Ondernemingsrecht, procesrecht. Uitkoopprocedure (art. 2:92a BW). Verstekarrest tegen de gezamenlijke andere aandeelhouders; verzettermijn voor in het buitenland wonende aandeelhouders. Processueel ondeelbare rechtsverhouding. Welke partij dient op te roepen?
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 143 Rv
Genoemd in 509 uitspraken · Officiële wettekst
509 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 7 · live
kort geding, pv mondelinge uitspraak
Koop tweedehands voertuig. Schending verplichting tot eigendomsoverdracht? Gegrond beroep op ontbinding? Gegrond beroep op vernietiging wegens dwaling?
Verzet niet tijdig ingesteld, niet-ontvankelijkverklaring in de hoofdzaak en in de incidenten. Geen strijd met de redelijkheid en billijkheid, noch met het recht op een eerlijk proces als bedoeld in artikel 6 EVRM.
Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Tijdigheid van verzet tegen verstekvonnis. Vermoeden van daad van bekendheid van veroordeelde door handelwijze van diens advocaat buiten rechte (art. 143 lid 2 Rv)?
Verzet tijdig ingesteld, art 144 onder b Rv
Verzet ontvankelijk; art 143 Rv.
Rb oordeelt verzet ontvankelijk; hecht inleidende dagv. en daarbij gevoegde stukken aan tussenvonnis, omdat oorspronkelijk eiser -naar onbetwist als vaststaand door rb wordt aangenomen- volgens ged. weigert die stukken aan ged. ter beschikking te stellen
Verzet niet ontvankelijk; telefonisch contact met deurwaarder.
Gedeeltelijke niet-ontvankelijkheid in verzet. Beroep op artikel 6 EVRM. Het belang van de betrouwbaarheid van de openbare registers weegt zwaarder dan het persoonlijk belang van een procespartij die tegen de levering van een registergoed in verzet komt.
Verzet gegrond.
Art 143 lid 2 Rv: enige daad plegen waaruit noodzakelijk voortvloeit dat vonnis of aangevangen tenuitvoerlegging bekend is: veroordeelde moet zélf handeling hebben verricht waaruit ondubbelzinnig bekendheid met hoofdinhoud vonnis volgt. Onder omstandigheden is op grond van een da
- Geschil over terugbetaling geldleningen van vennootschap aan een bestuurder. - Incidenteel vonnis - Bevoegdheid Nederlandse rechter (Brussel Ibis-Verordening, art. 6 Rv) - Nietigheid dagvaarding - Is vennootschap rechtsgeldig in rechte vertegenwoordigd door één van de twee best
Verzet; overbetekening; art. 143 lid 2 Rv
Erfrecht. Procesrecht. Is tijdig verzet gedaan tegen verstekvonnis?
Verzet niet ontvankelijk. Daad van bekendheid verondersteld.
Burgerlijk procesrecht, art. 143 lid 2 Rv, niet-ontvankelijk wegens verstrijken verzettermijn. Het hof oordeelt dat de verzet niet tijdig is ingesteld, nu het vermoeden gerechtvaardigd is gelet op de feiten en omstandigheden dat aan de daad van de gemachtigde om contact op te nem
Vorderingen afgewezen. Over de vordering is reeds beslist in een vonnis dat in kracht van gewijsde is gegaan.
Betekening verstekvonnis in persoon aan een stichting, door middel van betekening aan een statutair bestuurder. Door diens toedoen – misbruik van procesrecht – zijn overige bestuurders niet binnen de verzettermijn op de hoogte van het verstekvonnis. Onverkorte toepassing van de v
Gedaagde niet-ontvankelijk verklaard in verzetprocedure.
Tegen verstekvonnis van 27 juli 2011, op basis waarvan huurwoning is ontruimd, wordt pas op 13 september 2017 verzet ingesteld door de veroordeelde. De veroordeelde ontkent de woning te hebben gehuurd, bewoond en ontruimd. Is de verzettermijn onder deze omstandigheden door de ont
Een man en zijn twee bedrijven zijn bij verstekvonnis (een vonnis waarbij je niet op zitting bent verschenen en geen tegenargumenten hebt gegeven) op 10 juli 2019 veroordeeld om ruim 26.000 euro te betalen aan een man van wie hij 30.000 euro had geleend.
Verzetzaak, artikel 143 Rv, daad van bekendheid met het verstekvonnis, verzettermijn overschreden
Verzet tijdig ingesteld na derdenbeslag. Onverkorte toepassing van artikel 143 lid 3 en 144 aanhef en onder b Rv komt in strijd met artikel 6 EVRM.
Verzetprocedure. Verstekvonnis wordt vernietigd en oorspronkelijke vordering wordt alsnog afgewezen. Eiser heeft verkeerde partij gedagvaard.