Procesrecht. Faillissement eiseres hangende geding in eerste aanleg. Art. 27 F. vereist rechterlijke tussenkomst zodat schorsing ex art. 27 F. eerst ingaat op tijdstip waarop rechter het verzoek tot schorsing heeft toegewezen. Uitzondering op hoofdregel dat in geval hoger beroep
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 225 Rv
Genoemd in 512 uitspraken · Officiële wettekst
512 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Eisers vorderen een verklaring voor recht dat de Staat onrechtmatig heeft gehandeld jegens de weduwen en overige familieleden van de mannen die op 9 december 1947 door Nederlandse militairen zijn geëxecuteerd in Rawagedeh (Indonesië) en jegens de man die gewond is geraakt bij de
Eigendom van een strook grond; verkrijgende (art. 3:99 BW) of bevrijdende verjaring (art. 3:105 BW)?; devolutieve werking; maatstaf voor inbezitneming.
Verwijzing na cassatie. Toepasselijk recht op arbeidsovereenkomsten van Hongaarse vrachtwagenchauffeurs in dienst van een Hongaarse zustervennootschap van een Nederlands transportbedrijf. Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2018:2165 Hof Den Bosch: ECLI:NL:GHSHE:2017:1874
Procesrecht. Cassatie. Incidentele beslissingen over schorsing van geding tussen onder curatele gestelde persoon en voormalig curator (art. 225 lid 1, onder c, Rv in verbinding met art. 418a Rv), en over oproeping opvolgend curator (art. 30g Rv).
Art. 81 lid 1 RO. Personenrecht. Curatele. Door curator aan curandus opgelegd contactverbod met advocaat. Maatstaf HR 28 januari 1994, ECLI:NL:HR:1994:ZC1246. Art. 6 en 8 EVRM. Motivering oordeel dat contact met de advocaat uit medisch oogpunt onverantwoord is.
Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Arbitrage; vordering tot vernietiging arbitraal vonnis (art. 1065 lid 1 Rv (oud)). Begrip ‘investering’ in zin van BIT India-Mauritius; criterium ‘bijdrage aan economische ontwikkeling gastland’; begrip ‘essential interests’ in zin van art. 11 lid 3
Burenrecht. Burgerlijk procesrecht. Vordering ongedaanmaking overbouw. Verzoek tot schorsing geding ex art. 225 lid 1, onder c, Rv. Misbruik van bevoegdheid (art. 3:13 BW). Legalisering overbouw (art. 5:54 lid 1 BW). Grove schuld of kwade trouw ex art. 5:54 lid 3 BW.
Mededingingsrecht. Vrachtwagenkartel. Ontvankelijkheid Claimvehikels die procederen op basis van aan hen gecedeerde schadevergoedingsvorderingen. De eisen die artikel 3:305a BW stelt aan een collectieve actie zijn niet van toepassing. Toepasselijk recht. De gecedeerde vorderingen
Procesrecht. Incident in cassatie. Onderbewindstelling tijdens lopende procedure. Schorsinggrond als bedoeld in art. 225 lid 1 onder b Rv? Procesbekwaamheid en gevolgen.
Procesrecht. Pandrecht. Kan pandhouder van vordering op naam na mededeling pandrecht aan de schuldenaar een lopende procedure over vordering overnemen van pandgever middels schorsing en hervatting (art. 225 e.v. Rv)? Rechtsopvolging en -verkrijging tijdens geding. Subjectieve omv
Richtlijn 93/13 Afdeling 6.5.3.BW 3:51 BW Variabel rentebeding niet transparant en oneerlijk.
Kort geding, intellectueel-eigendomsrecht, merkenrecht, Beneluxmerk. Merkinbreukverbod toegewezen. Vordering tot overdracht Facebookaccount afgewezen.
onderhavige appelprocedure geldt als renvooiprocedure in beperkingsprocedure ex art. 642f Rv. Vraag of Liander ten aanzien van schade aan elektriciteitskabels als gevolg van aanvaring vorderingsgerechtigd is. Omvang schade. Wetsartikelen: artt. 8: 1000, 1002, 1005, 1060, 1065 BW,
19 maart 2004 Eerste Kamer Nr. C03/092HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [eiseres 1], wonende te [woonplaats], 2. [eiseres 2], wonende te [woonplaats], 3. [eiser 3], wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, advocaat: mr. H.H. Barendrecht, t e g e n
-
Vervoerrecht. Binnnenvaart, Fondsvorming door Nederlander bij de Nederlandse rechter na schadevaring in België.. Art. 12 CLNI 2012
Procesrecht. Incident tot niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep. Partijwisseling tijdens geding. Tussen- of einduitspraak? Arrest n.a.v. schorsing en hervatting, waarbij wordt geconstateerd dat zaak is overgenomen door cessionaris. Positie wederpartij. Schorsing en hervattin
Financiële afwikkeling van reeds beëindigde huurovereenkomsten ter zake restaurant en “guesthouse”. Berekening huurprijsvermindering in verband met de door de overheid genomen corona-maatregelen waaronder een tijdelijke sluiting van de horeca. Toepassing van de vastelastenmethode
Procesrecht. Schorsing en hervatting (art. 225-227 Rv). Procesfinancier roept op grond van een medegedeeld pandrecht de schorsing in van het geding om deze in plaats van de pandgever op eigen naam te kunnen hervatten. Niet kan worden aangenomen dat de betrekkingen waarin de pand
Bestuurdersaansprakelijkheid
Appellant heeft een beroepsaansprakelijkheidsverzekering. De verzekeraar heeft gedurende een korte periode aan hem een uitkering wegens arbeidsongeschiktheid verstrekt, maar de uitkering daarna op grond van een rapport door een door de verzekeraar ingeschakelde psychiater stopgez
Hoger beroep tegen een deelvonnis. Geen grieven tegen enkele deelbeslissingen en tegen tussenbeslissingen. Omvang geding in hoger beroep (rov 3.8.) Inbreng economische eigendom? Dwingende bewijskracht onderhandse akte ex art. 157 lid 2 Rv? Uitleg onderhandse akte aan hand alleen
Vordering in kort geding door bewindvoerder van man tegen bewindvoerder van vrouw tot ontruiming van de door de man en de vrouw tezamen gehuurde woning. Wisseling van bewindvoerder van de vrouw tussen het uitbrengen van de dagvaarding in hoger beroep met grieven en de memorie van
Onrechtmatige overheidsdaad. Standrechtelijke executies in 1946-1947 in Zuid-Sulawesi. Nog geen definitief oordeel over het beroep van de Staat op verjaring, omdat niet vaststaat dat eiseressen de Staat aansprakelijk hebben gesteld en in rechte hebben betrokken binnen een redelij