Medeplegen van invoer 12 kilogram cocaïne (artikel 2 onder A van de OW) en bezit van vuurwapen categorie II (art. 26, eerste lid van de WWM); beroep op ontbreken opzet bij verdachte op de invoer van de ten laste gelegde hoeveelheid cocaïne alsmede op AVAS ten aanzien van dit feit
Opiumwet
Art. 1 Opiumwet
Genoemd in 264 uitspraken · Officiële wettekst
264 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 5 · live
De verdachte wordt vrijgesproken van het medeplegen van de invoer van 329 kilo cocaine. Dagvaarding is geldig, het begrip “verlengde invoer” is voldoende feitelijk. De peilers waarop de officier van justitie de wetenschap van de verdachte van de bijverpakte cocaïne baseert zijn,
Megazaak Kilimanjaro. Medeplegen van invoer van 18 kilogram cocaïne via Schiphol, verstopt in een vliegtuig. Voorbereidingshandelingen invoer cocaïne. Strafmaatoverwegingen: belangrijke rol, essentiële schakel, contacten onderhouden met organisatoren van drugstransporten, procesh
Megazaak Kilimanjaro. Beslissing op verweer dat de identiteit van de verdachte gedurende het opsporingsonderzoek op onrechtmatige wijze is vastgesteld en dat bewijsuitsluiting ten aanzien van daarmee verband houdende resultaten zou moeten volgen. Reikwijdte en toepasselijkheid va
Megazaak Kilimanjaro. Medeplegen van invoer van 18 kilogram cocaïne via Schiphol, verstopt in een vliegtuig. Strafmaatoverwegingen: belangrijke rol, essentiële schakel, contacten onderhouden met organisatoren van drugstransporten, misbruik van dienstbetrekking bij schoonmaakbedri
HR: 81 RO.
Medeplegen – Invoer harddrugs - Murray jurisprudentie Verlengde invoer cocaïne. De verdachte is met medeverdachten aangehouden in een loods waarin een ingevoerde container met daarin een gasfles bevattende cocaïne is gelost. De rechtbank ziet zich gesteld voor de vraag of de verd
Invoer en verlengde invoer van cocaïne vanuit de havens van Rotterdam en Antwerpen en voorbereidingshandelingen daartoe. De verdachte, die een leidinggevende en coördinerende rol had bij het binnenhalen van de partijen cocaïne, wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 5 jaar
WOTS-zaak. Omzetting Frans vonnis. De stukken van het geding houden in dat veroordeelde in NL enige tijd in overleveringsdetentie heeft doorgebracht. Op de gronden als vermeld in de conclusie AG moet worden aangenomen dat die tijd eveneens bij de uitvoering van de straf in minder
Rechtbank Rotterdam PROMIS Geen sprake van infiltratie ex artikel 126h van het Wetboek van Strafvordering, nu daardoor niet is meegewerkt of deelgenomen aan strafbare feiten. Met het sturen van een sms [aan een mogelijke verdachte] in het kader van het onderzoek, wordt geen inbre
Conclusie AG over o.m. ’s Hofs verwerping van beroep op nietigheid van de dagvaarding. HR: 81 RO.
Verbeurdverklaring. Noch uit de pv’s van de terechtzittingen, noch uit de stukken die aldaar zijn voorgelezen of waarvan de korte inhoud is meegedeeld, kan blijken dat, zoals het Hof heeft geoordeeld, het bewezenverklaarde met de inbeslaggenomen telefoons is begaan of voorbereid.
De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing. Verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan. Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daa
De op te leggen straf is gegrond op artikel 47 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet. Deze wettelijke bepalingen zijn van toepassing zoals geldend ten tijde van het bewezen verklaarde. De rechtbank verklaart bewezen dat verdachte het telastegelegd
De op te leggen straf is gegrond op artikel 47 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet. Deze wettelijke bepalingen zijn van toepassing zoals geldend ten tijde van het bewezen verklaarde. De rechtbank verklaart bewezen dat verdachte het telastegelegd
De op te leggen straf is gegrond op artikel 47 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet. Deze wettelijke bepalingen zijn toepasselijk zoals geldend ten tijde van het bewezen geachte. De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende besli
De rechtbank verklaart bewezen dat verdachte het telastegelegde heeft begaan. Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is telastegelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij. Het bewezen verklaarde levert op: Medeplegen van opzette
De rechtbank verklaart bewezen dat verdachte het telastegelegde heeft begaan. Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is telastegelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij. Medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in
De rechtbank heeft verdachte ten aanzien van het onder 1 subsidiair, 2 subsidiair, 3 subsidiair, 4, 5, 6 en 7 tenlastegelegde, na een eis van 8 jaren gevangenisstraf voor het onder 1 primair, 2 primair, 3, 4, 5, 6 en 7 tenlastegelegde, veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de
Verwerping van het beroep op partiele nietigheid van de tll. pas in de aanvulling op het verkorte arrest. HR: Het verweer is een verweer waarop de rechter ingevolge art. 358.3 en art. 358.5 Sv jo. art. 415 Sv op straffe van nietgheid uitdrukkelijk een gemotiveerde beslissing moet
Verwerping van het beroep op partiele nietigheid van de tll. pas in de aanvulling op het verkorte arrest. HR: Het verweer is een verweer waarop de rechter ingevolge art. 358.3 en art. 358.5 Sv jo. art. 415 Sv op straffe van nietgheid uitdrukkelijk een gemotiveerde beslissing moet
Medeplegen van invoer cocaïne ex art. 1.4 Opiumwet. Het hof heeft uit zijn vaststellingen zonder miskenning van art. 1.4 Opiumwet en niet onbegrijpelijk, kunnen afleiden dat verdachte welbewust handelingen heeft verricht die gericht waren op het binnen het grondgebied van NL bren
Handelingen na (gedeeltelijke) inbeslagneming drugs. De ±5 kg cocaïne in een postpakket worden voorafgaand aan de gecontroleerde doorlevering vervangen door een dummylading met ±10 g cocaïne. Ex art. 1.4 Opiumwet is onder binnen het grondgebied brengen begrepen het binnen het gro
Meer- en Vaartverweer. Het hof heeft de juistheid van het met de gebezigde bewijsmiddelen niet strijdige verweer in het midden gelaten, waardoor de met de bewezenverklaring onverenigbare mogelijkheid is opengebleven dat de cocaïne t.t.v. de bewezenverklaarde gedragingen reeds in
De rechtbank Haarlem veroordeelt een verdachte tot achttien maanden gevangenisstraf met aftrek. Verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan voorbereidingshandelingen ten behoeve van verlengde invoer en vervoer van cocaïne. Hierbij diende op Schiphol een koffer, wa