Appellant heeft door verstrekking van een cheque door een Britse bank niet voldaan aan zijn verplichting jegens geïntimeerde tot het stellen van een bankgarantie of het storten van een waarborgsom als opgenomen in de koopovereenkomst. Voor matiging van de door appellant te betale
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 111 Rv
Genoemd in 673 uitspraken · Officiële wettekst
673 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 10 · live
Auteursrecht, inbreuk door plaatsing foto zonder toestemming rechthebbende. Begroting schade.
Schending zorgplicht hogeschool. Student met psychische problemen die jarenlang geen onderwijs volgde en nauwelijks studievoortgang maakte. Van een redelijk bekwame en redelijk handelende onderwijsinstelling had in de gegeven omstandigheden actief ingrijpen verwacht mogen worden.
Kort geding. Geschil tussen ex-partners. Vordering tot ontruiming. Aannemelijk dat sprake is van een (onder)huurovereenkomst m.b.t. onzelfstandige woonruimte. Vordering toewijsbaar nu de overeenkomst door eiseres is opgezegd.
Telemarketing. Telefonische benadering potentiële contractanten. Wederpartij geen consument. Onvoldoende aanknopingspunten om niet uit te kunnen gaan van daarbij gesloten overeenkomst. Beroep op vernietiging afgewezen.
Aanspraak verkopers op contractuele boete in koopovereenkomst woning. Kopers tekortgeschoten in verplichtingen inzake eigendomsoverdracht. Geslaagd beroep op overmacht in verband met gedwongen opname van één van kopers op gesloten afdeling van een instelling voor geestelijke gezo
E.On wordt niet tot bewijs toegelaten van de door haar gestelde overeenkomst. Subsidiaire vordering uit hoofde van ongerechtvaardigde verrijking evenmin toewijsbaar.
Gevoegde zaken. Beroep op opschorting huur slaagt niet omdat contractueel uitgesloten. Boete toegewezen wegens drijven detailhandel in het gehuurde.
Partijen sluiten overeenkomst van opdracht. Vordering tot betaling van het restant van de eindfactuur is toegewezen. Verweer van gedaagde, dat met name in de sleutel van de Wet Ketenaansprakelijkheid staat, wordt afgewezen. Van belang is of overeenkomstig de opdracht is gewerkt e
Q-Park, treintje rijden
Bestuurdersaansprakelijkheid. Diverse vennootschappen hebben contracten afgesloten met NS Reizigers voor NS Business Cards. De met de NS Business Cards gemaakte reizen zijn nooit betaald. Bestuurders aansprakelijk voor bedrag openstaande rekeningen.
Q-Park, treintje rijden, algemene voorwaarden
Conventie: substantieringsplicht, Haviltex, benoeming/ontslag/schorsing commissaris
Contradictoir. rechtens ondeelbare rechtsverhouding, regresrecht van termijnbetalingen Het is in ieder geval duidelijk dat niet slechts de man en de vrouw eigenaar zijn van het stuk grond, maar ook de vooralsnog onbekende erfgenamen van de moeder van de vrouw. Een deel van de vor
Blijft eigen bijdrage ingevolge Wlz/Wmo verschuldigd als de begeleiding van een eerder door de betrokken persoon ingeschakelde zorginstelling wegvalt door opzegging van de overeenkomst? Welke status heeft in een dergelijk geval de bestuursrechtelijk dichtgetimmerde beslissing tot
schending substantieringsplicht leidt niet tot nietigheid dagvaarding. Werkelijke proceskosten niet toewijsbaar. Wel wordt eiser in de kosten van gedaagde veroordeeld wegens onnodig procederen.
.
Kort geding vonnis heeft geen gezag van gewijsde. Onvoldoende gesteld om bestaan van leningovereenkomsten aan te nemen. Vordering in conventie afgewezen. In reconventie worden vorderingen op grond van (im)materiële schadevergoeding afgewezen omdat die schade en het causaal verban
KG, einde huurovereenkomst(en) door wederzijds goedvinden blijkt uit whatsapp verkeer tussen partijen in samenhang bezien met vrijwillig verlaten gehuurde
Energielevering. Door leverancier op grond van art. 95cb lid 1 Elektriciteitswet in rekening gebrachte netwerkkosten. Vervaltermijn van twee jaar (lid 4) overschreden.
Wet Bpf, overgang van onderneming, overdrager jaar na overgang nog hoofdelijk verbonden voor verplichtingen uit de arbeidsovereenkomst, waaronder pensioenverplichtingen
Bouwzaak. Schending waarheidsplicht 21 Rv juncto 111, lid 3 Rv. Partijen hebben door hun proceshouding de kantonrechter in ernstige mate belemmerd, althans zijn zij er de oorzaak van dat niet zonder onnodige inspanningen van de kantonrechter en zonder onnodige kosten en vertragin
art. 7:653 lid 1 BW. Concurrentiebeding en relatiebeding uitleg. Geen overtreding. Geen matiging. Ter comparitie tegelijk behandeld met zaak 5520049 CV EXPL 16-13112 (ECLI:NL:RBNNE:2017:1199) vanwege de samenhang tussen beide zaken.
Inbreng eenmanszaak in BV. Akte van cessie (art. 3:94 BW). Substantiëringsplicht (art. 111 Rv); waarheidsplicht (art. 21 Rv).
overeenkomst, 3:33 BW. 3:35 BW.