Cassatie in belang der wet; niet-ontvankelijkheid; art. 78 lid 6 RO. Vordering verhuurder tot ontruiming na overlijden huurder; erfgenamen onbekend. Wijze van dagvaarden van onbekende erfgenamen. Niet-toepasselijkheid art. 53 en art. 54 lid 2 Rv. Mogelijkheid tot benoeming vereff
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 143 Rv
Genoemd in 509 uitspraken · Officiële wettekst
509 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 18 · live
De vraag of de arbeidsovereenkomst op geldige wijze is beëindigd…..
Vraag of verzet tijdig is ingesteld. Rechtbank toetst aan art. 143 en 144 Rv. Wanneer begint de verzettermijn te lopen als het vonnis niet is betekend. Wanneer is het eerste moment van betaling in de zin van art. 144 sub b Rv. Opposant heeft vier weken termijn laten verstrijken.
Procesrecht/huur woonruimte. Ontvankelijkheid in verzet. Geen betekening van het verstekvonnis in persoon. Geen daad van bekendheid met het vonnis. Het enkele voornemen van de deurwaarder om tot ontruiming van de woning over te gaan, kan niet gelden als een aangevangen executie.
Opposant is te laat in verzet gekomen. De kantonrechter verklaart opposant echter met inachtneming van artikel 6 EVRM alsnog ontvankelijk.
Verzetprocedure. Buitenlandse betekening verstekvonnis. Verzet tijdig ingestedl. Non-conformiteit verkochte woning. Art. 7:23 lid 2 BW. Verwijzing naar de rol voor aanvullend deskundigenbericht.
Niet tijdig in verzet gekomen, verzet niet-ontvankelijk. Gelet op het onder de Sociale Verzekeringsbank (verder: SVB) gelegde derdenbeslag en de uit hoofde daarvan gedane betalingen, wordt de tenuitvoerlegging van het vonnis geacht te zijn aangevangen op 23 november 2011 en heeft
Bij inleidende dagvaarding heeft de curator gesteld opposant primair aansprakelijk te houden ex artikel 2:248 Burgerlijk Wetboek (BW), subsidiair ex artikel 2:9 BW en meer subsidiair ex artikel 6:162 BW wegens -kort samengevat- het op grote schaal frauderen met de boekhouding van
Onjuiste betekening van het verstekvonnis bij gebreke van een dagvaarding en betekening aan de receptioniste in het pand van Ontvanger? Nee.
Strijd met beginselen van een goede procesorde; misbruik van bevoegdheid door onverkort vasthouden aan verzettermijn door geopposeerde? Nee.
Verstrijken verzettermijn verstekvonnis tlv Ontvanger (143 Rv).
Verzet. Ontvankelijkheid. Daad van bekendheid. Geldlening. Echtheid handtekening betwist.
Verzetprocedure. Is de betaling van een bedrag aan de deurwaarder die belast is met de tenuitvoerlegging van het verstekvonnis een daad van bekendheid in de zin van artikel 143 lid 2 Rv? Opposant betaalt op 12 april 2011 ten behoeve van zijn werknemer een aan die werknemer opgele
Huurzaak. Procesrecht. In dit geval moet worden aangenomen dat het verstekvonnis ten uitvoer is gelegd door een gedwongen ontruiming zodat de verzettermijn daardoor is aangevangen. Oorspronkelijk gedaagde heeft vervolgens pas na afloop van die termijn verzet ingesteld zodat hij d
Art. 81 RO. Familierecht. Testamentaire voogdij; art. 1:280, 292, 301 BW.
Beslag- en executierecht. De bewaarder is niet meer gehouden de inschrijving van waardeloos verklaarde beslagen door te halen. 3:29 BW.
artt. 120, 122, 143 Rv.; premie zorgverzekering deels tijdens detentie; proceskosten. a. Verzetdagvaarding tegen een datum waarop geen rolzitting is. Een herstelexploit is te laat uitgebracht, namelijk niet ná de aangezegde roldatum. Het herstelexploit heeft daarom geen rechtsge
Arbeidszaak. Loonvordering. In de gegeven omstandigheden wordt gebillijkt dat werknemer ontslag op staande voet heeft genomen, zodat werkgever geen vordering heeft wegens onregelmatig ontslag. Volgt toewijzing van achterstallig loon met bijkomende posten.
De verzettermijn is op grond van artikel 143 lid 3 juncto 144 onder b RV verstreken. Onverkorte toepassing van de regeling van de verzettermijn moet echter achterwege blijven indien dit tot een resultaat leidt dat niet voldoet aan de eisen van een eerlijk proces als bedoeld in ar
Verzet te laat ingesteld
Tijdigheid van het verzet. Verzet ingesteld na een eerste uitbetaling onder een beslag op een periodieke uitkering. Verstekvonnis uit 2000: beoordeling tijdigheid verzet naar oud recht.
Termijn voor het doen van verzet tegen verstekvonnis omvat vier weken vanaf ontruiming. Huurder heeft zijn gemachtigde veertien dagen voordat de verzettermijn verstreek al opdracht gegeven verzet te doen. Niet-ontvankelijkverklaring niet in strijd met eisen van eerlijk proces.
Verzetprocedure. Opossant is tijdig in verzet gekomen. Kantonrechter venietigt het vertekvonnis. De oorspronkelijke vordering bedroeg ongeveer €36,00. De kantonrechter is van oordeel dat eiseres ten onrechte buitengerehctelijke incassokosten in rekening had gebracht
Appellant toegelaten tot het bewijs van zijn stelling dat een derde in eerste aanleg zonder zijn toestemming en medeweten verweer voor hem gevoerd heeft in een tegen hem aanhangig gemaakte procedure, waardoor geen verstekvonnis maar een vonnis op tegenspraak is gewezen.
Bij verstekvonnis veroordeeld tot betaling van een geldsom ineens: voor tenuitvoerlegging geldt een verjaringstermijn van twintig jaar.