Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan -kort gezegd- handel in cocaïne, met veronachtzaming van de gevaren die verdovende middelen als cocaïne, naar algemene bekendheid, met zich meebrengen voor de volksgezondheid. Verdachtes drijfveer daarbij was, zo begrijpt de rechtbank,
Opiumwet
Art. 10 Opiumwet
Genoemd in 1.814 uitspraken · Officiële wettekst
1.814 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 42 · live
12 maanden gevangenisstraf waarvan 6 maanden voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden voor het opzettelijk handelen in strijd met artikel 2 onder B van de Opiumwet, meermalen gepleegd.
Verdachte (meerderjarig) is onder meer veroordeeld voor een poging tot moord samen met een minderjarige medeverdachte (zie uitspraak LJNummer BD2340) en verboden wapenbezit. De rechtbank legt de verdachte 9 jaar gevangenisstraf op. Verder veroordeelt de rechtbank de beide verdach
Omzetting Engelse ‘conspiracy’-veroordeling De Nederlandse (exequatur-)rechter dient wat betreft de beantwoording van de vraag of de tenuitvoerlegging toelaatbaar is gelet op art. 28.3 WOTS o.b.v. de feiten die de buitenlandse rechter kennelijk aan zijn veroordeling ten grondslag
-
-
-
Art. 8 EVRM gegarandeerde recht van de verdachte op respect voor diens privéleven een meer dan beperkte - en daardoor niet meer door art. 2 Politiewet en art. 141 Sv gelegitimeerde - inbreuk is gemaakt, beantwoord aan de hand van de frequentie, de duur, de plaatsen, de methoden,