Procesrecht. Perikelen na niet tijdige inschrijving ter rolle in de eerste aanleg van exploot van verzetdagvaarding. Art. 143 lid 2 Rv juncto art. 125 lid 5 Rv (oud).
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 143 Rv
Genoemd in 509 uitspraken · Officiële wettekst
509 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 15 · live
KG Het niet meewerken aan een joodse rabbinale echtscheiding kan, zonder nader onderzoek naar de feiten, niet onrechtmatig worden geacht. Vordering wordt dus afgewezen
Het verzet van Turkmenistan tegen een verstekvonnis uit 2015 is tijdig ingesteld. De Nederlandse rechter heeft rechtsmacht op grond van artikel 9 aanhef en onder c Rv (forum necessitatis). Op grond van de door Chemix gestelde en door Turkmenistan onvoldoende weersproken feiten, w
“verzetprocedure met twee ontvankelijkheidsvragen”.
Toetsing in hoger beroep van vraag of verzet bij de rechtbank tijdig is ingesteld. Daad van bekendheid van de gedaagde doordat de gemachtigde van de gedaagde op de dag na de betekening (niet in persoon) van het verstekvonnis contact heeft opgenomen met de deurwaarder met de vraag
Verzettermijn gelet op het bepaalde in art. 143 lid 2 Rv verstreken. Vonnis bekrachtigd.
Art. 81 lid 1 RO. Beroepsaansprakelijkheid notaris. Beroep op verjaringstermijn van art. 3:310 lid 1 BW: stelplicht en bewijslast, hoor en wederhoor, aanvangsmoment.
Opposant ontvankelijk want geslaagd in tegenbewijs dat verstekvonnis in persoon is betekend. Werkneemster heeft geen recht op transitievergoeding. Arbeidsovereenkomst is niet door toedoen van werkgeefster geëin¬digd, omdat de door werkgeefster aangeboden verlenging van de arbeids
Opposant komt in verzet tegen verstekvonnissen. Opposant heeft geweigerd om het betekeningsexploot in ontvangst te nemen. Op de voet van artikel 46, lid 3 Rv neemt de verzettermijn een aanvang, zodat deze inmiddels is verstreken. Daarnaast is der executoriaal beslag gelegd, zodat
Verzet na verstekvonnis. Verzetstermijn. Niet-ontvankelijkheid.
Ontvankelijkheid verzet? Daad van bekendheid in de zin van artikel 143 lid 2 Rv door de gedetineerde gedaagde, door voeren van overleg met zijn zus en moeder over de afwikkeling van het beslag dat door de eiseres op basis van het verstekvonnis is gelegd?
Verzet is niet tijdig ingesteld. Opposant heeft het verstekvonnis op 30 maart 2016 met haar advocaat besproken; dit is een daad van bekendheid, zodat de verzettermijn op grond van artikel 143 lid 2 Rv op die datum is aangevangen.
Persoonlijke aansprakelijkheid van de feitelijk leidinggevende/gevolmachtigde van een commanditaire vennootschap c.q. de bestuurder van de beherend vennoot. Toepasselijk recht. Vereenzelviging.
Kort geding. Hoger beroep van vonnis op verzet. Ontvankelijk van het verzet in geval van gedeeltelijke tenuitvoerlegging van het verstekvonnis. Bevoegdheid om namens een ander te procederen. Huurachterstand en waarborgsom.
Beëindiging van huurovereenkomst bedrijfsruimte op grond van artikel 7:296 lid 1 sub b BW (dringend eigen gebruik). Tegemoetkoming in verhuis- en inrichtingskosten ex artikel 7:297 BW.
In geval van een faillissement uitgesproken na een verstekvonnis waarbij een verifieerbare vordering is toegewezen is alleen de curator bevoegd verzet in te stellen overeenkomstig vaste rechtspraak inzake hoger beroep en cassatie. Zie onder meer: HR 9 september 1994, ECLI:NL:HR:1
Een stichting die de belangen van de moskeebezoekers behartigt is van mening dat de statutenwijzigingen van de Stichting Moskee Essalam ongeldig zijn omdat de besluiten in strijd met statutaire bepalingen zijn genomen. Bewijsopdracht.
arbeidsrecht, ontslag op staande voet niet bewezen
verzettermijn. Aangevangen executie? Art. 6 EVRM. Heeft betrokken al dan niet de geldleningsovereenkomst gesloten.
Procesrecht. Betekening verstekvonnis. Art. 143 lid 2 Rv en art. 46 e.v. Rv. Betekening aan de Ontvanger ‘in persoon’, vereisten. Stelsel Invorderingswet: verhouding tussen beoordeling door burgerlijke rechter van verzet tegen tenuitvoerlegging dwangbevel (art. 17 Iw) en beoorde
Procesrecht. Betekening verstekvonnis. Art. 143 lid 2 Rv en art. 46 e.v. Rv. Betekening aan de Ontvanger ‘in persoon’, vereisten. Stelsel Invorderingswet: verhouding tussen beoordeling door burgerlijke rechter van verzet tegen tenuitvoerlegging dwangbevel (art. 17 Iw) en beoorde
Procesrecht. Betekening verstekvonnis. Art. 143 lid 2 Rv en art. 46 e.v. Rv. Betekening aan de Ontvanger ‘in persoon’, vereisten. Stelsel Invorderingswet: verhouding tussen beoordeling door burgerlijke rechter van verzet tegen tenuitvoerlegging dwangbevel (art. 17 Iw) en beoorde
Hangende appel is bij wege van incident schorsing van de uitvoerbaarheid bij voorraad van het veroordelende vonnis in eerste aanleg gevraagd. Bij tussenarrest heeft het hof appellant gevraagd zich uit te laten over de ontvankelijkheid van de hoofdzaak. Het hof verklaart appellant
Koop van woning. Vaststellingsovereenkomst. Koper wordt bij verstek veroordeeld tot betaling. Verzet tijdig ingesteld? Daad van bekendheid? Beroep koper op verjaring ongegrond. Geen sprake van consumentenkoop.
Incident tot schorsing uitvoerbaarheid bij voorraad. Alvorens op het incident te beslissen, stelt het hof appellant in de gelegenheid zich uit te laten over de ontvankelijkheid van het hoger beroep.