Projectontwikkeling. Uitleg koopovereenkomsten en leveringsakte.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 130 Rv
Genoemd in 2.052 uitspraken · Officiële wettekst
2.052 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 22 · live
Vervolg op tussenvonnis d.d. 11 oktober 2008. Oproeping ontbonden vereniging. De ontbonden vereniging heeft zich gesteld. Vernietiging van het besluit tot ontbinding van de vereniging gevorderd. Belang.
[appellant] heeft zich voor wat betreft de aan [geïntimeerde] verrichte betalingen erop beroepen dat daarbij een "oude" variant wordt toegepast van de CAO-systematiek conform de zogenoemde "jaarurenregeling". Nog daargelaten of tussen partijen overeenstemming bestond omtrent de t
3:94 BW; 6:74 BW; 6:127 BW; 93 en 94 Rv; 130 Rv; oorspronkelijk vrijwaringsprocedure; door cessie van de vordering (uit hoofdzaak) volgt (hoofd)procedure in conventie en reconventie. Werkgever (hypotheekadviseur) wordt aansprakelijk gesteld door klant voor handelen van werknemer.
Toepasselijkheid Wet verevening pensioenrechten. Het enkele feit dat voor echtgenoten die vóór 1 mei 1995 zijn gescheiden een andere regeling geldt dan voor echtgenoten die op of na die datum zijn gescheiden is onvoldoende om te concluderen tot discriminatie voor de eerste groep
Peildatum voor de vaststelling van de omvang vande huwelijksgemeenschap. Onvoldoende grond af te wijken van de hoofdregel: op echtgenoten rust geen andere verplichting tot het verstrekken van inlichtingen over de huwelijksgemeenschap dan over het gevoerde bestuur alsmede over de
Familierecht. Geschil tussen voormalige levenspartners over wijziging van kinderalimentatie; vervolg op HR 27 februari 2004, nr. R03/034, NJ 2004, 283; geding na verwijzing. Wijziging van alimentatie met terugwerkende kracht, ingrijpende gevolgen, behoedzaamheid van (appel)rechte
Verstek. Buitenlandse partij. Betekening van dagvaarding aan kantoor waar gedaagde in het kader van verzoek tot beslagverlof domicilie had gekozen.
[geïntimeerde sub 1] heeft ter zake deze handelingen zich beroepen op aan hem telkenjare verleende decharge. Hij stelt in dit verband dat die decharge aan hem uitdrukkelijk is verleend en voorts ook voortvloeit uit de vaststelling van de jaarrekening in de algemene vergadering va
Geïntimeerde heeft appellante in augustus 1993 opgedragen in het hem toebehorende appartement in [woonplaats] een vloer aan te brengen met gebruikmaking van marmeren tegels die geïntimeerde bij een derde had gekocht. Appellante heeft de opdracht aanvaard en de vloer in dezelfde m
Appellant stelt dat geïntimeerde in strijd heeft gehandeld met hetgeen het ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt. Appellant voert daartoe aan dat geïntimeerde met A. heeft samengespannen om de crediteuren van Tradion B.V. en de crediteuren van A. te benadelen,
[appellanten] stellen zich in de onderhavige procedure na cassatie en verwijzing primair op het standpunt dat De Zeven Provinciën onrechtmatig jegens hen handelt omdat iedere grondslag voor de jegens hen toegepaste korting ontbreekt. [appellanten] voeren in dit verband aan dat ui
Burn-outklachten werknemer; op grond van een deskundigenonderzoek is het op voorhand aannemelijk dat de werkgever niet heeft voldaan aan zijn zorgplicht. Werkgever toegelaten tot het leveren van tegenbewijs.
Schadestaatprocedure. Geschil tussen een gemeente en een maatschap van accountants en belastingadviseurs over de schade(posten) die de maatschap stelt te hebben geleden als gevolg van handelwijze waarvoor de gemeente in de hoofdzaak aansprakelijk was gehouden (81 RO).
Vordering tot ontruiming van zwembad met aanhorigheden wegens het in strijd handelen met de bepalingen in het huurcontract over het gebruik, de sluitingstijd, het gebruik van alcoholische dranken, alsmede de bestemming en de omvang van het gehuurde.
Flandria-Holland en Devo Holding zijn gehouden tot nakoming van de pensioenverplichting als gevorderd.
Geschil over totstandkoming van koopovereenkomst m.b.t. woning, perikelen in appel (81 RO).
overeenkomst; (wederzijdse) dwaling; toerekenbare tekortkoming; ontbinding. De door eiser van gedaagde, een klokkenrestaurateur, gekochte klok (staand horloge) blijkt veel minder oud dan door verkoper getaxeerd was. Beroep op dwaling. Bewijsopdracht over kenbaarheid voor gedaagde
Artikel 6:197a BW. Subrogatie. Onrechtmatige daad. Eiseres, verzekeraar van benadeelde, probeert regres te halen op een van betrokkenen bij een brandstichting. Zij baseert zijn vordering echter geheel op groepsaansprakelijkheid en artikel 6:197a bepaalt dat de rechten uit groeps
Bestuurdersaansprakelijkheid in verband met schade die het gevolg is van het afdwingen van een te hoge beslaggarantie. In dit geval wordt geoordeeld dat de besloten vennootschap onrechtmatig gehandeld en dat de bestuurder van de vennootschap een persoonlijk verwijt treft. De aans
Art. 130 Rv.: wijziging van de gronden van de eis is mogelijk zolang geen eindvonnis is gewezen. Geen strijd met de eisen van een goede procesorde nu de eiswijziging is gebaseerd op exact hetzelfde feitencomplex.
Ongeclausuleerd herstel van de arbeidsovereenkomst bevolen na kennelijk onredelijke opzegging; partijen verschillen van inzicht over de vraag per welke datum de arbeidsovereenkomst moet worden hersteld. Herstel per datum beeindiging arbeidsovereenkomst ?
Naar het oordeel van het hof wordt de kern van het gedeponeerde woordmerk 'gratiz.nl' gevormd door het woord 'gratiz'. Dit woord is puur beschrijvend en kan reeds daarom niet dienen om de waren en/of diensten van de onderneming van [appellant] te onderscheiden, hetgeen in art. 1,
Het hof is oordeel dat het bedrag, ter zekerheid waarvoor de onderhavige beslagen zijn gelegd, in geen redelijke verhouding staat met hetgeen waarop naar 's hofs voorlopige inschatting [geïntimeerde] uit hoofde van de door hem verrichte werkzaamheden voor [appellanten] uiteindeli
-