 2005 Eerste Kamer Nr. C04/048HR JMH/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiseres 1], gevestigd te [vestigingsplaats], 2. [Eiser 2], wonende te [woonplaats], 3. [Eiser 3], wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, advocaten: mrs. J.A.M.A. Sluysmans