Curator stelt vordering in. Benadeling failliet. Beroep op verrekening verworpen, nu de gestelde tegenvorderingen onvoldoende zijn onderbouwd en niet kunnen worden vastgesteld.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 152 Rv
Genoemd in 655 uitspraken · Officiële wettekst
655 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 20 · live
Voorgeschoten bedragen ten behoeve van aanneming van werk? Vervolg op arrest hof ’s-Hertogenbosch van 1 september 2015, ECLI:NL:GHSHE:2015:3421.
Arbeidsgeschil. Rapport van handtekeningendeskundige wordt niet gevolgd door de kantonrechter omdat er overtuigende aanwijzingen zijn dat de bevindingen daarvan niet juist zijn. Bewijs dat de handtekening afkomstig is van werknemer is door werkgever niet geleverd.
Opdracht, aanneming van werk. Geschil over redelijke prijs voor uitgevoerde werkzaamheden; art. 7:752 BW. Miskenning van gewekte verwachtingen? Strijd met goede procesorde? Waardering deskundigenbericht.
Vervolg van tussenarrest 12 juli 2016. Tegenbewijs niet geslaagd. Bekrachtiging.
Enig erfgenaam. Latere vaststelling in rechte dat erflater nog een dochter had. Dochter moet alsnog als legitimaris worden aangemerkt. Termijn voor vordering instelling legitieme verlopen. Heeft de enig erfgenaam onrechtmatig gehandeld door in het kader van het opmaken van de ver
KG. Onrechtmatig verkregen bewijs? Onrechtmatige concurrentie?
huur woonruimte; ingebruikgeving door huurder aan derden van gehele woning (artikel 7:244 BW); bewijsopdracht aan verhuurder; bewijslevering geslaagd; ontbinding en ontruiming.
Dwingend bewijs schuldbekentenis. Tegenbewijs niet geslaagd.
Waardering getuigenbewijs na een gegeven bewijsopdracht.
Vordering tot vernietiging arbitraal vonnis. In de arbitrage hebben arbiters een taxateur benoemd die voor partijen bindend de waarde van een opstal zal taxeren. Vraag of partijen bindend advies zijn overeengekomen en of in het kader van een arbitrage een bindend advies kan worde
Brandverzekering. Vraag of de brand is aangestoken. Betekenis van het ontbreken van een strafrechtelijke veroordeling. Benoeming van een deskundige, gelet op de tegenstrijdige conclusies van de door partijen ingeschakelde deskundigen.
Art. 81 lid 1 RO. Huwelijksvermogensrecht. Verdeling gemeenschap na echtscheiding. Bijdrageplicht man in kosten financiering en onderhoud niet-echtelijke woning. Bewijswaardering overzicht gemaakte kosten.
Procesrecht. Art. 163 Rv belet niet dat de rechter een persoon als getuige hoort van wie een schriftelijke verklaring in het geding is gebracht (HR 9 juli 2004, ECLI:NL:HR:2004:AO7817, NJ 2005/270). Bewijswaardering van schriftelijke verklaring (HR 19 december 2003, ECLI:NL:HR:20
Ontbinding huurovereenkomst. Koppeling huurovereenkomst en zorgovereenkomst
bijzondere overeenkomst, koop en ruil, koop anderszins
Ontbindende voorwaarde in koopakte mbt tot percelen grond per abuis niet opgenomen in transportakte. Eisers mocht (tegen)bewijs leveren dat leveringsakte haar wil niet weergaf.
bewijswaardering; beide appellanten hebben gezamenlijk in één overeenkomst met de wederpartij hadden gecontracteerd en procederen gezamenlijk met één vordering op dezelfde grondslag procederen, met parallelle financiële belangen. Waardering van afgelegde verklaringen als waren zi
Onrechtmatige daad, schade aan scheidingsmuur tweekapper door onvoldoende verwarmen leegstaande woning
Verduistering in dienstbetrekking. Beroep op artikel 6:101 BW (eigen schuld werkgever) treft geen doel.
art. 157 lid 1 en lid 2 Rv (bewijskracht notariële akte), artt. 151 en 152 Rv (tegenbewijs, ook tegen dwingend bewijs , door alle middelen), art. 160 lid 1 Rv (kracht schriftelijk bewijs in de oorspronkelijke akte)
Art. 80a lid 1 RO. Nationaliteitsrecht. Vaststelling Nederlanderschap (art. 17 RWN). Erkenning van Ghanees huwelijk (art. 1 lid 1, onder d, in verbinding met art. 3 lid 1 RWN).
verrekening, bewijs en tegenbewijs, faillissement
Bewijsrecht. Tegenbewijs tegen onderhandse akte ( huurovereenkomst) aangenomen zonder gelegenheid nader bewijs te leveren.
Eindarrest na bewijslevering. Vaststelling van de hoogte van de schade als gevolg van onrechtmatig handelen door penningmeester van een stichting.