Verzet ongegrond. Huurovereenkomst is in privé aangegaan en niet door of namens een rechtspersoon.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 143 Rv
Genoemd in 509 uitspraken · Officiële wettekst
509 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 10 · live
Kort geding - verstekvonnis - verzettermijn 259 Rv 143 Rv en 144 Rv
Oppositie tegen verstekzaak. Wetenschap verstekvonnis bij opposant.
Tijdigheid verzet door publiekrechtelijke rechtspersoon. Geen daad van bekendheid in de zin van artikel 143 lid 2 Rv. Uit ontvangstbericht vloeit niet noodzakelijk voort dat het verstekvonnis aan de gemeente bekend was.
Groepsaansprakelijkheid ex artikel 6:166 BW in geval van diefstal van elektriciteit ten bate van hennepteelt.
ontvankelijkheid verzet; art. 6 EVRM; bestuurdersaansprakelijkheid; causaal verband
Aanvang verzettermijn, artikel 143 Rv. Na het verstekvonnis is appellante in persoon beslaglegging op grond van een tussen partijen gewezen executoriale titel aangezegd. Het exploot van beslaglegging moet worden aangemerkt als een ter uitvoering van het verstekvonnis strekkende a
Procesrecht. Tenuitvoerlegging verstekvonnis door derdenbeslag. Aanvang verzettermijn. Art. 143 lid 2 en 3 Rv i.v.m. art. 144, aanvang en onder b, Rv. Bij toepassing van verzettermijnen mag het recht van partijen op toegang tot de rechter niet in de kern worden aangetast (HR 26 m
Huwelijksvermogensregime van vrouw en haar voormalige man wordt bepaald door Marrokkaans recht, nu het huwerlijk in 1984 is gesloten, toen geen rechtskeuze is gedaan en beiden de Marokkaanse nationaliteit hadden. Geldlening is tijdens het huwelijk alleen door de man aangegaan. Na
Verzet tegen bij verstek gewezen vonnis. Termijn voor instellen verzet overschreden. Toepassing criterium ‘daad waaruit noodzakelijk bekendheid met het verstekvonnis volgt’. Betekening verstekvonnis aan woonplaats gedaagde in de zin van artikel 1:14 Burgerlijk Wetboek.
Artt. 1:439 BW, 1:441 BW, 143 Rv, 144 Rv. Overeenkomst; beschermingsbewind; verstekvonnis, executie, verzet, aanvang verzettermijn.
Deze zaak gaat over de vraag of de gemeente Eindhoven tijdig verzet heeft gedaan tegen een verstekvonnis waarbij zij tot een aanzienlijke schadevergoeding is veroordeeld. Geoordeeld wordt dat de ontvangstbevestiging, waaruit op zichzelf genomen een daad van bekendheid zou kunnen
Beroep op ontbindingsclausule in koopovereenkomst vanwege bodemverontreiniging gerechtvaardigd? Voorgenomen deskundigenonderzoek ter beoordeling van overgelegde rapporten.
Schorsing van de tenuitvoerlegging van een verstekvonnis op basis van misbruik van executiebevoegdheid
Verzetzaak. Niet-ontvankelijkheid van gedaagde in zijn verzet. Nietigheid van het exploot van dagvaarding of de betekening daarvan. Vordering tot vergoeding van schade. Gedaagde verschijnt niet ter comparitie. Uit het niet verschijnen van gedaagde ter terechtzitting maakt de rech
Huurrecht. De regeling omtrent huurprijsvermindering in verband met een genotsvermindering moet worden geacht ook van toepassing te zijn indien sprake is van een zogenaamde 'all-in'-prijs voor het gehuurde. Het in een geschil over de volledige betaling van die 'all-in'-prijs door
Vordering tot herroeping niet-ontvankelijk want niet ingesteld binnen de termijn van artikel 383 lid 1 Rv.
Vraag of verzet tijdig is ingesteld. Rechtbank toetst aan art. 143 en 144 Rv. Wanneer begint de verzettermijn te lopen als het vonnis niet is betekend. Wanneer is het eerste moment van betaling in de zin van art. 144 sub b Rv. Opposant heeft vier weken termijn laten verstrijken.
Procesrecht/huur woonruimte. Ontvankelijkheid in verzet. Geen betekening van het verstekvonnis in persoon. Geen daad van bekendheid met het vonnis. Het enkele voornemen van de deurwaarder om tot ontruiming van de woning over te gaan, kan niet gelden als een aangevangen executie.
Opposant is te laat in verzet gekomen. De kantonrechter verklaart opposant echter met inachtneming van artikel 6 EVRM alsnog ontvankelijk.
Verzetprocedure. Buitenlandse betekening verstekvonnis. Verzet tijdig ingestedl. Non-conformiteit verkochte woning. Art. 7:23 lid 2 BW. Verwijzing naar de rol voor aanvullend deskundigenbericht.
Bij inleidende dagvaarding heeft de curator gesteld opposant primair aansprakelijk te houden ex artikel 2:248 Burgerlijk Wetboek (BW), subsidiair ex artikel 2:9 BW en meer subsidiair ex artikel 6:162 BW wegens -kort samengevat- het op grote schaal frauderen met de boekhouding van
Onjuiste betekening van het verstekvonnis bij gebreke van een dagvaarding en betekening aan de receptioniste in het pand van Ontvanger? Nee.
Strijd met beginselen van een goede procesorde; misbruik van bevoegdheid door onverkort vasthouden aan verzettermijn door geopposeerde? Nee.
Verstrijken verzettermijn verstekvonnis tlv Ontvanger (143 Rv).