Kort geding. Vordering tot exhibitie 843a Rv. Gedeeltelijk toegewezen
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 237 Rv
Genoemd in 5.074 uitspraken · Officiële wettekst
5.074 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 13 · live
Voor de door deurwaarder gemaakte executiekosten kan geen bevelschrift ex artikel 237 lid 4 Rv worden afgegeven, nu het geen nakosten in de zin van dat artikel betreft.
In deze zaak gaat het om de vraag of de toestemming die de aanbestedende dienst heeft gegeven (na inschrijving maar voor definitieve gunning) om in de inschrijving genoemde partijen te vervangen, strookt met het gelijkheids- en transparantiebeginsel.
Eindvonnis na aktes over de hoogte van de schadevergoeding in verband met onder meer de schadebeperkingsplicht. Beroep op artikel 6:101 BW slaagt in zoverre dat de schadevergoeding wordt verdeeld over partijen in de verhouding 75%-25%.
Schadestaatprocedure. De Ontvanger is aansprakelijk voor de schade die appellant heeft geleden omdat de Ontvanger onrechtmatig tegenover appellant heeft gehandeld door met toepassing van de zogenaamde versnelde invordering een dwangbevel aan appellant te betekenen ter invordering
onrechtmatige uitlatingen.
vordering tot het door de werkgever alsnog storten van wel ingehouden maar niet afgedragen pensioenpremies tbv de werknemer; niet afgedragen risicopremie kan niet alsnog worden gestort. Storting overigens toegewezen voor zover petitum duidelijk is.
Rechtsgevolgen verdeling gemeenschap door rechter voor deelgenoten in rechterlijke procedure
Krakers slooppand. Ontruiming. Termijn. Verstek.
Conventie: dreigende inbreuk op Benelux-beeldmerk (artikel 2.20 lid 1 sub a BVIE) en op handelsnaamrecht (artikel 5 Handelsnaamwet). Auteursrecht is niet overgedragen. Geen belang bij vorderingen met betrekking tot domeinnaam. Compensatie van proceskosten. Reconventie: geschil ov
Voorzieningenrechter beveelt dat in een geschil tussen twee erfgenamen over de wijze waarop gedaagde (aangeduid als “penningmeester”) beheer voert over een tweetal bankrekeningen, die betrekking hebben op een nog te verdelen nalatenschap, de overige erven op de voet van artikel 1
Schorsing van een concurrentiebeding op termijn. Belang van werkgever bij handhaving van het concurrentiebeding verwatert naar mate de tijd vordert, omdat werknemer geen contact meer heeft met klanten en werkgever gelegenheid heeft banden aan te halen.
Erfrecht; artikel 4:120 leden 2 en 5 BW, 4:117 leden 2 en 3 BW en 4:182 lid 2 BW. Legitimarissen, die nalatenschap zuiver hebben aanvaard, doen een beroep op hun legitieme, nadat hun is gebleken dat een legaat niet kan worden voldaan uit de nalatenschap. Beroep op legitieme kan l
Kredietovereenkomst in combinatie met renteswapovereenkomst. Negatieve waarde renteswap bij einde looptijd. Zorgplicht bank. Dwaling. Ontbinding. Toerekenbaar tekortschieten. Verjaring. Vordering deels verjaard, deels niet toewijsbaar.
Bij een aanbesteding voor GGZ Jeugdhulp als bedoeld in de Jeugdwet dient de aanbestedende gemeente artikel 1.10 Aanbestedingswet, het proportionaliteits-, zorgvuldigheids- en gelijkheidsbeginsel, als ook de eisen die de Jeugdwet aan het college van B en W en aan de zorgverlenende
Intellectuele Eigendom. Octrooirecht. Octrooihouder kan geen beroep doen op ingeroepen prioriteit. Nederlandse deel Europees octrooi vernietigd wegens ontbreken inventiviteit.
Partijen zien af van comparitie. Eiser sluit zich aan bij standpunt gedaagde. Veroordeling beslagkosten andere procedure.
Intellectuele Eigendom. Octrooirecht. Europees octrooi nietig wegens gebrek aan inventiviteit.
Vordering tot ontruiming van een woning is toegewezen, aangezien is gebleken dat gedaagden op dit moment zonder recht of titel in die woning verblijven.
vernietiging besluit van de vergadering van certificaathouders
Deelgeschil - letsel fietser na aanrijding met bromfiets - 181 lid 1 WVW 1994 - 50%-regel - wederzijdse causaliteit – billijkheidscorrectie.
Aanbestedingsrecht. Primaire en alternatieve locatie. Uitleg en toepassing afstandseis.
Handhaving van een concurrentiebeding voor de duur van drie jaar leidt in dit geval niet tot onbillijke benadeling van de werknemer, de voormalig statutair directeur van werkgever.
bewijs arbeidsongeschikt na verkeersongeval
Beroep op artikel 2.20 lid 1 sub a en b BVIE en artikel 5 Handelnaamwet slaagt niet. Merk en teken zijn niet identiek. Geen sprake van soortgelijke waren of diensten en geen verwarringsgevaar. Gedaagde in conventie heeft oudere handelsnaamrechten, maar geen oudere rechten van pla