Art. 81 lid 1 RO. Familierecht. Procesrecht. Kan de vrouw na beëindiging van de gezamenlijke huishouding van partijen aanspraak maken op aan de man in Duitsland uitgekeerd "Kindergeld"? Vordering van de vrouw bij verstek toegewezen. Heeft de man tijdig verzet ingesteld? Art. 143
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 144 Rv
Genoemd in 83 uitspraken · Officiële wettekst
83 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
verzetzaak, huur bedrijfsruimte, gedwongen sluiting pand wegens hennepkwekerij, mondelinge ontbinding huurovereenkomst niet mogelijk, schade onvoldoende onderbouwd
Kantonrechter heeft ten onrechte geoordeeld dat de verzettermijn is verstreken. Nu opposant woonplaats heeft in Indonesië geldt een vertzettermijn van acht weken (artikel 143 Rv). Artikel 1:14 BW is niet van toepassing in dit geval.
huurovereenkomst aangegaan met v.o.f., procespartij na ontbinding v.o.f.
Verzetprocedure na verstekvonnis. Het verzet is niet tijdig ingesteld. Beslag op pensioen. Gelet op het bepaalde in artikel 144 RV aanhef en onder b wordt het vonnis geacht ten uitvoer te zijn gelegd na de eerste uitbetaling aan de beslaglegger.
Het verzet van Turkmenistan tegen een verstekvonnis uit 2015 is tijdig ingesteld. De Nederlandse rechter heeft rechtsmacht op grond van artikel 9 aanhef en onder c Rv (forum necessitatis). Op grond van de door Chemix gestelde en door Turkmenistan onvoldoende weersproken feiten, w
Executiegeschil. Bevoegdheid tot tenuitvoerlegging vonnis verjaard (artikel 3:324 lid 3 BW).
Verzet is niet tijdig ingesteld. Opposant heeft het verstekvonnis op 30 maart 2016 met haar advocaat besproken; dit is een daad van bekendheid, zodat de verzettermijn op grond van artikel 143 lid 2 Rv op die datum is aangevangen.
Internationale rechtsmacht. Oorspronkelijke gedaagde had ten tijde van de inleidende dagvaarding een filiaal of vestiging in Nederland. Het geschil betreft een overeenkomst of onrechtmatige daad die bij de exploitatie daarvan in Nederland is aangegaan/gepleegd. Anders dan de eers
*
Kort geding - verstekvonnis - verzettermijn 259 Rv 143 Rv en 144 Rv
Niet tijdig in verzet gekomen, verzet niet-ontvankelijk. Gelet op het onder de Sociale Verzekeringsbank (verder: SVB) gelegde derdenbeslag en de uit hoofde daarvan gedane betalingen, wordt de tenuitvoerlegging van het vonnis geacht te zijn aangevangen op 23 november 2011 en heeft
artt. 120, 122, 143 Rv.; premie zorgverzekering deels tijdens detentie; proceskosten. a. Verzetdagvaarding tegen een datum waarop geen rolzitting is. Een herstelexploit is te laat uitgebracht, namelijk niet ná de aangezegde roldatum. Het herstelexploit heeft daarom geen rechtsge
"Vraag of Deense gedaagde Engelse vertaling van de dagvaarding mocht weigeren op grond van artikel 8 lid 1 Herziene EG-betekeningsverordening. Antwoord: Gedaagde heeft dagvaarding onterecht geweigerd".
Ontvankelijkheid verzet; de verzettermijn van vier weken vangt in geval van derdenbeslag op een vordering tot periodieke betaling aan, na de eerste uitbetaling aan de beslaglegger (art. 143 lid 3 Rv. art. 144 sub b Rv).
erzetprocedure; art. 1143 o 144 Rv. Opposant heeft, nadat de wettelijke termijn al jaren was verstreken, onvoldoende feiten en omstandigheden aangevoerd dat hij niet eerder bekend was of bekend mag worden verondersteld met de inleidende dagvaarding, het verstekvonnis en/of de (ge
16 januari 2004 Eerste Kamer Nr. C02/208HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. M. Ynzonides, t e g e n [verweerster], wonende te [woonplaats], VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. D. Rijpma.
3 oktober 2003 Eerste Kamer Nr. C02/080HR RM/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. M.F. Baltussen, t e g e n HET CENTRAAL ORGAAN OPVANG ASIELZOEKERS, gevestigd te Rijswijk, VERWEERDER in cassatie, n
3 oktober 2003 Eerste Kamer Nr. C02/081HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. M.F. Baltussen, t e g e n HET CENTRAAL ORGAAN OPVANG ASIELZOEKERS, gevestigd te Rijswijk, VERWEERDER in cassatie, a
3 oktober 2003 Eerste Kamer Nr. C02/087HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], wonende te [woonplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. M.F. Baltussen, t e g e n HET CENTRAAL ORGAAN OPVANG ASIELZOEKERS, gevestigd te Rijswijk, VERWEERDER in cassati
3 oktober 2003 Eerste Kamer Nr. C02/086HR RM/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], wonende te [woonplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. M.F. Baltussen, t e g e n HET CENTRAAL ORGAAN OPVANG ASIELZOEKERS, gevestigd te Rijswijk, VERWEERDER in cassat
3 oktober 2003 Eerste Kamer Nr. C02/085HR RM/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. M.F. Baltussen, t e g e n HET CENTRAAL ORGAAN OPVANG ASIELZOEKERS, gevestigd te Rijswijk, VERWEERDER in cassatie, n
3 oktober 2003 Eerste Kamer Nr. C02/084HR RM/HJH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], wonende te [woonplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. M.F. Baltussen, t e g e n HET CENTRAAL ORGAAN OPVANG ASIELZOEKERS, gevestigd te Rijswijk, VERWEERDER in cassa
3 oktober 2003 Eerste Kamer Nr. C02/082HR RM/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], wonende te [woonplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. M.F. Baltussen, t e g e n HET CENTRAAL ORGAAN OPVANG ASIELZOEKERS, gevestigd te Rijswijk, VERWEERDER in cassat
3 oktober 2003 Eerste Kamer Nr. C02/083HR RM/HJH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], wonende te [woonplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. M.F. Baltussen, t e g e n HET CENTRAAL ORGAAN OPVANG ASIELZOEKERS, gevestigd te Rijswijk, VERWEERDER in cassat