onrechtmatige daad; (toedracht) ongeval op ijsbaan; gevaarzetting; gebrekkige roerende zaak; exoneratiebeding
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 164 Rv
Genoemd in 1.483 uitspraken · Officiële wettekst
1.483 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 44 · live
Bewijswaardering, opzegging overeenkomst
Hetgeen de directeur van [geïntimeerde] als partijgetuige in contra-enquête heeft verklaard voegt aan het tot dusverre door [geïntimeerde] bijgebrachte bewijs niets toe. Integendeel, de partijgetuige heeft verklaard dat hij tijdens het telefoongesprek met het bedrijf van [appella
Aan de conclusie van de deskundige dat er onder de door [appellant] overgelegde kopie van het stuk van 16 oktober 2003 kennelijk een soort fantasiehandtekening is gezet, kan geen bewijs worden ontleend. De rechtbank heeft immers geoordeeld dat er onvoldoende grond bestond om er v
Uit diverse in het geding gebrachte producties blijkt dat Countus onvolkomenheden/onduidelijkheden in de administratie van [appellant ] had gesignaleerd en aan [appellant ] heeft doorgegeven. Zo blijkt uit een ter gelegenheid van het getuigenverhoor van 21 september 2006 door [be
Naar het oordeel van het hof wordt de verklaring van de getuige [appellant] op zodanige essentiële wijze ondersteund door zowel de verklaring van de getuige [getuige 1 ] als door het feit dat [appellant] heeft aangetoond dat hij op 7 januari 2006 een bedrag groot € 4.000,-- van d
Geschil over door partijgetuige te leveren tegenbewijs. (81 RO)
De rechtbank wijst de vorderingen van Vitesse c.s. af, veroordeelt Vitesse c.s. in de proceskosten aan de zijde van de Provincie tot op heden begroot op € 23.801,--, verklaart dit vonnis wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Bewijsrecht; partijgetuige in de zin van art. 164 lid 2 Rv.; bewijsoordeel (81 RO).
Geschil tussen (in feite) de vrouw en de man over een van de kant van de vrouw gestelde toezegging van de man dat hij haar nog € 50.000,-- zou betalen. Ondanks het feit dat drie getuigen (de vrouw, haar vader en een neef) hebben verklaard dat de man die toezegging heeft gedaan, e
Grief I richt zich tegen de bewijswaardering ten aanzien van het probandum onder a (geluidsoverlast door wasmachine(s) en/of wasdroger(s)), zoals de rechtbank dat in het bestreden vonnis heeft gegeven. Volgens [appellant] heeft de rechtbank [geïntimeerde] ten onrechte geslaagd ge
Bij de beoordeling van het bewijs wordt vooropgesteld dat de verklaring van gedaagde geen bewijs in haar voordeel kan opleveren, tenzij deze strekt ter aanvulling van onvolledig bewijs (zie artikel 164 lid 2 Rv). De in de bepaling van artikel 6:94 BW opgenomen maatstaf dat voor m
Geen bewijs van de stelling dat toestemming is gegeven voor een overboeking van een bedrag van EUR 200.000,- bij wijze van lening. Evenmin sprake van stilzwijgende bekrachtiging.
Familierecht. Geschil tussen voormalige echtelieden over partner- en kinderalimentatie; passeren bewijsaanbod, partijgetuige, ongeoorloofde prognose.
Verbintenissenrecht; betaling van nog openstaande facturen; stelplicht- en bewijslastverdeling; verklaring partijgetuige, bewijskracht; bewijswaardering bij tegenbewijs.
Verbintenissenrecht; betaling van nog openstaande facturen (81 RO).
Procesrecht. Bewijskracht vernietigd strafvonnis (81 RO)
Niet voldoen aan vereiste van schriftelijk vastlegging bij verkoop woning leidt -behoudens uitzonderlijke omstandigheden- tot nietigheid van de koop.
De verklaring van partijgetuige [de directeur 1] dat tijdens een telefoongesprek met een medewerker van [geïntimeerde] zij het er uiteindelijk over eens zijn geworden dat de Schatten van Leeuwarden in het jaar 2002 nog advertenties zou plaatsen, maar in 2003 niet meer, staat op z
Huwelijksvermogensrecht. Schadevergoeding wegens onrechtmatige daden gepleegd tijdens het huwelijk; echtelijke woning.
Daarmee komt de vraag aan de orde of [A.] later heeft verzekerd – zoals [appellanten], in feite subsidiair, aanvoeren – dat ook de nieuwe bouwwerken én de renovatie niet boven het oude offertebedrag zouden uitkomen. Wat de renovatie betreft is dat gelet op hetgeen zojuist is geze
Op grond van hetgeen overigens door de getuigen (in enquête en in contra-enquête) is verklaard, het ter comparitie verhandelde en hetgeen partijen bij hun respectievelijke memorie naar voren hebben gebracht, kan geen duidelijk antwoord worden gegeven op de vragen die het hof in z
De in contra-enquête gehoorde getuigen hebben alle drie verklaard dat na sluitingstijd in de winkelruimte van [appellant] de verlichting uit was en enkel nog de spotjes in de etalage brandden. Nu hetgeen [appellant] dienaangaande als partijgetuige (naast de etalagelampen van tota
Bewijswaardering ter zake van zorgplicht cliëntenremisier. Verzoek verwijzing naar meervoudige kamer afgewezen. Geen aanleiding om terug te komen op beslissing in tussenvonnis betreffende de bewijslastverdeling. Aangevallen beslissing heeft slechts voorlopig karakter waaraan de r
Aansprakelijkheid advocaat voor beroepsfout. Kans dat Hof anders had beslist geschat op 50%.