Incidentele vordering tot onbevoegdverklaring wordt toegewezen.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 125 Rv
Genoemd in 250 uitspraken · Officiële wettekst
250 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Huurrecht woonruimte, procesrecht, ontvankelijkheid huurder in hoger beroep na intrekking van aangebrachte zaak en vervolgens tweede exploot buiten appeltermijn, inschrijvingsherstelexploot ex art. 125 lid 5 Rv?
Procesrecht. Appeldagvaarding na uitbrengen toegezonden aan verkeerd hof. Vervolgens geen tijdig herstel overeenkomstig art. 125 lid 5 Rv. Doorzendplicht verkeerde hof en inschrijfplicht juiste hof? Analoge toepassing HR 23 september 2011, ECLI:NL:HR:2011:BT2416?
Huurrecht woonruimte. Huurprijsvermindering op grond van gebreken. Procedure na beslissing huurcommisie.
Bekrachtiging verstekvonnis. Partijen zijn in 1987 in Iran getrouwd. In de huwelijksakte is een bruidsgave van 25 gouden munten van de man aan de vrouw opgenomen. Partijen zijn gescheiden en de vrouw vordert nu dat de man de munten afgeeft of de waarde daarvan aan haar betaalt. D
Vordering tot niet-ontvankelijkheid in incident. Eiser heeft een vordering ingesteld op grond van artikel 7:262 lid 1 BW. Betekening van de (1e) dagvaarding was op tijd, maar de zaak is niet tijdig en correct ingeschreven bij de rechtbank (dagvaarding per post kwam te laat en is
Verzet tegen dwangbevel Bpf (artikel 21 lid 5 Wet Bpf 2000). Bpf wordt in de gelegenheid gesteld om bewijs te leveren ten aanzien van de personen die volgens haar op grond van een arbeidsovereenkomst in dienst van een onderneming zouden zijn geweest en waarvoor deelneming in het
Dagvaarding in hoger beroep vermeldt niet de roldatum en het uur van de terechtzitting waartegen wordt gedagvaard. Herstelexploot tijdig uitgebracht. Verkoper wil schadevergoeding van zijn makelaar, omdat deze volgens verkoper niet aan koper van woning had mogen bevestigen dat ko
In hoger beroep is de gedaagde partij opgeroepen voor de verkeerde locatie van het hof. Wanneer de zaak wordt voortgezet op de juiste hoflocatie, stelt de gedaagde partij dat het herstelexploot te laat is uitgebracht en dat het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk is. Het hof wi
Effectenleasezaak.
Vordering in kort geding tot opheffing conservatoire beslagen. Hoger beroep van kortgedingvonnis van voorzieningenrechter van rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht, van 5 april 2022, ECLI:NL:RBLIM:2022:2778.
Aanhangigheid van de zaak is na twee inschrijvingsherstelexploten vervallen. Appellante niet-ontvankelijk verklaard.
Aanhangigheid van de zaak is na twee inschrijvingsherstelexploten vervallen. Appellante niet-ontvankelijk verklaard.
Aanhangigheid van de zaak is na twee inschrijvingsherstelexploten vervallen. Appellante niet-ontvankelijk verklaard.
Art. 332 lid 1 en 3 Rv. Appelgrens.
Art. 332 lid 1 en 3 Rv. Appelgrens.
Aanhangigheid van de zaak vervallen na twee inschrijvingsherstelexploten. Appellante niet-ontvankelijk verklaard.
Niet-ontvankelijk, herstelexploot voldoet niet aan artikel 125 Rv, exploot uitgebracht buiten vervaltermijn van twee maanden.
Effectenlease. Aanhangigheid van het geding vervallen vanwege twee ongeldige herstelexploten. Geen toestemming geïntimeerde.
Internationale zaak. Bevoegdheid. Dagvaarding te laat aangebracht, zaak toch ontvankelijk. Toewijzing hoofdsom. Geen sprake van aanbod en aanvaarding t.a.v. schikking.
De tweede appeldagvaarding, uitgebracht binnen 14 dagen na de bij de eerste appeldagvaarding aangezegde rechtsdag, kan niet worden aangemerkt als een geldig inschrijvingsherstelexploot. Appellante niet-ontvankelijk in hoger beroep.
Art 6 Rv, art 109 Rv , art 125 Rv, art 143 Rv Rechtsmacht, bevoegdheid, herstelexploot, ontvankelijkheid, verzet te laat ingesteld. U Uitlatingen en handelingen in rechte, ook in een andeer procedure, kunnen een aan de desbetreffende procespartij toe te rekenen daad van bekendh
Procesrecht. Eis van artikel 3.1 aanhef en sub a van het Landelijk procesreglement voor civiele dagvaardingszaken bij de gerechtshoven om bij het indienen van een nieuwe zaak ter griffie de originele exploten te overleggen. Appeldagvaarding niet ingeschreven op de daarbij aangeze
Procesrecht. Eis van artikel 3.1 aanhef en sub a van het Landelijk procesreglement voor civiele dagvaardingszaken bij de gerechtshoven om bij het indienen van een nieuwe zaak ter griffie de originele exploten te overleggen. Appeldagvaarding niet ingeschreven op de daarbij aangeze
Procesrecht. Eis van artikel 3.1 aanhef en sub a van het Landelijk procesreglement voor civiele dagvaardingszaken bij de gerechtshoven om bij het indienen van een nieuwe zaak ter griffie de originele exploten te overleggen. Appeldagvaarding niet ingeschreven op de daarbij aangeze