Eindvonnis na twee tussenvonnissen in erfrechtconflict (zie ook ECLI:NL:RBSGR:2012:BW6066 en ECLI:NL:RBDHA:2013:7593). Verbeurde dwangsommen. Saldo nalatenschap, (her)verdeling en legitieme porties.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 166 Rv
Genoemd in 403 uitspraken · Officiële wettekst
403 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 14 · live
Art. 81 lid 1 RO. Non-conformiteit bij koop recreatiewoning die niet in overeenstemming met de bouwtekeningen is gebouwd (HR 25 februari 2005, ECLI:NL:HR:2005:AR5383), art. 7:17 BW.
Machtiging uitplaatsing. Meldingen vanuit de school, de huisarts en de kinderarts.
Schadevordering wegens onzorgvuldige uitvoering van overeenkomst tot taxatie van betonmixers. Bewijsaanbod. Motiveringsklachten.
Auto defect; non-conformiteit; binnen bekwame tijd klagen; toepasselijkheid algemene voorwaarden
Het verzoek tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor wordt toegewezen. Het verzoek om een bepaalde getuigen te horen wordt afgewezen.
Bewijswaardering.
Hoger beroep tegen een beschikking van de kantonrechter die in een voorlopig getuigenverhoor besliste dat een drietal getuigen niet meer mocht worden voorgebracht. De reden hiervoor was dat er voldoende gelegenheid was geweest om de desbetreffende getuigen te horen, maar hiervan
Partneralimentatie. Afwijzing verzoek tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor: "fishing expedition"; proceskostenveroordeling.
Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige daad. Koop bouwkavel. Schade kopers als gevolg van onrechtmatige gedragingen verkoper? Passeren bewijsaanbod.
Wrakingsverzoek afgewezen. De beslissing van de kantonrechter over het verzoek [A] als getuige te horen is een procesbeslissing. Gedurende het geding is de kantonrechter bevoegd dergelijke beslissingen te nemen. In het kader van de behandeling van dit wrakingsverzoek kan de juist
passeren bewijsaanbod in strijd met het recht
Curaçaose zaak. Arbeidsrecht. Eindigen arbeidsovereenkomst en daaraan “gelieerde” arbeidsovereenkomst; afhankelijke rechtsgevolgen. Miskenning van de regels voor ontslagbescherming van titel 7.10 BW?
Huwelijksvermogensrecht; algehele gemeenschap van goederen; echtgenoot koopt huis met geleend geld; 2/3 deel van de schuld kwijtgescholden onder uitsluitingsclausule, gelijktijdig met de lening van de koopsom en de levering van het huis; zaaksvervanging; huis is niet in de gemeen
Een verdachte in een strafzaak doet, samen met een aantal aan hem gelieerde vennootschappen, een verzoek tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor. Het verzoek richt zich tot de Staat en DNB. Verzoekers zijn gedeeltelijk niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van een recht
Art. 81 lid 1 RO. Nietigverklaring octrooi. Toewijzing proceskosten art. 1019h Rv.
Art. 81 lid 1 RO. Vaststelling huurprijs bedrijfsruimte, deskundigenonderzoek.
Opmerking(en): afwijzing verzoek voorlopig getuigenverhoor.
Art. 81 lid 1 RO. Overeenkomst van geldlening? Bewijs. Bewijslastverdeling. Betwisting ondertekening akte. Passeren bewijsaanbod. Art. 149, 150, 159 Rv.
Art. 81 RO. Vordering omzetschade belastingconsulent wegens fouten belastingdienst.
Onrechtmatige daad door politicus in het openbaar op onnodig grievende wijze en zonder voldoende feitelijke onderbouwing te beschuldigen van misdrijven in de privésfeer. Botsing van recht op vrijheid van meningsuiting en recht op eer en goede naam. Afweging van alle relevante oms
Beschikking. Verzoek tot gelasten voorlopig getuigenverhoor toewijsbaar. Een deel van de getuigen zijn in het verzoekschrift slechts in hoedanigheid aangeduid, met vermelding van functie, werklocatie en periode waarin zij werkten bij verweerster, omdat verzoekers niet bekend zijn
Beëindiging overeenkomst van opdracht; wie is wederpartij? Onvoldoende gesteld voor toelating bewijsaanbod.
Effectenlease. Buitengerechtelijke vernietiging; art. 1:89 BW. Beroep op vernietigingsgrond als verweer tegen vordering bank; art. 3:51 lid 3 BW. Verjaring vernietigingsbevoegdheid; art. 3:52 lid 1, aanhef en onder d, en lid 2 BW. Het in art. 3:51 lid 3 bedoelde beroep kan alleen
(Appel)procesrecht. Recht op pleidooi; art. 134, 353 Rv. Partijen hebben in beginsel recht op pleidooi; weigering pleidooi slechts in zeer uitzonderlijke gevallen; daartoe noodzakelijk dat sprake is van klemmende redenen of strijd met goede procesorde; afwijzing moet deugdelijk g