Schending artikelen 21 Rv en 111 lid 3 Rv niet aan de orde. Woonpunt heeft de voor beslissing zijnde belangrijke feiten in haar dagv vermeld. Niet ontvankelijkheidsweer is gepasseerd. De vord is onvoldoende gemotiveerd betwist en daardoor toegewezen.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 111 Rv
Genoemd in 673 uitspraken · Officiële wettekst
673 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 12 · live
huurrecht; vraag of bewoner hoofdverblijf heeft in het gehuurde en of dat moet leiden tot ontbinding en ontruiming
Doorhaling procedure, gevorderde veroordeling in werkelijke proceskosten afgewezen.
Afgifte zending zonder presentatie cognossement. Mogelijkheid terugkomen op bindende eindbeslissing. Nieuw verweer. Eigen schuld? Matiging van contractueel schadevergoedingsbeding op grond van art. 6:109 BW. Eindvonnis na laatste tussenvonnis van 9 september 2020 (dat abusievelij
Verjaring gestuit door aanmaningsbrieven. Geen schending van art. 21 Rv, art. 111 lid 3 Rv en art. 85 Rv.
Collectieve actie artikel 3:305a BW. Uitleg cao Retail non food. Geen verbod op het inhalen van min-uren. De cao bepaling over min-uren mag ook tijdens de corona-pandemie worden toegepast. Geen strijd met goed werkgeverschap.
Ontoelaatbare wisseling van partijhoedanigheid, geschil tussen mede-erfgenamen, niet-ontvankelijkverklaring.
Substantiëringsplicht; non-conformiteit art 7:17 BW; kosteloos herstel art 7:21 BW; ontbinding koopovereenkomst art 7:22 Rv jo art 6:265 BW; rechtvaardigende tekortkoming; schade art 6:74 BW
Kort Geding. Kinderontvoering. Bevoegdheid Nederlandse rechter. HKOV en Verordening Brussel II-bis.
FNV heeft na het mislukken van de cao onderhandelingen acties in de metaalsector aangekondigd. Zo is bij [gedaagde] een overwerkstaking aangekondigd. [gedaagde] heeft in 2020 maatregelen moeten treffen vanwege de corona pandemie. Zo heeft [gedaagde] een zogenaamde urenbank ing
Verdeling as erflater, deels verstek, ondeelbare rechtsverhouding, betekening eis in reconventie aan niet verschenen partijen, verschenen partijen treffen onderlinge een regeling, art. 130 lid 3 Rv, betekenen eiswijzigingen in conventie en in reconventie aan niet verschenen parti
aanneming van werk, waarheidsplicht artikel 21 Rv, substantieringsplicht artikel 111 lid 3 Rv,
Eiseres (vereniging) niet verschenen tijdens mondelinge behandeling. Geen antwoord gegeven op vragen kantonrechter in tussenvonnis. Niet gebleken dat vereniging op eigen naam dan wel uit naam van bewoners een vordering kon instellen. Afwijzing.
Huurovereenkomst tot stand gekomen? Betaling huurachterstand en boetes.
Regresvordering van bestuurder op andere bestuurder in het kader van door beiden afgegeven borgtocht voor schuld vennootschap. Bestuurdersaansprakelijkheid: bestuurder jegens aandeelhouder gehandeld in strijd met artikel 2:8 BW, geen ernstig verwijt.
Geschil tussen verhuurder en huurder bedrijfsruimte over terugbetaling borg.
Huur bedrijfsruimte, huurachterstand, beroep op verrekening en opschorting, Haviltex, huurprijsvermindering, art 7:207 BW, herstel gebreken art 7:206 lid 1 BW, wijzen van berekenen boeterente: niet cumulatief, geen matiging
Uitwerking franchise-overeenkomst met verplichte leverancier; substantiëringsplicht art 21 jo 111 Rv; verrekening; uitstellen opeisbaarheid veroordeling; art 3:53 lid 2 BW geheel of ten dele buitenwerkingstelling terugwerkende kracht vernietiging; geen salarispunt voor dagvaardin
Incidentele vordering 843a Rv ten dele toegewezen
Vonnis in incidenten art. 843a Rv, art. 210 Rv en een ongeregeld incident (niet-ontvankelijkheidsverklaring). Vorderingen deels toegewezen.
Aanneming van werk. Vordering schadevergoeding gebreken serre afgewezen. 7:758 BW. Werk is opgeleverd onder voorbehoud 2 kleine punten. Herstel geweigerd respectievelijk geen tekortkoming. Aannemer voor verdere punten ontslagen van aansprakelijkheid.
merkinbreuk en misleidende vergelijkende reclame.
VvE-bijdrage vanaf wanneer betalen? Besluit vergadering van eigenaars. Eerdere geschillen tussen VvE-lid en VvE.
Verzorgen uitvaart/crematie, onbetaald gelaten restant factuurbedrag
Gedaagde heeft vlak na het faillissement van het aannemingsbedrijf Materieel Actief (roerend materieel) verkocht. De rechtbank stelt vast dat 126 goederen niet in eigendom waren van het aannemingsbedrijf, maar van eisers. Dat een deel van deze goederen fiscaal werd afgeschreven d