Geschil tussen ongehuwde vader en moeder over gezamenlijk gezag over hun minderjarig kind; niet-ontvankelijkheid op grond van art. 1:252 BW een ongeoorloofde beperking van het door art. 6 lid 1 EVRM aan de vader gegarandeerde recht op toegang tot de rechter ter vaststelling van z
Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens
Art. 8 EVRM
Genoemd in 9.869 uitspraken
9.869 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 25 · live
Adoptie. Vervolg op HR 24 januari 2003, NJ 2003, 386. Geschil tussen de moeder van een minderjarig kind, samen met haar partner, en de biologische vader – zaaddonor – van het kind over zijn verzet tegen de door hen verzochte (stiefouder)adoptie; is de man ‘ouder’ in de zin van ar
Werknemer maakt gevraagd naar witte vlek in c.c. tijdens sollicitatie geen melding van zedendelict en TBS. Buitengerechtelijke vernietiging wegens dwaling dan wel beëindiging op staande voet wegens dringende reden. Geen wederzijds goedvinden. In casu voorts geen dringende reden.
- omkering bewijslast, - ernst van het verzuim.
- omkering bewijslast, - ernst van het verzuim.
Verzoek om gezamenlijk gezag als bedoeld in art 1: 253c lid 3 BW moet volgens appellant worden ingediend bij de kantonrechter en niet bij de rechtbank. Hof oordeelt dat dit een kwestie is van sectorcompetentie die niet afdoet aan absolute competentie van de rechtbank.
Letselschadezaak. Medisch dossier niet naar advocaat van verzekeringsmaatschappij.
Voorlopig deskundigenonderzoek. Medisch adviseur wederpartij moet inzage krijgen in het medisch dossier van verzoekster.
Echtscheiding; verweer op grond van godsdienstige overtuiging dat het huwelijk onontbindbaar is (art. 10 Grw., art. 8 EVRM en art. 17 IVBPR); 81 RO.
Ouderlijk gezag over minderjarige kinderen, eenhoofdig gezag van de moeder, verzoek van de vader om gezagswijziging op de voet van art. 1:253c lid 2 BW, maatstaf: belang van het kind; rechtvaardigingsgrond inbreuk op “family life” van de moeder in het licht van art. 8 lid 2 EVRM.
AWR, omkering bewijslast, gedeeltelijk; overlegging stukken.
9 september 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R04/076HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De vrouw], wonende te [woonplaats], VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n [De man], wonende te [woonplaats], VERWEERDER in cassatie, advocaat: mr.
De Wet geeft pleegouders geen recht een verzoek in te dienen tot (verlening van de) plaatsing of terugplaatsing van hun pleegkind bij hen. Dit is in strijd met art. 6 en art. 8 EVRM. De pleegouders zijn ontvankelijk verklaard.
Omgang tussen grootouders en kleinkind. Verzoekers zijn ontvankelijk in hun verzoek gelet op de bijzondere omstandigheden van het geval maar omgang is thans niet in belang van de kinderen.
Eenzijdig verzoek om gezamenlijk gezag van vader die nimmer met de moeder gehuwd is geweest en die nimmer het gezag samen met de moeder heeft uitgeoefend is ontvankelijk cfm HR 27-5-05 R 2005,78. Maatstaf is of het gezamenlijk gezag in het belang van kind wenselijk is, art 1:253c
[...] 2.1. Het verzoek van de vrouw strekt tot ontkenning van het vaderschap van de inmiddels overleden juridische vader, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad. [...] 3.11. Daarmee komt de rechtbank toe aan beantwoording van de vraag of in dit geval een voldoende rechtvaa
Het verschoningsrecht ex art. 217.3 Sv strekt tot bescherming van het tussen de in dat voorschrift bedoelde partners bestaande "family life" ex art. 8 EVRM. Door dit recht wel aan gehuwde en geregistreerde partners, maar niet aan andere partners toe te kennen, ook niet als die pa
27 mei 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R04/088HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De vader], wonende te [woonplaats], VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. L. van Hoppe, t e g e n [De moeder], wonende te [woonplaats], VERWEERSTER in cassatie, niet verschenen.
13 mei 2005 Eerste Kamer Nr. C04/014HR RM/JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: CORPORATE VALUE ASSOCIATES B.V., gevestigd te Amsterdam, EISERES tot cassatie, advocaat: mr. C.B. Schutte, t e g e n DE STAAT DER NEDERLANDEN (Ministerie van Financiën), gevestigd te 's
8 april 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R04/006HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De man], wonende te [woonplaats], VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n DE GEMEENTE EDAM-VOLENDAM, gevestigd te Volendam, VERWEERSTER in cassatie, advoca
Ontbreken paspoort / aantonen familierechtelijke relatie / motivering artikel 8 EVRM. Eiseres heeft op grond van het wettelijk kader en het beleid geen recht op een verblijfsvergunning maar omdat haar het ontbreken van een mvv niet wordt tegengeworpen en sprake is van inmenging,
14 januari 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R04/082HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De vader], wonende te [woonplaats], VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. J. Groen, t e g e n [De moeder], wonende te [woonplaats], VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. M.L
3 december 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/145HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: 1. [Verzoekster 1], wonende te [woonplaats], 2. [Verzoeker 2], wonende te [woonplaats], België, 3. [Verzoeker 3], wonende te [woonplaats], Zwitserland, VERZOEKERS tot cassatie
3 december 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/145HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: 1. [Verzoekster 1], wonende te [woonplaats], 2. [Verzoeker 2], wonende te [woonplaats], België, 3. [Verzoeker 3], wonende te [woonplaats], Zwitserland, VERZOEKERS tot cassatie
Eiser, verdacht van de moord op Theo van Gogh, heeft met dit kort geding willen voorkomen dat zijn foto wordt uitgezonden in het programma 'Opsporing Verzocht'. Zijn vordering wordt afgewezen omdat het belang van opsporing in dit geval zwaarder moet wegen dan het belang van eiser