Procesrecht. Tenuitvoerlegging verstekvonnis door derdenbeslag. Aanvang verzettermijn. Art. 143 lid 2 en 3 Rv i.v.m. art. 144, aanvang en onder b, Rv. Bij toepassing van verzettermijnen mag het recht van partijen op toegang tot de rechter niet in de kern worden aangetast (HR 26 m
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 143 Rv
Genoemd in 509 uitspraken · Officiële wettekst
509 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Procesrecht. Betekening verstekvonnis. Art. 143 lid 2 Rv en art. 46 e.v. Rv. Betekening aan de Ontvanger ‘in persoon’, vereisten. Stelsel Invorderingswet: verhouding tussen beoordeling door burgerlijke rechter van verzet tegen tenuitvoerlegging dwangbevel (art. 17 Iw) en beoorde
Procesrecht. Betekening verstekvonnis. Art. 143 lid 2 Rv en art. 46 e.v. Rv. Betekening aan de Ontvanger ‘in persoon’, vereisten. Stelsel Invorderingswet: verhouding tussen beoordeling door burgerlijke rechter van verzet tegen tenuitvoerlegging dwangbevel (art. 17 Iw) en beoorde
De niet verschenen gedaagde, die bij verstek is veroordeeld, kan niet het rechtsmiddel verzet instellen tegen een vonnis als bedoeld in artikel 140, lid 2 Rv, maar slechs hoger beroep. Dat volgt tevens uit artikel 335, lid 2 Rv. Eiser dient niet-ontvankelijk te worden verklaard i
Ondernemingsrecht, procesrecht. Uitkoopprocedure (art. 2:92a BW). Verstekarrest tegen de gezamenlijke andere aandeelhouders; verzettermijn voor in het buitenland wonende aandeelhouders. Processueel ondeelbare rechtsverhouding. Welke partij dient op te roepen?
Procesrecht. Betekening verstekvonnis. Art. 143 lid 2 Rv en art. 46 e.v. Rv. Betekening aan de Ontvanger ‘in persoon’, vereisten. Stelsel Invorderingswet: verhouding tussen beoordeling door burgerlijke rechter van verzet tegen tenuitvoerlegging dwangbevel (art. 17 Iw) en beoorde
(Appel)procesrecht. Toepassing art. 140 en 339 Rv. Verschoonbare termijnoverschrijding? Geval waarin inleidende dagvaarding niet in persoon is betekend en vonnis aan bij verstek veroordeelde niet bekend is geworden voorafgaand aan verstrijken appeltermijn. Hoger beroep binnen red
Burgerlijk procesrecht. Verstek en verzet. Toepassing en uitleg art. 140 lid 2 Rv na doorhaling van de procedure tegen de wel verschenen gedaagden. Geen onmiskenbare daad van bekendheid met verstekvonnis gesteld of gebleken (art. 143 lid 2 Rv).
Verzetprocedure, artikel 143 Rv, voorafgaande daad van bekendheid van veroordeelde.
Procesrecht. Verzettermijn van art. 143 lid 3 Rv in verbinding met art. 144 onder b Rv. HR 5 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2629. Toepassing verzettermijn en art. 6 EVRM; (lengte van) nadere termijn.
Incident tot niet-ontvankelijkheid. Geen gesloten systeem van incidentele vorderingen (art. 209 Rv). Geen betekening van een verstekvonnis in persoon aan de Ontvanger (art. 143 lid 2 Rv), anders dan rechtbank Amsterdam, LJN BW4373.
Niet-ontvankelijkverklaring in het verzet tegen een verstekvonnis waarin de rechtbank iemand heeft veroordeeld tot terugbetaling aan de voormalige partner van (geïnvesteerde of uitgeleende) € 53.475,74.
Procesrecht. Aanvangsmoment verzettermijn. Reconventie. Heeft de bij verstek veroordeelde partij die pas bekend raakt met het verstekvonnis als de verzettermijn al voor de helft verstreken is, recht op een volledige verzettermijn van vier weken dan wel op een ‘terme de grace’, of
Huurovereenkomst woonruimte bij verstekvonnis ontbonden en huurder veroordeeld tot ontruiming. Verstekvonnis (niet in persoon) betekend, vervolgens ontruimd. Huurder doet nadien verzet. Volgens hof is verzet te laat en is huurder n-o in verzet. Recht op toegang rechter niet in ke
OK; uitkoop; verzet; onder aanhouding van iedere verdere beslissing, wordt bepaald dat de uitkoper de gezamenlijke andere aandeelhouders, buiten opposanten, als partijen in het geding zal oproepen
verzet, verstekvonnis vernietigd, exceptio plurium litis consortium
Huurrecht. Toetsing onredelijk bezwarende bedingen in algemene voorwaarden op de voet van artikel 6:233 sub a BW. Beroep op vernietiging van de bedingen ter zake boete, contractuele rente en buitengerechtelijke kosten gehonoreerd.
Ambtshalve toetsing door het hof of de kantonrechter in het verzetvonnis het verzet terecht ontvankelijk heeft geacht, aangezien verzettermijnen van openbare orde zijn.
Procesrecht. Verzettermijn van art. 143 lid 3 in verbinding met art. 144 aanhef en onder b. Rv; toepassing verzettermijn en art. 6 EVRM; nadere termijn; lengte nadere termijn
Verzet tegen verstekarrest ECLI:NL:GHARL:2021:11036 in appel van ECLI:NL:RBGEL:2020:7147; inboedelverzekering; opzetbegrip; geen verzekeringsfraude; beslissingen over registratie persoonsgegevens in het Incidentenregister, het Interne Verwijzingsregister (IVR), de Gebeurtenissena
Verzet. Vordering uit hoofde van geldlening afgewezen wegens schone lei WSNP. Schulden ontstaan na schone lei onvoldoende onderbouwd. Vernietiging verstekvonnis en afwijzing vorderingen.
Kort geding over een niet-ontvankelijkverklaring in het verzet tegen een verstekvonnis waarin de voorzieningenrechter iemand vervangende toestemming heeft verleend om in plaats van de voormalige partner: - een makelaar opdracht te geven tot verkoop van een perceel; - een verkoopo
Terugbetaling geldleningsovereenkomst. Schuldbekentenis. Betwisting handtekening schuldbekentenis.
Beëindigd TV-abonnement. Onbetaalde facturen. Verzetvonnis.
Verzet. Kan een door een besluit van de Kamer van Koophandel ontbonden B.V. verzet instellen? Verwijzing naar HR 11 januari 2013, ECLI:NL:HR:2013:BX9762 (Unidek/HDI Holding). Overwogen wordt dat een procespartij die op de voet van art. 143 Rv in verzet komt niet een procedure aan