Voortgezette handeling van medeplegen invoer van cocaïne (art. 2.A Opiumwet) en deelnemen aan criminele organisatie (art. 140.1 Sr). 1. Beroep op niet-ontvankelijkheid OM in vervolging wegens het op onjuiste wijze wijzigen van dagvaarding. 2. Had Hof aan vastgestelde schending va
Opiumwet
Art. 1 Opiumwet
Genoemd in 264 uitspraken · Officiële wettekst
264 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Medeplegen van invoer cocaïne ex art. 1.4 Opiumwet. Het hof heeft uit zijn vaststellingen zonder miskenning van art. 1.4 Opiumwet en niet onbegrijpelijk, kunnen afleiden dat verdachte welbewust handelingen heeft verricht die gericht waren op het binnen het grondgebied van NL bren
Medeplegen van (verlengde) invoer van cocaïne vanuit Colombia via België (waar politie grootste deel van 3.800 kilo cocaïne uit container haalt) naar Nederland (art. 2.A Opiumwet) en medeplegen van vervoer van die hoeveelheid cocaïne (art. 2.B Opiumwet). Bewijsklacht “zeer grote
Medeplegen invoer hasj door auto te huren voor verder vervoer van hoeveelheden van dat middel binnen Nederland, art. 11.4 Opiumwet. 1. Beroep op overschrijding redelijke termijn in h.b. 2. Bewijsklacht binnen grondgebied van Nederland brengen. Is term “handeling” a.b.i. art. 1.4
Opzettelijke uitvoer van hennep en hasj naar Duitsland (meermalen gepleegd), art. 3.1.A Opiumwet. Bewijsklachten opzettelijk “buiten grondgebied van Nederland brengen” a.b.i. art. 1.5 Opiumwet. 1. Kon hof oordelen dat verdachte opzet had op vervoer naar Duitsland van de door hem
Huisvredebreuk. Grondslagverlating? De tll. is toegesneden op art. 138 Sr. Zij behelst het verwijt dat verdachte wederrechtelijk is binnendrongen in een besloten lokaal in gebruik bij Albert Heijn XL. Het Hof is tot een bewezenverklaring gekomen, maar heeft verdachte vrijgesproke
EAB Polen, executie van een straf van een met een Nederlander gelijkgestelde onderdaan van Polen.Op 24 januari 2014 is gevorderd het Poolse Europees Aanhoudingsbevel (EAB) in behandeling te nemen. Tot twee keer toe heeft de Internationale Rechtshulpkamer (IRK) te Amsterdam aanlei
Onderzoek Lancashire. Hof legt gevangenisstraf van 45 maanden op wegens grootschalige handel in drugs via Darknet Market Silk Road, en gewoontewitwassen. Handel in bitcoins.
Leiding geven aan een organisatie die zich bezighield met de invoer van harddrugs in Nederland, als bijlading van reguliere transporten. Ook in een zeecontainer te Antwerpen verborgen heroïne geldt als ingevoerd in Nederland, nu de haven van Antwerpen voor een zeeschip slechts be
Het oordeel van het hof dat de zaak in hoger beroep moet worden berecht met inachtneming van het eerdere tussenarrest — in casu inzake verwerping van het beroep op niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie — is onjuist.
