Subaru c.s. hebben in dit geding, kort gezegd en voor zover in hoger beroep nog van belang, gevorderd Van As c.s., alle voormalig dealer van Subaru, elk afzonderlijk uitvoerbaar bij voorraad a) te verbieden nog langer in strijd te handelen met de in het vonnis onder 1g vermelde b
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 222 Rv
Genoemd in 512 uitspraken · Officiële wettekst
512 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 21 · live
Het hof stelt voorop dat het wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv.) van oudsher de toepasselijke bepalingen omtrent een incidentele vordering tot voeging heeft opgenomen onder de procedurele voorschriften die betrek-king hebben op de procedure in eerste aanleg. Deze bepali
Bij de berging op 18 mei 1998 van een aan [appellant] in eigendom toebehorende houten kotter zijn delen van die kotter in het water van de destijds aan [geïntimeerde] in eigendom toebehorende haven terecht gekomen. Na de berging hebben opruimingswerkzaamheden plaatsgevonden. Stel
Geen kennelijk onredelijk ontslag; wegvallen werkzaamheden.
Het geding in hoger beroep is dan ook in essentie beperkt tot de vraag of [appellant 1] erin is geslaagd het wettelijk vermoeden dat zijn onbehoorlijke taakvervulling een belangrijke oorzaak is van het faillissement, te weerleggen.
Het geding in hoger beroep is dan ook in essentie beperkt tot de vraag of [appellante] erin is geslaagd het wettelijk vermoeden dat haar onbehoorlijke taakvervulling een belangrijke oorzaak is van het faillissement, te weerleggen.
Procesrecht; X vordert sub 1 primair, bij wege van voorlopige voorziening, dat de procedure wordt geschorst. Daargelaten of een dergelijke vordering toewijsbaar kan zijn, bestaat daarvoor ook geen grond. De uitkomst van de onderhavige procedure is immers, anders dan X kennelijk m
Nu in de onderhavige zaak en in de zaak onder rolnummer C00/1003 de aansprakelijkheid met betrekking tot hetzelfde arbeidsongeval ter discussie staat en de doelmatigheid van procesvoering is gediend met gezamenlijke behandeling en berechting van de zaken, is het hof van oordeel d
Zowel in de onderhavige zaak en in de zaak onder rolnummer C02/1067 staat de aansprakelijkheid voor de schade met betrekking tot hetzelfde arbeidsongeval ter discussie. Op grond hiervan is het hof van oordeel dat deze zaken als verknochte zaken in de zin van artikel 222 Rv dienen
-
-
Onrechtmatige daad van waterschap? Mislukte aardappeloogst als gevolg van wateroverlast.
Vervolg van H. R. 14 Nov. 1929. N. J. 1929, 1776 en 18 Nov. 1930 N. J. 1931, 247. Wanpraestatie van den aannemer? Ongeschiktheid van den bodem, waarop gebouwd is. A.d.h.v. NJ 1932, p. 925 e.v. uitgetypte versie van de HR-conclusie in de civiele zaak met HR- zaaknummer 6601. De or