Art. 157 lid 2 Rv. Dwingende bewijskracht onderhandse akte. Tegenbewijs.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 158 Rv
Genoemd in 134 uitspraken · Officiële wettekst
134 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 5 · live
Salarisaanspraak, schuldbekentenis met garantstelling.
artt. 157, 158, 159 en 160 Rv
Schuldbekentenissen en krediethypotheek van € 2,8 miljoen. Schenking. Bewijslastverdeling en stelplicht. Vernietigbaar wegens misbruik van omstandigheden.
onderhandse schuldbekentenis
schuldbekentenis, deskundigenonderzoek naar handtekening
Kwalificatie schuldbekentenis als vaststellingsovereenkomst. Beroep op dwaling stuit af op aard vaststellingsovereenkomst.
Art. 81 lid 1 RO. Overeenkomst van geldlening? Bewijs. Bewijslastverdeling. Betwisting ondertekening akte. Passeren bewijsaanbod. Art. 149, 150, 159 Rv.
Contante betalingen. Schriftelijke verklaring levert geen dwingend bewijs op dat de daarin opgenomen bedragen zijn uigeleend. Nader bewijsaanbod volgt bewijsopdracht.
geldlening?
Executoriale kracht notariële akte; criteria HR 26 juni 1992 (NJ 1993/449). De vermelding in de hypotheekakte is te algemeen om te kunnen dienen ter omschrijving van een ten tijde van het verlijden van de akte bestaande vordering/rechtsverhouding. De aanduiding "uit welken andere
Niet geheel handgeschreven schuldbekentenissen welke zijn opgemaakt terwijl de daarin vermelde schuldenaar onder invloed van een geestelijke stoornis was. Onvoldoende aannemelijk gemaakt dat geldlening heeft plaatsgevonden.
Terugvordering van aan destijds minderjarige geleend geld.
De onder 2.2 en 2.3 bedoelde stukken zijn aktes met de bewijskracht die het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) daaraan verleent. Van belang zijn de artikelen 157 en 158 Rv.
oon vordert in conventie nakoming door vader van in onderhandse akte neergelegde schuldbekentenis. Vader beroept zich op wilsgebrek (misbruik van omstandigheden) en mag tegenbewijs leveren. In reconventie bewijsopdracht aan vader dat schuldbekentenis en koopovereenkomst m.b.t. wo
Gedaagde betwist geldleningen en ontkent handtekening op schuldbekentenis te hebben gezet. Partijen krijgen gelegenheid zich uit te laten over onderzoek door handschriftdeskundige.
Bewijsopdracht, bestaan overeenkomst aantonen.
Verzet na verstekvonnis waarin veroordeling tot betaling is opgenomen. Incidentele vordering strekt tot zekerheidsstelling door aansprakelijk eiser en wordt toegewezen. Rechtbank neemt restitutierisico aan.
Verduistering in dienstbetrekking. Ontdekking op heterdaad. Wilsgebreken gesteld ten aanzien van door werknemer afgelegde verklaringen inclusief schuldbekentenis. Geen misbruik van omstandigheden of bedreiging aangenomen. Niet toegelaten tot tegenbewijs.
Overgelegde geschrift betreft een onderhandse akte. Art. 157 lid 2 Rv bepaalt dat een onderhandse akte ten aanzien van de verklaring van een partij tussen partijen dwingend bewijs oplevert omtrent hetgeen de akte bestemd is ten behoeve van de wederpartij te bewijzen. Gezien de te
Bewijsrecht. Betwisting ondertekening onderhandse akte (81 RO).
Schriftelijk stuk waarop eiseres vordering baseert, voldoet niet aan eisen van art. 158 Rv. Document is onderhandse akte in zin van art. 156 lid 3 Rv. Gedaagde betwist echtheid van handtekening op akte, zodat aan akte ex art. 159 lid 2 Rv. geen bewijskracht toekomt. Benoeming han
Erfrechtkwestie; vordering tot verdeling van het resterende deel van een nalatenschap; verplichting tot inbreng van schenkingen ex artikel 4:1132 BW (oud); beroep op verjaring; artikelen 73 OW, 3:318 en 3:322 lid 2BW; vrije bewijskracht onderhandse akte.
Bewijskracht handgeschreven schuldbekentenis, artikel 158 Rv.
Geïntimeerde, die destijds een vriendschappelijke relatie had met appellant, heeft een koop/aannemingsovereenkomst gesloten met betrekking tot een bouwterrein met daarop een (te realiseren) bebouwing te Almere (hierna: de woning), dat op 26 januari 1999 aan hem in eigendom is ove