Mostazo Claro (HvJ EG 26 oktober 2006, NJ 2007, 201) noch de Richtlijn 93/13/EEG van de Raad van 5 april 1993 betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten leidt in de gegeven omstandigheden tot vernietigbaarheid van het arbitragebeding.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 1053 Rv
Genoemd in 15 uitspraken · Officiële wettekst
15 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Arbitrage; Bilateraal Investeringsverdrag (BIT) tussen Ecuador en Verenigde Staten. Vordering tot vernietiging arbitrale vonnissen op de voet van art. 1065 lid 1, aanhef en onder a, Rv. Beoordeling bevoegdheid arbiters; maatstaf; geen terughoudende toetsing. Uitleg BIT; art. 31 e
Vordering tot vernietiging arbitraal vonnis wegens onbevoegdheid. Uitleg Bilateraal Investeringsverdrag.
Schorsing arbitraal vonnis in kort geding. IPR. Bevoegdheid kortgedingrechter o.g.v. art. 1066 Rv. Geen sprake van executiegeschil in de zin van art. 438 Rv. Voorhands oordeel m.b.t. kans van slagen hoger beroep tegen vonnis in eerste aanleg waarbij schorsing van arbitraal vonnis
Procesrecht. Hebben arbiters onrechtmatig gehandeld door zich, ondanks beroep op ontbreken arbitrageovereenkomst, ten onrechte bevoegd te achten? Als na instelling van een rechtsmiddel een uitspraak onjuist wordt bevonden geldt – evenals voor overheidsrechtspraak – dat slechts in
-
Het hof vernietigt twee arbitrale vonnissen omdat deze vonnissen tot stand zijn gekomen op een wijze die in strijd is met de openbare orde.
vordering tot vernietiging arbitraal vonnis
Bevoegdheid. Coöperatie. Forumkeuzebeding. Arbitrage. Separabiliteitsleer.
Bevoegdheidsincident in een zaak tussen een in de V.S. gevestigde vennootschap en een moeder- en dochtervennootschap gevestigd in Venezuela. Eiseres baseert de bevoegdheid van de rechtbank op artikel 767 Rv. Is er tussen eiseres en de dochtervennootschap een rechtsgeldige arbitra
Onbevoegdheidsincident. Arbitraal beding niet onredelijk bezwarend, toepassing niet onaanvaardbaar naar eisen redelijkheid en billijkheid. Art. 6:248 lid 2 BW, art. 6 lid 1 EVRM., art. 1074 Rv, art. 1053 Rv., art. 10:166 BW, art. 10:3 BW.
Onbevoegdheid rechtbank. Arbitragebeding.
Art. 81 RO. Vordering tot vernietiging arbitraal vonnis op de voet van art. 1065 lid 1, onder a en b, Rv. Totstandkoming koop/aannemingsovereenkomst waarin arbitraal beding; wie is partij?
Bevoegdheidsincident. Reikwijdte en separabiliteit arbitraal beding. Art. 1053 Rv. Redelijkheid en billijkheid. Bij dagvaarding hebben Cui c.s. zich uitdrukkelijk op het standpunt gesteld dat zij subsidiair ontbinding van de vof vorderen op grond van artikrl 7A:1684 BW. Primair v
19 september 2003 Eerste Kamer Nr. C02/056HR SM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. J. Groen, t e g e n [Verweerder], wonende te [woonplaats], VERWEERDER in cassatie, niet verschenen. 1. Het geding i