art. 236 Rv; beslissing Hof heeft bindende kracht (gezag van gewijsde) omdat daarin al definitief is beslist over rechtsbetrekking tussen partijen, nl. geen sprake van arbeidsovereenkomst mbt werkzaamheden als dirigent, pianist, zanger
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 236 Rv
Genoemd in 928 uitspraken · Officiële wettekst
928 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 10 · live
In vervolg op de antwoorden van de HR op de prejudiciële vragen van de rechtbank omtrent de schade door de gaswinning in Groningen, heeft de rechtbank einduitspraak gedaan. De vorderingen tegen de maatschap zijn niet-ontvankelijk verklaard. De vorderingen tegen de Staat stranden
Ontvankelijkheid. Vergissing in aanduiding partijnaam. Benoeming deskundige op grond van art. 679 Rv nadat eerder benoemde deskundige benoeming niet had aanvaard. Art. 236 Rv belet hernieuwd verzoek op grond van art. 679 Rv niet. Zie ook herstelarrest: ECLI:NL:GHARL:2023:1106
Geen verkapt hoger beroep. Opschorting verzorgen pianolessen wegens wanbetaling. Vernietiging onredelijk bezwarend beding in algemene voorwaarden.
Vochtproblemen in parterre VvE-gebouw. VvE besluit bindend adviseur te benoemen. Bewoner parterre verzoekt bij kantonrechter vernietiging besluit VvE tot goedkeuring uitgebrachte bindend advies. Afwijzende beschikking kantonrechter in hoger beroep bij beschikking hof vernietigd.
Geding na verwijzing door de Hoge Raad. Beslist dient nog te worden over de vraag of sprake is van gezag van gewijsde als bedoeld in artikel 236 Rv en over de vraag of terecht een beroep is gedaan op artikel 3:194 lid 2 BW wegens het verzwijgen van een gemeenschapsgoed. Zie voort
Executiegeschil met betrekking tot dwangsommen.
Vordering tot vergoeding van gemaakte kosten in het kader van bouwproject na uitleg contract afgewezen. Gezag van gewijsde.
Art. 81 lid 1 RO. Schadevergoeding wegens wanprestatie. Schadestaatprocedure. Diverse klachten, o.m. over gezag van gewijsde uitspraak in ander geding.
Dagvaarden bewindvoerder wanneer de saniet in de schuldsanering zit. Vordering ex artikel 611d Rv terecht afgewezen. Kracht van gewijsde en gezag van gewijsde van een eerdere rechterlijke uitspraak tussen partijen in deze zaak (artikel 236 lid 1 Rv).
Tweede procedure van cliënten tegen het kantoor van hun voormalige advocaat. Vordering op grond van onverschuldigde betaling. Gezag van gewijsde van het oordeel dienaangaande in het vonnis in de eerdere procedure, waartegen in het hoger beroep in die eerdere procedure geen grieve
Vordering tot betaling 8% vakantiebijslag vanaf aanvang dienstverband. Beroep van werkgever op artikel 236 Rv en all-in loonafspraak gepasseerd. Vordering wordt toegewezen.
Art. 81 lid 1 RO. Goederenrecht. Erfdienstbaarheid van weg. Zijn eigenaren van dienend erf gehouden tot verbreding van de weg? Uitleg notariële akte van levering.
Procesrecht. In eerste aanleg is vordering, na verwerping van beroep gedaagde op bindendadviesclausule, afgewezen op inhoudelijke gronden. In incidenteel appel is beroep op bindendadviesclausule gehonoreerd, en vonnis bekrachtigd. Gezag van gewijsde van beslissingen rechtbank? Be
In de tussen partijen gewezen echtscheidingsbeschikking is de wijze van verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap gelast, waarbij de woning aan de man is toebedeeld. Deze beschikking is in kracht van gewijsde gegaan. De man vordert in de onderhavige procedure nakoming van de
Huurrecht woning. Vordering tot betaling van huurpenningen na einde huur is door kantonrechter terecht afgewezen op grond van gezag van gewijsde van eerder vonnis. Toepasselijke wetsartikelen: 236 Rv.
Art. 81 lid 1 RO. Familierecht. Procesrecht. Kan de vrouw na beëindiging van de gezamenlijke huishouding van partijen aanspraak maken op aan de man in Duitsland uitgekeerd "Kindergeld"? Vordering van de vrouw bij verstek toegewezen. Heeft de man tijdig verzet ingesteld? Art. 143
Gezag van gewijsde (artikel 236 Rv). Zelfde feitencomplex. Afwijzing vorderingen.
Arbeidsrecht WWZ. Veroordeling tot herstel arbeidsovereenkomst met uitzendkracht. Arbeidsovereenkomst is niet inhoudsloos geworden; uitzendkracht heeft recht op loon.
Twee broers hebben onrechtmatig gehandeld door geld naar zichzelf te schuiven dat toebehoorde aan een onderneming die de exploitatie en het beheer verzorgde van een winkelcentrum met kantoren in Brussel. De ene broer was bestuurder van die onderneming, de andere broer gaf feiteli
Huur. Bevrijdend verweer. Gezag van gewijsde. Ongerechtvaardigde verrijking. Meerwerk. Eiser stelt huurovereenkomst. Verweer dat gebruik gratis was is niet een bevrijdend verweer, maar gemotiveerde betwisting van het bestaan van een huurovereenkomst. Bewijs huurovereenkomst rust
Geschil tussen verzekeringnemer en pensioenverzekeraar over (de voorwaarden van) beëindiging van een gesepareerd beleggingsdepot, nadat de uitvoeringsovereenkomst waarin dat depot was geregeld is geëindigd. Geen gezag van gewijsde van een eerder tussen partijen gewezen vonnis.
Vorderingen op grond van een samenwerkingsovereenkomst. Gezag van gewijsde.
Toepassing artikel 3:185 BW. Kracht van gewijsde. Gezag van gewijsde. Afspraken uit verleden niet meer geldig. Redelijkheid en billijkheid. Levensverzekeringen dienen bij helfte te worden verdeeld. Vonnis treedt in de plaats van de onwillige deelgenoot.
Vordering afleggen rekening en verantwoording betreft schuldbekentenis waar hof eerder over oordeelde. Het gaat hier om dezelfde partijen, dezelfde rechtsbetrekking en hetzelfde geschilpunt: vordering stuit af op gezag van gewijsde ex art. 236 lid 3 Rv.