Executoriale kracht notariële akte; criteria HR 26 juni 1992 (NJ 1993/449). De vermelding in de hypotheekakte is te algemeen om te kunnen dienen ter omschrijving van een ten tijde van het verlijden van de akte bestaande vordering/rechtsverhouding. De aanduiding "uit welken andere
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 158 Rv
Genoemd in 134 uitspraken · Officiële wettekst
134 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Niet geheel handgeschreven schuldbekentenissen welke zijn opgemaakt terwijl de daarin vermelde schuldenaar onder invloed van een geestelijke stoornis was. Onvoldoende aannemelijk gemaakt dat geldlening heeft plaatsgevonden.
Terugvordering van aan destijds minderjarige geleend geld.
oon vordert in conventie nakoming door vader van in onderhandse akte neergelegde schuldbekentenis. Vader beroept zich op wilsgebrek (misbruik van omstandigheden) en mag tegenbewijs leveren. In reconventie bewijsopdracht aan vader dat schuldbekentenis en koopovereenkomst m.b.t. wo
Verzet na verstekvonnis waarin veroordeling tot betaling is opgenomen. Incidentele vordering strekt tot zekerheidsstelling door aansprakelijk eiser en wordt toegewezen. Rechtbank neemt restitutierisico aan.
Verduistering in dienstbetrekking. Ontdekking op heterdaad. Wilsgebreken gesteld ten aanzien van door werknemer afgelegde verklaringen inclusief schuldbekentenis. Geen misbruik van omstandigheden of bedreiging aangenomen. Niet toegelaten tot tegenbewijs.
Overgelegde geschrift betreft een onderhandse akte. Art. 157 lid 2 Rv bepaalt dat een onderhandse akte ten aanzien van de verklaring van een partij tussen partijen dwingend bewijs oplevert omtrent hetgeen de akte bestemd is ten behoeve van de wederpartij te bewijzen. Gezien de te
Erfrechtkwestie; vordering tot verdeling van het resterende deel van een nalatenschap; verplichting tot inbreng van schenkingen ex artikel 4:1132 BW (oud); beroep op verjaring; artikelen 73 OW, 3:318 en 3:322 lid 2BW; vrije bewijskracht onderhandse akte.
Geïntimeerde, die destijds een vriendschappelijke relatie had met appellant, heeft een koop/aannemingsovereenkomst gesloten met betrekking tot een bouwterrein met daarop een (te realiseren) bebouwing te Almere (hierna: de woning), dat op 26 januari 1999 aan hem in eigendom is ove
Na een geslaagd beroep op de Pauliana (3:45 BW) brengt de onroerende zaak zoveel meer op dan verwacht dat de schuld waarvoor de erfgenamen de Pauliana inriepen volledig kan worden voldaan. Wat moet er gebeuren met het restant? Verdelen tussen erfganen of komt dit saldo toe aan de
De geldleenovereenkomst is een onderhandse akte, als bedoeld in art. 157 lid 2 Rv. Zij bevat slechts verplichtingen ten laste van gedaagde. Er ontbreekt een goedschrift van gedaagde, zodat de akte op grond van art. 158 lid 1 Rv vrije bewijskracht heeft. Gedaagde heeft de stelling
Tegen [geïntimeerde] is door de rechtbank verstek verleend. Na tussenvonnis, waarbij [appellant] is opgedragen zich bij akte uit te laten over de inhoud van verschillende in de Turkse taal gestelde bescheiden, heeft de rechtbank bij eindvonnis het gevorderde afgewezen, daartoe ov
De vordering van de curator betreft de nakoming van een in 1992 gesloten overeenkomst van geldlening. Verjaring?
26 september 2003 Eerste Kamer Nr. C02/037HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [eiser], wonende te [woonplaats], België, EISER tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n [verweerster], wonende te [woonplaats], VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. E.