Procesrecht. Bewijsrecht. Vereisten onderhandse akte. Is een meerdere bladzijde tellend geschrift dat uitsluitend aan het slot daarvan is ondertekend, akte in de zin van art. 156 lid 1 Rv? Bewijslast valsheid akte. Wijze waarop bewijs in beginsel geleverd kan worden. HR 15 januar
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 156 Rv
Genoemd in 285 uitspraken · Officiële wettekst
285 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Bewijsrecht. Procesrecht. Art. 159 lid 2 Rv. Stellige ontkenning handtekening? Bewijslast (on)echtheid. Bewijsaanbod met betrekking tot ondeugdelijkheid uitgevoerde werkzaamheden in hoger beroep terecht gepasseerd?
Bewijskracht aanvullende arbeidsovereenkomst. Ondertekend geschrift, onderhandse akte, art. 156 lid 1 en 3 Rv. Geldt parafering als ondertekening?
Contractenrecht. Koopovereenkomsten m.b.t. twee vastgoedportefeuilles. Nadere afspraak over de waarborgsom? Haviltex-criterium en bewijslastverdeling. Essentiële stellingen gepasseerd?
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Executiegeschil n.a.v. beslag op schilderijen. Vernietigbaarheid van (vaststellings)overeenkomst in notariële akte wegens dwaling?
Procesrecht. Bewijsrecht. Vereisten onderhandse akte. Is een meerdere bladzijde tellend geschrift dat uitsluitend aan het slot daarvan is ondertekend, akte in de zin van art. 156 lid 1 Rv? Bewijslast valsheid akte. Wijze waarop bewijs in beginsel geleverd kan worden. HR 15 januar
5 december 2003 Eerste Kamer Nr. C02/177HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiser 1], 2. [Eiseres 2], beiden wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, advocaat: mr. M.J. Schenck, t e g e n STICHTING STANDVAST WONEN, voorheen: Woningbouwvereniging de
Verbintenissenrecht. Procesrecht. Toepassing imputatieregel art. 6:43 BW. Gerechtelijke erkentenis door een dwaling afgelegd (art. 154 lid 2 Rv)? Essentiële stellingen gepasseerd?
Onderhandse akte: dwingende bewijskracht geldt alleen voor hetgeen op dezelfde bladzijde boven de handtekening staat
Verbintenissenrecht. Heeft informeel samenwoner van overledene jegens de erven aanspraak op betaling van het bedrag dat de levenverzekeraar aan de hypotheekhouder heeft betaald, waardoor de woning onbezwaard in de nalatenschap valt? Onduidelijkheid over de geldende polis. Subroga
Inbreng van landbouwgronden door commanditaire vennoot in een commanditaire vennootschap ter uitoefening van een landbouwbedrijf. Heeft uittredende vennoot recht op meedelen in de waardevermeerdering van de landbouwgronden? Inbreng economische eigendom? Dwingende bewijskracht ond
Tussenvonnis. Overeenkomsten van geldlening. Bewijskracht onderhandse akten, betwisting ondertekening en ontvangst gelden, toelaten tot (tegen)bewijs, artikelen 151, 158 en 159 lid 2 Rv.
Verzekeringsrecht: geen dekking brandschade onder brandverzekering. Restauranteigenaar heeft niet voldaan aan bijzondere voorwaarden van de horecaclausule. Geen schending zorgplicht van de assurantietussenpersoon.
Factoringovereenkomst en borgtocht. Digitale handtekening betwist. Art. 157 Rv jo. 3:15a BW. Onvoldoende betrouwbare methode van ondertekening, dus vrije bewijskracht. Gelet op stellige betwisting bewijsopdracht.
Kort geding. Artikel 7:2 lid 1 BW. Kopers en verkopers van een woning zijn natuurlijke personen. Tussen partijen staat ter discussie of een perfecte koopovereenkomst tot stand is gekomen. Toepassing rechtsregel Hoge Raad, arrest 9 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BU7412. Verkopende
pensioenrecht; backservice; beoordeling na (tweede cassatie) verwijzing door HR bij arrest van 23 december 2016 (ECLI:NL:HR:2016:2995) (zie ook HR 5 oktober 2012 (ECLI:NL:HR:2012:BV6698)
geen vorderingsgerechtigdheid vennoot van vof op medevennoot.verwijzing naar HR 17-12-93, NJ 94,301; vervreemden alle activa en passiva van vof door vennoot geen gebruikelijke beheers- of beschikkingshandeling; tegenstrijdig belang
Algemene voorwaarden. Toepasselijkheid, tijdige terhandstelling (art. 6:234 lid 1, onder a, BW); vernietigbaarheid exoneratiebeding (art. 6:233, onder b, BW); opeisbaarheid vordering, voorlopig oordeel, opschortingsverweer; verzuim zonder ingebrekestelling, wettelijke rente; eige
Wvggz. Voortzetting crisismaatregel. ICT-problemen bij het OM. Verzoekschrift is niet ondertekend (art. 6:1 lid 10 Wvggz in verbinding met art. 278 lid 3 Rv). Veilig Mailen. Niet-ontvankelijkheid wegens ondertekeningsgebrek? Niet-ontvankelijkheid wegens overschrijding indieningst
Wvggz. Zorgmachtiging. ICT-problemen bij het OM. Verzoekschrift is niet ondertekend (art. 6:1 lid 10 Wvggz in verbinding met art. 278 lid 3 Rv). Veilig Mailen. Niet-ontvankelijkheid wegens ondertekeningsgebrek?
Is een lening verrekend met drie schenkingen? Twee schenkingen zijn onvoldoende onderbouwd gesteld. De derde schenking is voldoende gemotiveerd en onderbouwd gesteld en dus komen vast te staan. Daarnaast afwikkeling gezamenlijk gebruik spaarrekening, waarbij onvoldoende is gemoti
Geschil tussen moeder en dochter over pand dat eigendom is van dochter. Koopoptie met bepaling dat op koopprijs de door ouders gemaakte kosten ter zake aankoop en verbetering van pand in mindering worden gebracht. Wilsovereenstemming? Gerechtvaardigd vertrouwen (artikel 3:35 BW)?
Contractenrecht. Dwingende bewijskracht akte (art. 157 lid 2 Rv.). Partijen bij de overeenkomst en passeren bewijsaanbod in dat verband. Beoordeling gebreken.
Huwelijksvermogensrecht. Afwikkeling periodiek verrekenbeding (waaronder vervalbeding, peildatum, stelplicht en bewijslast). Verjaring rechtsvordering tot terugbetaling van lening op grond van artikel 3:307 BW. Verhouding tussen verjaringstermijn rente artikel 3:308 BW en verleng
Werknemer stelt dat bij zijn aanstelling de mondelinge toezegging is gedaan dat hij wordt bevorderd naar schaal 12. De toezegging komt niet vast te staan. Heeft het verslag van een functioneringsgesprek bijzondere bewijskracht (artikel 156 Rv)?