Het hof stelt voorop dat ook in hoger beroep nog een spoedeisend belang aanwezig moet zijn bij toewijzing van de vordering van [appellante] en dat voor zijn oordeel de situatie zoals die is ten tijde van zijn beslissing, bepalend is. Voorts is uitgangspunt bij de beoordeling dat
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 243 Rv
Genoemd in 740 uitspraken · Officiële wettekst
740 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 27 · live
Aandelenlease - WinstVerDriedubbelaar. Afwijzing generiek aanhoudingsverzoek Dexia. Schending zorgplicht. Verdeling van het nadeel: inleg blijft voor risico gedaagde, Dexia draagt koersverlies.
Aandelenlease - KortingKado. Naar het oordeel van de kantonrechter slaagt het meest verstrekkende verweer van [gedaagde], zijnde haar echtgenoot jegens Dexia een beroep hebben gedaan op de vernietigingsgrond als bedoeld in de artt. 1:88 en 1:89 BW. Reeds op grond van het voorgaan
18 maart 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R04/083HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [Opposant], wonende te [woonplaats], OPPOSANT op de voet van art. 22 lid 4 Wet tarieven in burgerlijke zaken in verbinding met art. 243 Rv. tegen een door de Griffier van de Hog
18 maart 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R04/083HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [Opposant], wonende te [woonplaats], OPPOSANT op de voet van art. 22 lid 4 Wet tarieven in burgerlijke zaken in verbinding met art. 243 Rv. tegen een door de Griffier van de Hog
Ontslag op staande voet.
25 februari 2005 Eerste Kamer Nr. C04/034HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. S.F. van Sagel, t e g e n 1. [Verweerster 1], gevestigd te [vestigingsplaats], 2. ALPHAMO BELEGGINGSMAATSCHAPPIJ
De kern van het geschil tussen partijen behelst de vraag of Caparis de op grond van art. 7:658 leden 1 en 4 BW op haar rustende verplichting is nagekomen om, kort gezegd, datgene te doen dat redelijkerwijs nodig is om te voorkomen dat [appellant] in de uitoefening van zijn werkza
[appellante] stelt zich op het standpunt dat zij gedurende de periode dat zij bij SLK was gedetacheerd, een toelage in de zin van art. I-7 van de CAO-HBO 1999-2000 heeft genoten. NHL heeft dit standpunt bestreden en heeft daartoe aangevoerd dat te dezen art. I-14 van genoemde CAO
28 januari 2005 Eerste Kamer Nr. C03/210HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: STICHTING SANQUIN BLOEDVOORZIENING, gevestigd te Amsterdam, EISERES tot cassatie, incidenteel verweerster, advocaat: mr. J. van Duijvendijk-Brand, t e g e n de erfgenamen van wijlen
28 januari 2005 Eerste Kamer Nr. C03/214HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: HET ACADEMISCH ZIEKENHUIS GRONINGEN, gevestigd te Groningen, EISER tot cassatie, incidenteel verweerder, advocaat: mr. J.P. Heering, t e g e n de erfgenamen van wijlen [betrokkene
Onderbewindstelling ex art. 1:431 BW. Schadeplichtigheid bewindvoerder. De bewindvoerder heeft, zonder toestemming van de betrokkene of zonder vervangende machtiging van de kantonrechter een levensverzekering voor de betrokkene afgesloten. Het hof is van oordeel dat in de gegeven
Het hof is met [appellant] van oordeel dat [geïntimeerde], voordat hij [appellant] met de uitvoering van de opdracht belastte althans voordat deze tot uitvoering van de opdracht zou overgaan, met Metal Finish B.V. had moeten afspreken op welk tijdstip de spanning van de betrokken
De ratio van verzet is gelegen in het fundamentele beginsel van ons procesrecht van hoor en wederhoor. Daarom begint de verzettermijn eerst te lopen wanneer het verstekvonnis, of een uit kracht daarvan opgemaakte of ter uitvoering daarvan strekkende akte, aan de veroordeelde in p
24 december 2004 Eerste Kamer Nr. C03/266HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], wonende te [woonplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n [Verweerder], wonende te [woonplaats], VERWEERDER in cassatie, advocaat: mr. F. Dams
24 december 2004 Eerste Kamer Nr. C03/258HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: de stichting WONINGSTICHTING LAND VAN RODE, gevestigd te Kerkrade, EISERES tot cassatie, advocaat: mr. J.P. Heering, t e g e n [verweerster], wonende te [woonplaats], VERWEERSTER
Het hof is van oordeel dat [appellant] op grond van de koopovereenkomst in ieder geval mocht verwachten dat binnen zes maanden na de aflevering geen ernstige motorschade als de onderhavige zou optreden ten belope van bijna f. 6.000,--. Daarbij neemt het hof de volgende feiten en
Kinderontvoering; een zoon van 7 jaar oud, geboren uit een relatie tussen een Nederlanse vrouw en een Tunesische man, wordt door de man meegenomen naar Tunesië. Een vonnis in kort geding tot afgifte van het kind aan de vrouw komt de man niet na. De man komt (wel) terug naar Neder
Geen immuniteit van rechtsmacht. Kennelijk onredelijk ontslag.
Overgang van onderneming; toewijzen loonvordering
19 november 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/143HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: DE GEMEENTE DELFZIJL, gevestigd te Delfzijl, VERZOEKSTER tot cassatie,advocaat: mr. J.P. Heering, t e g e n 1. [Verweerder 1], 2. [Verweerster 2], beiden wonende te [woonpla
Geen hoger beroep mogelijk , wel verzet. Niet ontvankelijk.
Voor zover de latere afstand waar [geïntimeerde] zich wellicht ook op heeft beroepen, gezien zou moeten worden als een eenzijdige ongerichte rechtshandeling, overweegt het hof dat ook dan aan [geïntimeerde] geen bescherming (art. 3:36 BW) toekomt, aangezien [geïntimeerde] op de z
Bevelschrift nakosten. Geen nakosten verschuldigd aan partij die procedeert op toevoeging.
[Appellante] vordert een bedrag van € 3.176,46 (ƒ 7.000,=) als vergoeding van de waarde van een auto. Volgens haar heeft zij in december 1999 met [geïntimeerde] afgesproken dat het kenteken voor één of twee weken op diens naam zou worden gesteld teneinde te voorkomen dat [echtgen