Incident tot tussenkomst c.q. voeging.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 217 Rv
Genoemd in 681 uitspraken · Officiële wettekst
681 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 22 · live
Verzekeringsrecht. (Reflexwerking van het leerstuk van) gezag van gewijsde. Wie is aan te merken als eerste begunstigde onder de polis en heeft uit dien hoofde recht op uitkering? Artikel 156 lid 3 jo 157 lid 2 Rv. Dwingende bewijskracht polis. Tegenbewijs
Schadestaatprocedure. Vordering voorschot op schadevergoeding wegens bodemverontreiniging tegen twee privépersonen. Gevorderde vergoeding omvat voor het grootste deel schade die wordt geleden door de besloten vennootschap waarvan zij aandeelhouder zijn maar die geen partij was in
Koopovereenkomst. Non-conformiteit van een aanhangwagen (middenasser). Bijzonder gebruik dat bij het aangaan van de overeenkomst was voorzien. Beslissing niet in tegenspraak met andersluidende beslissing in de vrijwaringszaak.
voeging
Aanbesteding. Sluiten van een (niet openbaar aanbestede) tijdelijke regeling hangende kort geding tot bezwaar tegen de gunning is op zichzelf niet onrechtmatig. Gevorderd verbod tot uitvoering van die tijdelijke regeling afgewezen. Evenmin grond voor toewijzing van gevorderd gebo
Vordering tot voeging in eerste aanleg afgewezen. Beoordeling ex nunc in hoger beroep. In beginsel voldoende belang bij de tussenkomst, maar vordering toch afgewezen op grond van een nadere toetsing aan de beginselen van een goede procesorde. Inmiddels is een afzonderlijke proced
Vordering tot uitbetaling van het saldo van de spaarrekening van erflater aan eiseres (executeur) voor het doel waarvoor zij dit wenst, te weten de exploitatie van de onderneming, afgewezen omdat daarvoor thans, vooruitlopend op een verdere verdeling van de nalatenschap, onvoldoe
Voegingsincident. Incidentele vordering tot voeging van een derde partij aan de zijde van eiseres in de hoofdzaak (artikel 217 Rv). Incidenteel eiseres heeft haar belang bij voeging voldoende aannemelijk gemaakt. Voeging toegestaan.
Incidentele vordering tot voeging (van partij) in hoger beroep toegewezen.
Effectenlease. Vordering van echtgenoot van de lessee tot voeging als partij en tot tussenkomst. Voldoende belang in hoger beroep.
in incident tot voeging
Afwikkeling nalatenschap. Vraag of beneficiaire aanvaarding effect heeft gehad. Consequenties gezag van gewijsde andere uitspraak waarin dezelfde kwestie aan de orde was (artikel 236 Rv).
Onder verwijzing naar het arrest van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch d.d. 16 april 2013, in welk arrest het Hof tot de conclusie kwam dat de door D bij R uitgevoerde werkzaamheden feitelijk tot de bedrijfsuitoefening van A behoorden en oordeelde dat in dat geval aan het vereiste
voeging in incident
Procesrecht. Voeging, art. 217 Rv. Belang (HR 12 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1602, NJ 2015/295).
Incident tot onbevoegdverklaring. Internationale zaak. Artikel 27 EEX-Vo (litispendentie). Bevoegdheid op grond van 6 sub e Rv (schadebrengende feit heeft zich in Nederland voorgedaan).
Aanbesteding. Concurrentiegerichte dialoog. Plaatsbepalingssysteem met korte afstandsradio (KPRS -KAR) ten behoeve van hulpdiensten. Vordering afgewezen: winnende inschrijving heeft afgezet tegen de tweede inschrijver beter gescoord binnen de aangegeven marges, hetgeen door de aa
Kort geding aangaande een non-concurrentiebeding van werknemers van een gefailleerde werkgever. Het faillissement doet het non-concurrentiebeding niet al vervallen, terwijl het gegeven dat de curatoren bij de opzegging van de arbeidsovereenkomst niet op het non-concurrentiebeding
Verwijzing naar de rol voor uitlating over nieuwe producties.
Verzoek incident afgewezen (zie ook ECLI: RBGEL 2014:6118)
Ontbinding huurovereenkomst woonruimte en veroordeling van huurder tot ontruiming omdat de huurder de verhuurder jarenlang niet in de gelegenheid stelt tot het verrichten van noodzakelijke onderhouds- en vervangingswerkzaamheden aan de woning.
Art. 24 lid 1 Mededingingswet, misbruik van machtspositie, tussenvonnis. Geschil tussen makelaarsvereniging VBO Makelaar en exploitant woningwebsite funda.nl. Sprake van een machtspositie op een relevante markt, waarvan misbruik wordt gemaakt? Rechtbank gelast een comparitie van
A heeft een aannemingsovereenkomst gesloten met Bouwbedrijf Z voor de bouw van een woning. Op de overeenkomst is de Garantie- en Waarborgregeling voor Eengezinshuizen (GWR) van toepassing. Tijdens de bouw gaat Z failliet. Op dat moment heeft A de termijnen 1 tot en met 7 betaald.
A heeft een aannemingsovereenkomst gesloten met Bouwbedrijf Z voor de bouw van een woning. Op de overeenkomst is de Garantie- en Waarborgregeling voor Eengezinshuizen (GWR) van toepassing. Tijdens de bouw gaat Z failliet. Op dat moment heeft A de termijnen 1 tot en met 7 betaald.