Voorbereidingshandelingen ex art. 10a Opw. De HR heeft in HR LJN ZD0697 o.g.v. de wetsgeschiedenis van art. 10a Opw aangenomen dat een voorbereidingsdelict a.b.i. art. 10a.1 sub 2 of 3 Opw ook strafbaar is als daarop het misdrijf a.b.i. art. 10.3 of 10.4 Opw is gevolgd. Daarom is
Preparaat a.b.i. art. 1 Opw en de term bewerken a.b.i. art. 2 Opw. ’s Hofs oordeel dat de in de bewezenverklaring bedoelde Acacia Mixture (verbrokkelde DMT bevattende acaciabladeren vermengd met passiebloem of enig ander product) is aan te merken als preparaat in de zin van de Op
Onderzoek Vidar. Medeplegen poging tot uitvoer van cocaïne (art. 2.A Opiumwet). Bewijsklacht poging, begin van uitvoering a.b.i. art. 45.1 Sr. Kan uit bewijsvoering begin van uitvoering van buiten grondgebied van Nederland brengen van cocaïne worden afgeleid? O.g.v. art. 1.5 Opiu
Conclusie AG. Onderzoek Vidar. Medeplegen van (voorbereidingshandelingen ten behoeve van) in- en uitvoer van verdovende middelen, van handel daarin en van gewoontewitwassen. Deelname aan criminele organisatie. Middelen over (rechtmatigheid) van inzet van criminele burgerinfiltran
Caribische zaak. Medeplegen van opzettelijke invoer van marihuana (art. 4.1 jo. 11.2 Opiumwet 1960 BES) en van voorhanden hebben van munitie (art. 3.1 jo. 11 Vuurwapenwet BES) op Bonaire. Motivering van beslissingen inzake voorlopige hechtenis. 1. Bewijsklacht opzet op invoer van
Conclusie AG. Afwijzing verzoek tot het horen van getuigen. De AG stelt zich op het standpunt dat het hof bij de afwijzing ten onrechte het noodzaakcriterium heeft toegepast gelet op de in HR 1 juli 2014, ECLI:NL:HR:2014:1496 geformuleerde uitgangspunten. De conclusie bevat daarn
1. Afwijzing verzoek tot uitwerking van pv’s eerdere terechtzittingen vóór vastgestelde datum pleidooi en requisitoir, althans tot aanhouding onderzoek teneinde eerst de pv’s te voltooien. 2. Geen grondslagverlating. Tenlastelegging: medeplegen opzettelijk binnen het grondgebied
OM-cassatie en cassatie verdachte. Vrijspraak t.z.v. medeplegen uitvoer van 10 pakketten cocaïne en medeplegen poging tot uitvoer van 20 pakketten cocaïne (art. 2.A Opiumwet). Veroordeling t.z.v. medeplegen verkopen van 10 pakketten cocaïne (art. 2.B Opiumwet) en medeplegen aanwe
Conclusie AG. Onderzoek Vidar. Medeplegen poging en daadwerkelijke uitvoer van verdovende middelen. Falende middelen over i) verwerping van verweer strekkende tot bewijsuitsluiting vanwege ‘uitlokking’ door criminele burgerinfiltrant en ii) ‘begin van uitvoering’ in het kader van
Medeplegen van verlengde uitvoer van een zeer grote hoeveelheid MDMA naar Engeland (art. 2.A Opiumwet), medeplegen van uitvoer van een grote hoeveelheid LSD naar Zuid-Afrika (art. 2.A Opiumwet), medeplegen invoer grote hoeveelheid hennep uit Zuid-Afrika (art. 3.A Opiumwet) en aan
Conclusie AG over o.m. de vraag of uit de bewijsmiddelen kan worden afgeleid dat de verdachte betrokken is geweest bij de (verlengde) invoer van cocaïne in Nederland. Conclusie strekt tot verwerping van het beroep.
De verdachte heeft samen met zijn medeverdachten via de Rotterdamse haven ongeveer 278 kilogram cocaïne in Nederland ingevoerd en strafbare voorbereidings-handelingen verricht voor het verdere vervoer van die cocaïne. Het hof veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor
Uitvoer tientallen kilo’s softdrugs en bevoorrading coffeeshops in Groningen. Consultatierecht geschonden indien verdachte verzoekt een raadsman van eigen keuze te consulteren voorafgaand aan eerste politieverhoor, terwijl piketadvocaat is verschenen? HR: art. 81.1 RO. CAG: Consu
Veroordeling wegens medeplegen valsheid in geschrift, meermalen gepleegd (art. 225 Sr), medeplegen uitvoer drugs (art. 2A/3A OW), (mede)plegen gewoontewitwassen (art. 420ter Sr) en als leider deelnemen aan criminele organisaties (artt. 11b OW en 140 Sr). 1. Klacht dat verdediging
Onderzoek Vidar. Inzet criminele burgerinfiltrant. Oordeel over rechtmatigheid van inzet en betrouwbaarheid van CBI. Bespreking Tallon-criterium en andere vormverzuimen. Verdachten zijn veroordeeld voor feiten die verband houden met (voorbereidingshandelingen van ) internationale